Geschiedenis en Kerstmis

Het Ontstaan van het Christendom 4: Advent 3de zondag

Advent omvat de vier zondagen die voorafgaan aan Kerst. De hele Advent staat in het licht van de komst van de Messias, waarbij de verschillende zondagen - in elk geval binnen de Katholieke traditie - een eigen nadruk hebben. De eerste zondag is gewijd aan de verwachting van de wederkomst van Christus om zijn rijk op te richten en de laatste zondag bijzonder de verwachting van zijn geboorte. De tweede en derde zondag richten de aandacht op de dienst van Johannes de Doper.


Johannes doopt Jezus
Johannes doopt Jezus

Inhoud


Johannes was uit de woestijn gekomen naar de Jordaan. Daar begon hij te prediken dat het koninkrijk van God nabij was. Hij riep de mensen op om tot inkeer te komen en zich te laten dopen.

Zijn optreden was zo imponerend, dat de mensen van alles van hem gingen denken. Was hij soms de beloofde Messias?

Johannes de Messias?

De vraag leefde onder het volk vertelt Lukas ons, maar de leiders stuurden mensen om expliciet te vragen: 'Wie bent u?'

Johannes begreep heel goed wat de achterliggende vraag was. Hij antwoordde: 'Ik ben de messias niet.'

Maar daar waren ze niet mee tevreden. 'Wie bent u dan? Bent u Elia?' en vervolgens: 'Bent u de profeet?' Maar dat alles ontkent Johannes. Een beetje wanhopig vragen ze nogmaals: 'Wie bent u dan? Wij moeten toch een antwoord kunnen geven aan degenen die ons gestuurd hebben - wie zegt u zelf dat u bent?'

Hun vragen geven de verschillende verwachtingen die leefden onder de Joden: de messias, Elia (zie Maleachi 3:23-24), de profeet (zoals Mozes, zie Deuteronomium 18:18-19 - hoewel de NBV daar ten onrechte over profeten spreekt). Maar Johannes kwam met een antwoord dat hun verwarring alleen maar vergrootte: 'Ik ben de stem die roept in de woestijn: "Maak recht de weg van de Heer."' Dat is een citaat uit Jesaja 40.

Het laat aan de ene kant zien hoe gering hij over zichzelf denkt: hij is maar een stem. Maar het laat aan de andere kant zien hoe groot hij over zijn taak denkt: Hij is het die de weg van de Heer, de Eeuwige, de God van het verbond, recht maakt. Hij is een wegbereider.

Daarom zegt hij ook, in antwoord op de vraag waarom hij dan doopt: 'Ik doop met water, maar in uw midden is iemand die u niet kent, hij die na mij komt (wiens weg hij bereidde) - ik ben het niet eens waard om de riemen van zijn sandalen los te maken.' En daar voegde hij nog aan toe: 'Hij zal jullie dopen met de heilige Geest en met vuur! Hij houdt de wan in zijn hand, hij zal zijn dorsvloer reinigen en zijn graan in de schuur bijeenbrengen, maar het kaf zal hij verbranden in onblusbaar vuur.'

Zijn dorsvloer, zijn graan, want hij die na hem komt is niemand minder dan de Heer God, de Eeuwige, die in heerlijkheid zal verschijnen volgens Jesaja 40:3-4.

De doop van Jezus

En dan komt Jezus naar hem toe. Ook hij wil zich laten dopen, net als al die anderen die tot inkeer waren gekomen en hun zonden hadden erkend.

Johannes wist wie hij was. Hij kende blijkbaar de verhalen van Maria en zijn ouders. En hij protesteert en probeert Jezus tegen te houden. 'Ik zou door u gedoopt moeten worden, en dan komt u naar mij?' Jezus had toch geen zonden om te belijden?

Maar Jezus zegt hem: 'Laat het nu maar gebeuren, want het is goed dat we op deze manier Gods gerechtigheid vervullen.' Dan stemt Johannes in en doopt Jezus.

Waarom? Wat betekende dat: Gods gerechtigheid vervullen? God had de Joden de weg gewezen om zich voor te bereiden op de komst van het koninkrijk van God: ze moesten tot inkeer komen en zich laten dopen! Nu had Jezus geen zonden om te belijden (hij daagt later de leiders van het volk uit om hem van zonden te overtuigen en ze konden het niet!), maar hij wil zich wel bij die Joden aansluiten die God gehoorzaamden en die weg van berouw en doop gingen. Zo maakte Jezus duidelijk dat dát Gods weg was.

Daarom stemde Johannes in en doopte Jezus.

Maar de mensen zouden kunnen denken dat Jezus dus net zoals zijzelf waren, dat hij niks beter was dan zijzelf.

Daarom scheurt de hemel open op het moment dat Jezus uit het water omhoog komt. Er daalt een duif uit de hemel neer en er klinkt een stem: 'Jij bent mijn geliefde Zoon, in jou vind ik vreugde!'

Zo wil God duidelijk maken dat deze man heel anders is dan al die anderen die gedoopt waren. Van deze man kan hij zeggen: in jou vind ik vreugde! Op zijn leven was niets aan te merken. Hij is niet zomaar een mens. Hij is Gods geliefde zoon, zoals de engel Gabriël al aan Maria had gezegd!

