Biografie en Trein Der Traagheid

Johan Daisne of de Vlaamse Dostojewski

Johan Daisne of de Vlaamse Dostojewski

De auteur, filmcriticus, scenarist, poëet, Bibliothecaris, Redacteur, Administrateur, reiziger, mens… Hij die het magisch realisme introduceerde in de Nederlandse literatuur, die ons een oeuvre schonk van 60 verhalen, 20 dichtbundels, 9 romans, 6 verhalenbundels, 6 hoorspelen, 4 toneelstukken, 20 boeken over film, een studie over Pierre Benoit, 20 werken met reportages en beschouwend proza en een geschiedenis van de Russische literatuur…. Kortom Johan Daisne. De beste Vlaming in zijn genre.


Wie?

Johan Daisne (2/9/1912--9/8/1978)
De auteur Johan Daisne werd geboren als Herman Thiery op 2 september 1912 in de Rabotstraat te Gent, als spruit van een normaalschoollerares en een onderwijzer (afkomstig uit een oud Frans Adellijk geslacht).

Johan Daisne werd de wereld onttrokken te Gent, op 9 augustus 1978.

Zijn jeugd verliep normaal. Op zijn veertiende liep hij school op het Koninklijk Atheneum, richting Humaniora, waar hij vier jaar bleef, tot hij ziek werd. Ten gevolge zijn ziekte besloot hij de schoolbanken achter zich te laten en hij vond werk als kantoorbediende, wijl hij zich voorbereidde om aan een toelatingsexamen aan de Gentse Universiteit mee te doen. Hij slaagde daar in en studeerde vervolgens Economie waarin hij in 1936 promoveerde.

Herman was dol op reizen, en het verwonder dan ook niemand dat hij in die tijd al enkele Scandinavische landen bezocht had, evenals Engeland. In 1935 besloot hij eens studiereis onder leiding van de Nobelprijswinnaar Jules Bordet te maken in Rusland.

Werk en leven

Hij volbracht zijn legerdienst, was daarna een tijdje studiemeester op het Atheneum te Gent, vervolgens directeur bij de Landsbond der Bouwbedrijven tot hij tegen het einde van WO2 genoodzaakt werd onder te duiken. Hij werd als Luitenant gedetacheerd bij het Krijgsauditoraat te Gent bij de bevrijding.

In 1944 huwde hij zijn liefde Polly Van Dijck en betrok met haar een woning te Schaarbeek (Brussel). In hun huwelijksjaar werd het jonge paar gezegend met de geboorte van een dochterje, Fréderique, dat ze helaas amper drie maand later al moeten afgeven. Dit verlies zal de auteur in spé tekenen voor zijn hele leven? Later krijgen ze wel nog een zoontje, maar het huwelijk is niet bestand tegen de toenemende druk en strand.

(1945-1977) werd hij Hoofdbibliothecaris in de Gentse stadsbibliotheek.

In 1957 huwt hij voor de tweede keer, met Marthe Kinaupenne.

Uit zijn journalistieke werken werd een selectie gemaakt die verscheen als bundel. Een voorbeeld daarvan is ‘Met een inktvlek geboren ‘uit 1961.

Er bestaan ook enkele gehoorspelen, toneelstukken en filmscenario’s van zijn hand waaronder:
  • De charade van Advent uit 1942,
  • De liefde is een schepping van vergoding uit 1946,
  • bestaande uit Veva,
  • Tine van Berken,
  • Het zwaard van Tristan,

Hij schreef het viertalige "Filmografische lexicon der wereldlitteratuur" dat uit drie delen bestond: namelijk --> 1971, 1975 en 1978. Echte Daisne fans noemen deze werken eerbiedig ‘zijn levenswerk.’

De auteur

  • Daisne was redacteur van verschillende tijdschriften waaronder "Werk" en het "Nieuw Vlaams Tijdschrift"
  • Hij was mede oprichter van “Klaver(en) drie", een nieuw poëzietijdschrift?
  • Hij was Administrateur van de Belgische Film-o-theek,

Poëzie

  • Hij debuteerde als auteur met een poëziebundel die hij ‘Verzen’ gedoopt had in 1935.
  • Later volgen de bundels:
  • Het einde van een zomer uit1940,
  • Ikonakind uit 1946,
  • Het kruid-aan-de-balk, uit 1953,
  • De nacht komt gauw genoeg, uit 1961
  • en na zijn dood het postuum verschenen ‘Gepijnde honing’.

Romans

In zijn Romans introduceerde Daisne een nieuwe stijl in de Nederlandse literatuur die ‘Magisch realisme’ gedoopt werd. Een stijl die erg aansprak, (mij ook en nog). De Nederlandse Literatuur kreeg een boost met deze nieuwe inval. Magisch realisme doelt namelijk op het weergeven van de wereld in een zienswijze die droom aan werkelijkheid lijmt, en voortdurend op die magische lijn balanceert van wat kan- bovennatuurlijk- en andere dimensies.
Zijn debuut in deze nieuwe stijl en meteen ook zijn eerste roman is ‘Trap van Steen en wolken’ uit 1942.

