Feestdagen en Jeruzalem

Joodse feestdagen: Jom Jeroesjalajiem

Jom Jeroesjalajiem is de dag waarop de herovering van Jeruzalem door de Israëliërs in 1967 (Zesdaagse Oorlog) herinnerd wordt. Het wordt elk jaar gevierd op 28 Ijar. Waarom is de viering zo belangrijk? Dat heeft te maken met de plaats die Jeruzalem inneemt binnen het Jodendom. In Psalm 137:5 staat: "Indien ik u vergete, o Jeruzalem, zo vergete (mij) mijn rechterhand." Jeruzalem is zó belangrijk dat de meeste Joden c.q. Israëliërs het er over eens zijn dat de stad nooit meer mag worden opgedeeld.


Vernietiging Tweede Tempel

De Talmoed (Baba Basra 60b) vertelt ons dat nadat de Tweede Tempel werd verwoest, er veel mensen waren die geen vlees meer aten en geen wijn meer dronken. Rabbi Jehoshoea zei tegen hen: "Mijn kinderen waarom eten jullie geen vlees of drinken wijn?" Zij antwoordden hem "Moeten wij vlees eten waarvan eens de offers werden gebracht op het altaar, maar nu niet meer? Moeten we wijn drinken dat werd gebruikt voor het plengoffer op het altaar, maar nu niet meer? Rabbi Jehoshoea antwoordde terug dat als dat het geval was, hoe kan iemand brood eten, als het 'mincha' offer (van meel) niet langer wordt gebracht? Hoe kan men water drinken, als de 'nisuch hamayim' (het water schenken op het altaar) niet langer plaatsvindt? De mensen wisten niks meer te zeggen. Rabbi Jehoshoea zei tegen hen: "Helemaal niet rouwen is onmogelijk, omdat het decreet tegen ons is uitgevaardigd. Meer rouwen dan nodig is, is onmogelijk, omdat de decreten niet op de gemeenschap worden gemaakt tenzij de meerderheid van de gemeenschap ze kan weerstaan. De Talmoed gaat dan verder met een lijst van dingen die we doen om het verlies van Jeruzalem en de Tempel te herinneren, zoals een stukje van de muur in iemands huis onafgemaakt laten, en het plaatsen van as op het voorhoofd van eenn bruidegom. De Talmoed stelt dan dat al degenen die het verlies van Jeruzalem betreuren het zullen aanrekenen en het zien in haar geluk.

Jeruzalem blijven herinneren

We zien uit de Talmoed dat de vernietiging van Jeruzalem en de tempel gebeurtenissen zijn die we altijd met ons mee moeten dragen. We moeten altijd herinneren dat we eens een stad hadden die het huis was van de heiligste plaats ter wereld. We verloren echter die stad en we verloren de pracht die er bij hoorde. We moeten Jeruzalem actief herinneren, zelfs in tijd van grote vreugde. Op een trouwerij plaatst een bruidegom as op zijn voorhoofd., de bruid heeft haar juwelen verwijderd, en een kop wordt gebroken, zo zullen we het Jeruzalem herinneren dat we het in bezit hadden. In feite zien we dat onze voorvaders dat ook deden. Toen Jozef, nadat hij zijn broer Benjamin jaren niet had gezien, zijn identiteit aan zijn broer openbaarde, vertelt de Tora (Genesis 45:14) ons dat Jozef op Benjamins schouder viel en huilde, en Benjamin huilde op Jozefs schouder. Waarom huilden ze op dit moment van vreugde en geluk? De Talmoed (Megilla 16b) vertelt ons dat de Tempels die in Jeruzalem waren, gelegen in het deel land dat was toegewezen aan de stam Benjamin, zou worden vernietigd. Benjamin huilde omdat hij zag dat de Misjkan dat in Silo stond -het stuk land dat werd toegewezen aan Jozef, zou worden vernietigd. Jozef en Benjamin plaatsten de vernietiging van Jeruzalem en haar Tempels boven de immense vreugde die zij op dat moment voelden, en huilden daarom.

Hereniging Jeruzalem in 1967 een Gods wonder

We kunnen het feit niet ontkennen dat de overwinning van Israël en de hereniging van Jeruzalem in 1967 alles behalve een Gods wonder was. We moeten herinneren dat HaShem (God) ons toestond het te verwezenlijken. Zonder de hand van God zouden we geen Israëlische staat hebben, nog Jeruzalem. Nu dat we Jeruzalem hebben, en we God danken voor dit groot geschenk, moet alles in dit perspectief geplaatst worden. In deze tijd van grote vreugde, kunnen we het verleden niet vergeten. We moeten Jeruzalem actief blijven herinneren zoals we gewend waren, een Jerzualem waar alle Joden drie keer per jaar naar toekwamen (Pesach=Paasfeest, Sjavoeot=Wekenfeest en Soekot=Loofhuttenfeest). We moeten doen zoals Jozef en Benjamin deden, en voelen dat er iets werkelijk mist. We moeten herinneren dat de decreet tegen ons is uitgevaardigd: "Indien ik u vergete, o Jeruzalem, zo vergete (mij) mijn rechterhand."

De Talmoed zegt: "Al die rouwen om het verlies van Jeruzalem zullen verdienen en het zien in haar geluk."

© 2008 - 2010 Etsel, gepubliceerd in Feestdagen (Kunst en Cultuur) op 01-05-2008, laatst gewijzigd op 05-12-2008. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Etsel is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen


Reageer op het artikel "Joodse feestdagen: Jom Jeroesjalajiem"


Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.