Diversen en Gelukssymbolen

Gelukssymbolen: de Lachende en de Huilende Boeddha

De Lachende Boeddha brengt geluk en blijheid; de Huilende Boeddha houdt het kwaad buiten de deur en neemt je zorgen en onzekerheden weg. Beide beelden brengen volgens de Oosterse legenden geluk en bescherming.


Pu-Tai-Ho-Shang

Pu-Tai-Ho-Shang was een Chinese zenmeester die volgens de legende geheel zorgeloos en gelukkig door China rondtrok om het Boeddhisme te verspreiden. Hij werd vaak omringd door kinderen en werd geëerd vanwege zijn enorme blijdschap en gulheid, wat hem ook de bijnaam Lachende Boeddha opleverde. Hij wordt vaak voorgesteld als een dikbuikige kale en lachende Boeddha met lange oorlellen. Zijn dikke buik doelt op levenskracht en tevredenheid. Hij wordt veelal zittend afgebeeld. Vaak draagt hij ook iets bij zich, bijvoorbeeld een goudklomp, wat staat voor financieel geluk, of een zak, het symbool voor zoeken naar jezelf en reizen. Soms houdt hij een parel vast, wat staat voor kracht en bescherming. Ook wordt hij soms begeleid door kinderen, wat een teken van vruchtbaarheid is.

Cadeau en geluk

De Lachende Boeddha wordt vaak cadeau gegeven. Het gebaar van het geven kent het beeld zijn waarde toe. Maar men kan zichzelf natuurlijk ook een Boeddha cadeau geven, mits dit wordt gedaan met goede bedoelingen en er goed mee wordt om gegaan. Zo behoort men het beeld met het gezicht naar de deur en niet op de grond te plaatsen. Als men hem af en toe ook over zijn buik wrijft, schijnt hij nog meer geluk te brengen.

Wrijft men de Lachende Boeddha over zijn buik, de Huilende Boeddha wrijf je over zijn rug. Dit geeft de persoon meer zelfvertrouwen. De Huilende Boeddha, oftewel de Yogiman, oftewel Orang Malu, vindt zijn oorsprong in India en Indonesië. De legende vertelt dat hij zich zo geneerde voor alle ellende die de mensheid had veroorzaakt dat hij een leven van meditatie koos. Huilend om het leed van de aarde zat hij voorovergebogen in lotushouding met zijn handen zijn hoofd bedekkend. Toch is hij in zijn hart gelukkig, omdat hij zichzelf gevonden heeft. Orang Malu betekent bescheiden mens.

Als je naar zijn rug kijkt, zie je de vorm van een mensenhart. Dit staat voor energie en levenskracht. Kijk je juist naar de voorkant, dan kun je zijn lachend gezicht zien. Het symbool voor wedergeboorte en goedheid. Zijn handen zijn dan zijn tanden, zijn hoofd nu zijn neus en zijn oren zijn ogen. De zijkant is als een foetus, wat staat voor reinheid en een nieuw begin. De Yogiman beschermt het huis tegen kwaad. Men moet de Yogiman zo plaatsen dat zijn gezicht naar de voordeur van het huis wijst.

Beide Boeddhabeelden worden wereldwijd veel gekocht en cadeau gegeven als gelukssymbool. Hopend op een beetje meer geluk en bescherming.
© 2009 - 2010 Caltha, gepubliceerd in Diversen (Kunst en Cultuur) op 30-01-2009. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Caltha is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen


Reageer op het artikel "Gelukssymbolen: de Lachende en de Huilende Boeddha"


Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.