Andere hoogtepunten in deze stijl zijn:
  • De man die zijn haar kort liet knippen uit 1947
  • En De trein der traagheid uit 1953 (weliswaar zijn bekendste werk denk ik)

Daisne verwerkt veel biografische elementen in zijn verhalen. Zijn romans ‘de neusvleugel der muze uit 1959 (waar hij zijn kijk op de wereld beschrijft) en ‘Hoe schoon was mijn school’ uit 1961 (waar hij zijn wedervaren als leraar beschrijft) zijn hier schoolvoorbeelden van.

Een van mijn persoonlijke favorieten buiten de trein der traagheid dateert uit 1962 en is getiteld ‘Baratzeartea’. Een verhaal waar realiteit, droom, fictie, waarheid en menselijkheid elkaar op zo een manier doorkruisen dat je meer dan waardering moet opbrengen voor de auteur, wanneer je merkt dat hij er toch weer in slaagt alles (en zijn personages) op een geloofwaardige manier bij elkaar te brengen.

Nog een roman in deze doorkruisreeks is ‘Ontmoeting in de zonnekeer’ Hijzelf noemt dit werk zijn ‘anti-Simenon roman.’ Waar ik mij als ook Simenon liefhebber niet achter schaar natuurlijk.

In 1980, twee jaar na het overlijden van Johan Daisne, werd er een herdenkingstentoonstelling opgericht door het Genste Willemsfonds in het Pand (Onderbergen 1) van de Gentse universiteit.

Dit gebeurde naar aanleiding van de schenking van Dainnes integrale filmcollectie aan de Centrale Bibliotheek van de Gentse universiteit. De tentoonstelling liep van 1 tot en met 19 oktober.

In 1993 werd ‘het Studiecentrum Johan Daisne’ opgericht. Rik Lanckrock, inspirator en medestichter werd eerste voorzitter.
In 1994 was er een filmretrospectieve van Johan Daisne te Gent die liep van september tot oktober. Deze happening verliep onder de redactie van Sylvia van Peteghem en liep over 10 films in 10 bioscopen te Gent. Er werd ook een catalogus gepubliceerd.

Ter herinnering van 25 jaar overlijden werd er op 24 augustus 2003 een studiedag en een academische zitting geouden ter ere van Daisne door de Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde in samenwerking met het Studiecentrum Johan Daisne.

Een korte samenvatting (greep) van zijn oeuvre:,

1. 20 dichtbundels (plus 3000 gedichten),
2. 60 verhalen
3. 9 romans en novellen (waarvan verschillende in individueel uitgegeven werden, andere verschenen in zes verhalenbundels),
4. 6 hoorspelen,
5. een studie over Pierre Benoit
6. 4 toneelstukken
7. 20 boeken over film,
8. 20 andere werken waaronder reportages en beschouwend proza,
9. een geschiedenis van de Russische literatuur….

Leuk om weten

  • Bijna alle romans van zijn hand werden vertaald in verschillende talen, waaronder Frans, Italiaans en Duits bijna als normaal werden aanzien;Zijn werken werden vertaald in MEER DAN 15 TALEN.
  • Zijn ‘Trein der Traagheid ’is meer dan 20 keer in herdruk gegaan, in verschillende talen.
  • De trein der traagheid werd verfilmd door André Delvaux met hoofdrolspelers die aanzien worden als iconen van het witte doek, zijnde, Yves Montand en Anouk Aiméée, wat het verhaal in populariteit enkel deed stijgen.
  • De trein der traagheid staat nog steeds hoog genoteerd op de Nederlandse literatuurlijsten, maar is helaas al ettelijke jaren niet meer te verkrijgen. Behalve in de uitgave van ‘het laatste nieuws’ en ‘Uitgeverij Manteaux’ als deel 30 (en tevens de 9de druk bij Manteaux.)
  • Hij won tot twee maal toe de staatsprijs.
  • Ze noemen Daisne wel eens de Vlaamse Dostojewski.
  • De man die zijn haar kort liet knippen werd verfilmd met Senne Rouffaer in de hoofdrol. Dit werk sleepte ettelijke prijzen in de wacht waaronder de August Beernaertprijs van de Koninklijk Academie voor Taal- en Letterkunde in1951.
  • Het zwaard van Tristan kreeg de driejaarlijkse staatspijs voor toneel in 1946.
  • Lago Maggiore, een optimistisch boek uit 1957 dat hij schreef na een zware ziekte, verdiende de Arthur Merghelinckprijs van de Koninklijk Academie voor Taal- en Letterkunde in 1958.
  • De neusvleugel der muze kreeg hij driejaarlijkse Staatsprijs in 1960.
  • De stad Minden in Duistland wees hem den Internationale Koggeprijs toe in 1967 voor zijn volledige Oeuvre;

