Feestdagen en Vlam

Chanoeka: de ziel van de mens is de lamp van God

De lampen van de menora worden gezien als de vertegenwoordigers van de zielen van Israël, en de verschillende wetten die de constructie van de menora en het lichten van de lampen regelen worden uitgelegd door de chassidische meesters als instructief van de aard en structuur van het volk israël, de manier waarin het potentieel van de menselijke ziel wordt aangestoken, de plichten van de 'lampenaansteker', en een aantal andere inzichten.


De stichting van de menora/volks lamp/ ziel vergelijking is Koning Salomons verklaring in het Boek Spreuken: "Een lamp van God, de ziel van de mens". De stichter van Chabad Chassidisme, Rabbi Schneur Zalman van Liadi, delft in deze metafoor, en vindt in de componenten van de fysieke lamp een gedetailleerde anatomie van de menselijke ziel. Het volgende is gebaseerd op Zalmans analyse en vervolgens opgeschreven door latere rabbijnen van de Chabad.

De vlam: tegengestelde inspanningen

De vlam stroomt opwaarts alsof het zichzelf los wil trekken van de pit en zichzelf wil verliezen in de grote energie die de hemelen omgeeft. Maar zelfs als het zich naar de hemel strekt, trekt het zich al terug, en klemt zich vast aan de pit en drinkt dorstig de olie in de lamp -olie dat zijn contimue bestaan als een individuele lamp handhaaft. En het is deze spanning van conflicterende energie dat licht produceert.

Ook de ziel verlang naar voortreffelijkheid, verlangt vrij te zijn van de verstrikking van het materiële leven en een hereniging met zijn Schepper en Bron te verkrijgen. Op hetzelfde ogenblik, echter, wordt het ook aangedreven door een wil om te zijn -een wil om een fysiek leven te leiden en een stempel te drukken op de fysieke wereld. In de "lamp van God" is de mens, die tegengestelde krachten samenkomen in een vlam dat zijn omgeving verlicht met Goddelijke energie.

De ziel van de mens is de lamp van God
De ziel van de mens is de lamp van God

De ingrediënten

Hoe wordt een lamp opgewekt en onderhouden? Door middel van een lamp, bestaande uit olie, een pit en een kandelaar die ze bevat zodat de olie wordt gevoed door de pit naar een brandende vlam. Olie en een pit zijn brandbare substanties. Maar beiden zouden zelf geen licht kunnen produceren met de efficiëntie en stabiliteit van de lamp. De pit, indien aangestoken, zou even opvlammen en dan doven. En de olie is sowieso moeilijk om aan te steken. Maar wanneer de olie en de pit samen worden gebracht, brengen ze een gecontroleerd en stabiel licht voort.

De ziel van de mens is een lamp van God wiens doel in het leven is om de wereld met Goddelijk licht te verlichten. God verschaft ons met de 'olie' dat Zijn licht opwekt -de Tora en zijn mitswot, die Zijn wijsheid en wil bevatten en Zijn lichtgevende waarheid voortdraagt.

De Goddelijke olie vereist een 'pit' -een fysiek lichaam- om zijn substantie te kanaliseren en het om te zetten in een verlichtende vlam. De Tora is de Goddelijk wijsheid; maar om de Goddelijke wijsheid in onze wereld te manifesteren moeten er fysieke geesten zijn die dat bestuderen en begrijpen, monden die erover debateren en het onderwijzen en media die het publiceren. De mitswot zijn de Goddelijke wil; maar om de Goddelijke wil in onze wereld te manifesteren, moeten er fysieke handen zijn die het verwezenlijken en fysieke materialen waarmee het wordt verwezenlijkt.

En zoals de Goddelijke olie geen licht kan produceren zonder een materiële pit, zo kan een pit niet zonder olie. Een leven zonder Tora en de mistwot, hoewel gloeiend met het verlangen om dichter bij God te komen, is niet in staat om zijn vlam te handhaven. Het mag vlammen van spirituele energie voortbrengen, maar door gebrek van olie van echte Goddelijke substantie, doven deze snel en falen ze langdurig licht te brengen in de wereld.

Om zijn rol als een "lamp van God" te realiseren, moet een menselijk leven een lamp zijn dat een fysiek bestaan (de 'pit') combineert met de Goddelijke ideeën en daden van de Tora (de 'olie'). Wanneer de pit wordt gevoed met olie en zijn spirituele verlangen voedt met een vaste voorraad van hetzelfde, zal de vlam zowel lichtgevend als duurzaam zijn.

Schakeringen van licht

De vlam zelf is een veelkleurige zaak, zinspelende op de vele niveaus waarop de mens aan zijn Schepper gerelateerd is door zijn uitvoering van de mitswot. In het algemeen gezegd, er is een lager en donker gebied van de vlam dat verbonden is met de pit en er is een hoger en lichter deel.

Het donkere segment van de vlam vertegenwoordigt deze aspecten van de dienst van een persoon aan God die worden gekleurd door een associatie met de fysiekheid van de 'pit' -dat is, de mitswot die worden gemotiveerd door zelfbelang. De hogere en puurdere deel van de vlam vertegenwoordigt de momenten van zelfoverschrijding van een persoon, daden die een persoon doet -zoals Maimonides schrijft: "niet voor enige reden in de wereld: niet uit angst voor het kwade of uit verlangen het goede te verkrijgen; maar eerder doet hij de waarheid omdat het waar is."

Beide aspecten van het leven van een persoon worden gereflecteerd in zijn relatie met God. De mitswot komen niet alleen om zijn altruïstische 'Goddelijke ziel' te verbinden met de Almachtige, maar het betreft ook zijn ego-gedomineerde 'dierlijke ziel' in de vervulling van de Goddelijke wil. Dit wordt bereikt wanneer een persoon begrijpt dat hij de Heer Uw God moet liefhebben, want Hij is jouw leven".

Voortsnellen en terugkeren

Dus de 'pit' is zowel de gevangene als de bevrijder van de vlam. Het houdt de ziel gescheiden van zijn Schepper en toch ook verbonden. Dus wanneer het Goddelijk bevel, fysieke lichaam en menselijk leven samenkomen als olie, pit en lamp, is het resultaat een vlam: een relatie met God dat wordt gekarakteriseerd door twee conflicterende strevingen. Elke mitswa is olie voor de ziel: met elke handeling dat een vervulling van de Goddelijk wil bevat, worden onze levens overgeleverd aan brandende lampen, verlicht met licht dat schommelt van hemel naar aarde en weer terug en verlicht de wereld tijden dit proces.

Daarin ligt de bijzonderheid van de mitswa van het aansteken van lampen van de menora in de Heilige Tempel. Elke mitswa brengt licht voort. Maar de mitswa transformeert ons niet alleen in metaforische lampen, maar veronderstelt ook de wezenlijke vorm van een fysieke lamp, fysieke olie, een fysieke pit en een fysieke vlam dat fysiek licht produceert.

Meer over Chanoeka is te lezen in mijn special Het Chanoeka feest.
© 2007 - 2009 Etsel, gepubliceerd in Feestdagen (Kunst en Cultuur) op 29-11-2007, laatst gewijzigd op 30-11-2007. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Etsel is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen

Bronnen en/of referenties

  • Teachings of the chassidic masters

Reageer op het artikel "Chanoeka: de ziel van de mens is de lamp van God"


Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.