Zie, het Lam van God

Wat de andere mensen ervan dachten weten we niet. Maar Johannes was zeer onder de indruk.

Toen Jezus de volgende dag langs liep, riep Johannes uit: 'Daar is het lam van God, dat de zonde van de wereld wegneemt. Hij is het over wie ik zei: "Na mij komt iemand die meer is dan ik, want Hij was er vóór mij." Ook ik wist niet wie hij was, maar ik kwam met water dopen opdat hij aan Israël geopenbaard zou worden.’ Zijn belangrijkste taak was ervoor te zorgen dat Israël Jezus zou herkennen. Johannes bevestigde opnieuw, dat hijzelf alleen maar een wegbereider was.

Hij voegt er nog aan toe: ‘Ik heb de Geest als een duif uit de hemel zien neerdalen, en hij bleef op hem rusten.' En hij was niet de enige die dat gezien had. 'Nog wist ik niet wie hij was, maar hij die mij gezonden heeft om met water te dopen, zei tegen mij: “Wanneer je ziet dat de Geest op iemand neerdaalt en blijft rusten, dan is dat degene die doopt met de heilige Geest.” En dat heb ik gezien, en ik getuig dat hij de Zoon van God is.’

Hij was gezonden om te dopen, door God. En God had hem verteld dat hij de Geest als een duif zou zien neerdalen op de man die zijn Zoon was.

Maar het meest bijzondere in zijn woorden was, dat hij zei dat Jezus het lam van God was dat de zonde van de wereld zou wegnemen. Waarschijnlijk als enige van zijn tijdsgenoten, begreep Johannes wat Jezus werkelijk kwam doen. Lam van God was een onmiskenbare heenwijzing naar de offers die in de tempel gebracht werden. Offers ter verzoening van de zonden die het volk had begaan. Het offer dat op het paasfeest gebracht werd om de bevrijding uit Egypte te vieren.

En had de engel niet tegen Jozef gezegd, dat hij het kind Jezus moest noemen omdat hij zijn volk zou redden?

Bent u degene die komen zou...?

Johannes nam zich geen blad voor de mond. En op een gegeven moment sprak hij zelfs de tetrarch Herodes aan, de vorst van Galilea, over diens gedrag. Die was namelijk getrouwd met de vrouw van zijn broer. Maar dat accepteerde Herodes niet en Johannes werd in de gevangenis gegooid.

Twijfel begon te knagen daar. Waarom zat hij in de gevangenis? Had hij zich dan in Jezus vergist? Johannes kon de twijfel niet verdragen en zond een aantal van zijn volgelingen - blijkbaar konden ze hem nog wel bezoeken - naar Jezus met de vraag die hem kwelde: 'Bent u degene die komen zou of moeten we een ander verwachten?'

Je zou een eenvoudig ja of nee kunnen verwachten. Maar dat deed Jezus niet. Die wees slechts op wat er om hem heen gebeurden: 'Zeg tegen Johannes wat jullie gezien en gehoord hebben: blinden kunnen weer zien, verlamden weer lopen, mensen met huidvraat worden gereinigd en doven kunnen weer horen, doden worden opgewekt, aan armen wordt het goede nieuws bekendgemaakt. Gelukkig is degene die aan mij geen aanstoot neemt.'

Wat Jezus in feite bedoelde, was: toets mijn daden aan het woord van God. Op grond van wat de profeten voorzegd hadden, verwachtte men dat de messias, de zoon van David wondertekenen zou doen. Daarom schrijft Lukas:
Onder het volk waren er velen in hem gaan geloven, ‘want,’ zeiden ze, ‘wanneer de messias komt, zal die niet meer wondertekenen verrichten dan hij heeft gedaan.’ (Lukas 7:31). Deze verwachting was onder andere gebaseerd op Jesaja 35 en 40.

'Dat,' zei Jezus in feite tegen Johannes, 'zijn de dingen waar je op af moet gaan. Niet je eigen omstandigheden!'

En dat zegt Jezus ook tegen jou: 'Kijk naar wat ik gedaan heb. Kijk naar wat God door zijn profeten heeft gezegd. Ik ben het die jou kan verlossen van je zonden. Vertrouw me!'

Het enige dat we verder nog weten van Johannes is dat hij door Herodes is vermoord, omdat hij een meisje dat mooi danste een dwaze belofte deed. Dit wordt beschreven in Mattheüs 14, als je dat nog zou willen nalezen.


Meer informatie in mijn special Ontstaan van het Christendom
© 2007 - 2010 Bbuitendijk, gepubliceerd in Geschiedenis (Kunst en Cultuur) op 05-12-2007, laatst gewijzigd op 24-12-2007. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Bbuitendijk is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen

Bronnen en/of referenties

  • De bijbeltekst in deze uitgave is ontleend aan De Nieuwe Bijbelvertaling, © Nederlands Bijbelgenootschap 2004.
  • Mattheüs 3:11-17
  • Markus 1:7-11
  • Lukas 3:15-22
  • Lukas 7:18-23
  • Johannes 1:19-39
  • Arno C.Gaebelein - Zie, uw Koning komt.

Reageer op het artikel "Het Ontstaan van het Christendom 4: Advent 3de zondag"


Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.