Bibliografie

(een greep):

Reportages
  • Stof op het Kremlin (1935)
  • De Hollandse reis (reportage en gedichten, 1947)
  • Reisebilder uit bezet Duitsland (1948)

Poëzie
  • Breuken herleiden (1936)
  • Verzen (1936)
  • Afreacties en funderingen ( 1937)
  • De bronzen ruiter (gedichten van Poesjkin uit het Russisch vertaald, 1937)
  • Kernamout (1938)
  • Het einde van een zomer (1940)
  • Hermina-uit-de-storm (1944) is opgedragen aan zijn eerste vrouw
  • Drie-hoog-voor (1945)
  • Tale quale, zoals het reilt (1945)
  • De nacht staat op een kier (1946)
  • Drie verzen maar, mijn Fred... (1946)
  • Ikonakind (1946) is opgedragen aan Frédérique, zijn op drie maand oud gestorven dochtertje.
  • Zevenreizenboek (1947)
  • Het kruid-aan-de-balk (1953)
  • De nacht komt gauw genoeg (1961)
  • Ik heb u alles gegeven (bloemlezing uit 1962)
  • Poëtisch gastmaal (1964)
  • De droom is een herinnering van wat nimmer is gebeurd (1965)
  • De Engelse groetenis (1967)
  • Verzamelde gedichten (, 1978)
  • Gepijnde honing (1978)

Verhaal
  • Gojim (1939) (herdrukt met "Zuster Scharon" in 1968)
  • Aurora (1940)
  • Maud Monaghan (1940)
  • Renée (1940)
  • Egbertha in de onderwereld (1948)
  • Twee schelpen (1949)
  • De wedloop der jeugd (1950)
  • Het eiland in de Stille Zuidzee (1949) (In 1963 herverschenen in een aangevulde versie met de titel "Venezy")
  • ijn stamboomverhaal (1956)
  • De vierde engel (1958)
  • Grüss Gott (1958)
  • De schone van nooit weer (1960)
  • Veritza (1962)
  • Venezy (herziene uitgave van "Het eiland in de Stille Zuidzee" uit 1963)
  • De zoete smaak van de zee (1963)
  • De trein der traagheid (verhaal uit de bundel ;’Met dertien aan tafel’ uit 1963)
  • Pavane (1964)
  • Veva (verhaal uit de bundel :’Zes domino's voor vrouwen’ uit 1966)
  • Dossier nr. 20.174 (verhaal uit de bundel: ‘Met dertien aan tafel’, 1966)
  • Gent, schoonschrift der Leie (schets der Gentse letteren, 1965)
  • Mijn levensliedje (muzikale herinneringen, 1965)
  • Zuster Sharon (1967)
  • Dieter, of wanneer de wapens weigeren (1969)

Verhalenbundels
  • Zes domino's voor vrouwen (1944) (waaronder: Raissa, Aurora, Renée, Maud, Agnes, Veva)
  • Schimmen om een schemerlamp (1947) (waaronder: Kachels, "Uit het kleine, 't grote", Kameraad Tsjikokoekawa, Darjal Hananapur, Het schilderij van Lucio de Ferri, Van de spoken die wij zijn, Gavotte du temps jadis, "Hof ter Meren", Het testament van Dr. Mabuse, Rare mémoires, De grote Johannes, Bezsonov, Heer zijn wij de trein die rijdt of de trein die stilstaat?!, Kortsluiting in een schrijfmachine, Dobbelstenen, De dood op de motorfiets, De Tempel der Gebroken harten (hoorspel), Het portret (hoorspel))
  • Met dertien aan tafel, of kwalzilver met schepgoud (met ondermeer "De trein der traagheid" en "De Madonna met de bebloede lippen")
  • De vier heilsgeliefden (1955) (waaronder Edl. De heilsgeliefde, Benetrix. De gouden spijker, Morhanita. Het bekken der vaas, Amoëne. Het hemd)
  • Mijn voorouders (In "Familiealbum- Vlaamse auteurs schrijven over hun voorouders", uit 1955
  • Met een inktvlek geboren (verzameling aforismen, boutades e.d., 1961)
  • De wedloop der jeugd (1964) (omvattend: De wedloop der jeugd, Het venster op het leven, De fan)
  • Charaban (1965) (waaronder: De Lievevrouw en de lichtmis, Joeki Pipi, De vierde engel, De Schone van nooit weer, De bloem en de mens, Vijand zoete vriend, Veritza, Boek en pij, Van de blonde dingen die blijven, De zoete smaak van de zee, Pavane)
  • Met zeven aan tafel (1967) (waaronder: Winterrozen voor een kwakzalver, Egbertha in de onderwereld, De man die zichzelf belde, Verrijzenis, Oswiecim, De ogen in het wiel, De madonna met de bebloede lippen)
  • Twee schelpen en wat gruis (1967) (waaronder: Twee schelpen, De eeuwige geschiedenis, Résidence Familia, Solsitiale, Weeskind van het lot, De regisseur, De al te mooie onbekende, Kapper des konings, Dolf)
  • Gojim + Zuster Sharon (1968)
  • Daisneomnibus (1974) (waaronder: De trap van steen en wolken, Gojim, De dood op de motorfiets, De trein der traagheid, Dossier nr. 20.174, De heilsgeliefde, Boek en pij, Pavane)
  • Winterrozen voor een kwakzalver (1976) (waaronder: Winterrozen voor een kwakzalver, Dossier nr. 20.174, Verrijzenis, Oswiecim, Kachels, De dood op de motorfiets, De wedloop der jeugd, Gojim)
  • De bese verhalen van Johan Daisne (1987)
  • Mijn huis droom en werkelijkheid (algemene anthologie, met verhalend proza, essays, filmatiek en poëzie, 1998)

Toneel
  • De charade van Advent (1942)
  • De liefde is een schepping van vergoding (Trilogie, 1946) (waaronder: Veva, Het zwaard van Tristan, Tine van Berken)

Romans
  • De trap van steen en wolken (1942)
  • De man die zijn haar kort liet knippen (1948)
  • Lago Maggiore (1957)
  • De neusvleugel der muze (1959)
  • Hoe schoon was mijn school: de roman van een leraar (1961) werd geïllustreerd door Oscar Bonnevalle)
  • Baratzeartea, een Baskisch avontuur of de roman van een schrijver (1962)
  • Als kantwerk aan de kim (1965)
  • Reveillon-reveillon (1966)
  • Ontmoeting in de zonnekeer (1967)

Hoorspelen
  • De man die zichzelf optelefoneerde (lees-en luisterspel, 1947)
  • Katten en honden sterven als kinderen (1952) (In "Zes Vlaamse novellen")
  • Het geluk (1966)

Studies
  • De nieuwe dichtersgeneratie in Vlaanderen (1940)
  • De Russische literatuur (, 1945)
  • Moskou 800 jaar (1947)
  • Van Nitsjevo tot Chrorosjo (10 eeuwen Russische literatuur (1948)
  • De vrede van Wroclaw, of een proeve van spijkerschrift op het Ijzeren Gordijn (1949)
  • Losse beschouwingen over het dossier van het magisch realisme (1949)
  • Russische namen in het Nederlands ( 1956)
  • ’t En is van u hiernederwaard (1956)
  • Versleer in vogelvlucht (anti-experimentele les, 1956)
  • Pierre Benoit, of de lof van de roman romanesque (1960)
  • Tine van Berken, of de intelligentie der ziel (levens- en karakterschets, 1962)

Essays
  • In memoriam Robert Mussche (1946)
  • Roman en leven (1951)
  • Wat is magisch-realisme. Letterkunde en magie (1958)
  • Gaat de roman ten onder (met H. Teirlinck (1959)
  • Dagboekpoëzie (1964)
  • Afscheid van de dag (1965)
  • Ganzeveer en kogelpen (1965)
  • De droom maakt alles waar (1977)

Filmatiek
  • Bidsnoer voor de heroïsche film, of het daglicht in de toverlantaarns (1947)
  • Hedendaagse filmkunst (1948)
  • Kritiek van de kinematograaf (, 1950)
  • Kroonfilms van altijd (1950)
  • Florence en de film, of een blozende lelie als brandmerk (1951)
  • Filmatiek, of de film als levenskunst (1956)
  • Lantarenmuziek (, 1957)
  • Feest van de film (1958)
  • Film en tijd (1958)
  • Zien en zijn (1960)
  • A pocketfull of miracles (1962)
  • De bioscopiumschuiver (1963)
  • Judex (1964)
  • Greta Garbo, een droom die heeft geademd (, 1965)
  • Fringilla (1967)
  • Filmografisch lexicon der wereldliteratuur, deel 1 (1971)
  • Filmografisch lexicon der wereldliteratuur, deel 2 (1975)
  • Filmografisch lexicon der wereldliteratuur, supplement (1978)
  • Bloed op het witte doek (1978)
  • Over oude en nieuwe rolprenten: de dingen die niet voorbijgaan (1980)

Anderen:
  • De geboorte (filmscenario, 1968)
  • Trefwoorden (aforismen, 1975)
© 2006 - 2010 Salu, gepubliceerd in Biografie (Kunst en Cultuur) op 30-12-2006. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Salu is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen


Reageer op het artikel "Johan Daisne of de Vlaamse Dostojewski"


Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.