Geschiedenis en Handelsoorlog

Het ontstaan van de VS: Groei naar nationale eenheid

Het ontstaan van de VS: Groei naar nationale eenheid

De Engelse-Amerikaanse oorlog kenmerkte zich door allerlei ongerijmdheden. De Verenigde Staten waren ongewild betrokken geraakt in een Europees conflict tusen Engeland en Frankrijk. Napoleon wilde in Europa zijn macht uitbreiden. Dit ging ten koste van de internationale Amerikaanse handel. Het gevolg was uiteindelijk, dat de pas onafhankelijke Verenigde Staten zich vanaf nu middels de zgn. 'Monroe-doctrine' verzetten tegen elke vorm van buitenlandse kolonisatie op het hele Amerikaanse continent.


Aanleiding tot de oorlog

Het conflict vond zijn aanleiding in drie gebeurtenissen die al lang voor 1812 hadden plaatsgevonden:
  • In 1805 had Engeland de verenigde vloot van Frankrijk en Spanje bij Trafalgar verslagen en de oppermacht op zee verworven. Maar in 1806 voerde Napoleon zijn Continentale Stelsel in, waarbij hij de Europese havens afsloot voor Britse goederen. Hij dwong hiermee Engeland tot vrede, nu het land geen handel meer kon drijven. Engeland reageerde hierop door de vloot van het neutrale Denemarken in Kopenhagen in beslag te nemen en door te bepalen dat neutrale landen, waaronder de Verenigde Staten, geen handel meer mochten drijven op voor Engelsen gesloten havens. Dit was een zware klap voor de Amerikaanse handel.
  • Een ander twistpunt was dat Britse marinevaartuigen Amerikaanse schepen aanhielden en ze doorzochten op deserteurs. De Britten namen het niet zo nauw wie zij als deserteur bestempelden. Het resultaat was dat duizenden Amerikaanse zeelieden gedwongen werden dienst te doen bij de Britse marine.
  • Een derde reden voor de oorlog was dat de Amerikanen meenden dat de Britten de Indianen aanmoedigden om aanvallen op steden aan de westelijke grens te doen.

Begin handelsoorlog

President Thomas Jefferson (1801-1809) probeerde zijn land buiten alle conflicten te houden. Het Congres legde embargo's op, waardoor de schepen van de VS in hun thuishaven moesten blijven. Zo bleven Amerikaanse goederen uit handen van de Engelsen en de Fransen. Deze verboden veroorzaakten echter een terugslag in de handel.

De 'haviken', d.w.z. de oorlogsgezinden in het Congres, die vnl. uit de westelijke en zuidelijke staten kwamen, wilden graag oorlog met Engeland. De oostelijke kuststaten waren tegen. Zij meenden dat dit het einde van hun scheepvaart zou betekenen. De 'haviken' wilden misschien ook wel oorlog, omdat zij dachten dat Engeland de Indianen steunde in hun verzet tegen gebiedsuitbreiding van de Verenigde Staten in noordwestelijke richting.

Oorlog tussen Engeland en VS

In juni 1812 verzocht President Madison het Congres de oorlog te verklaren. De Verenigde Staten waren echter slecht op een strijd voorbereid. Het staande leger was klein en de marine zwak. De Amerikanen boekten echter betere resultaten dan men had kunnen verwachten. De Amerikaanse marine behaalde enkele overwinningen zoals in de slag op het Eriemeer. In 1814 landden de Britten echter met 4500 man op de kust van Maryland en marcheerden naar Washington op. Daar brandden zij het Capitool, destijds de residentie van de president en andere gebouwen af, als wraak voor het in brand steken van York (nu Toronto) door de Amerikanen. Britse schepen vuurden op fort McHenry in de haven van Baltimore, maar het lukte ze niet het fort te veroveren. De moedige weerstand die door dit fort werd geboden inspireerde Francis Scott Key tot het schrijven van 'The Star-Spangled Banner', het Amerikaanse volkslied.

Beide zijden wilden vrede sluiten, hetgeen na maanden onderhandelen lukte eind 1814. De vrede bracht geen van de partijen een echte overwinning. De tegenstanders hadden echter geleerd elkaar te respecteren. Dat respect groeide in de loop van tijd uit tot vriendschap. Nog belangrijker was dat de oorlog de nationale eenheid der Amerikanen had bevorderd.

De 'Monroe-doctrine'

James Monroe werd in 1816 tot president van de VS gekozen. Hij was een staatsman met talent, die vóór zijn presidentschap het ministerie van buitenlandse zaken kundig leidde. Onder president Thomas Jefferson wist hij op een slimme manier de Franse kolonie Louisiana van Napoleon voor een schijntje aan te kopen (Louisiana Purchase). Tijdens de Engelse-Amerikaanse oorlog leidde hij en passant ook nog het ministerie van oorlog. Als ervaringsdeskundige in de buitenlandse politiek bedacht hij als president een principebeleid ten opzichte van andere mogendheden. Tijdens een speech in 1823 in het Congres verklaarde hij elke vorm van Europese bemoeienis met het westelijk halfrond (d.w.z. het hele Amerikaanse continent) taboe. Hij doelde daarmee op ingrijpen in de pas onafhankelijke Zuid-Amerikaanse staten door Europese mogendheden en pogingen om de VS opnieuw te koloniseren. Hij beloofde de bestaande kolonies te respecteren. Deze zgn. Monroe-doctrine was defensief bedoeld. Zijn ideeën waren vooral ingegeven door pragmatisme.

Uitbreiding territorium

De Verenigde Staten zouden er pas rond 1850 in slagen het territorium tot ongeveer de huidige omvang uit te breiden door enkele gebiedsaankopen en oorlogen met Spanje en Mexico. Mexico moest na een conflict in 1848 een groot gebied aan de VS afstaan, wat nu de staten Californië, Nevada en New-Mexico omvat. Hawaï en Alaska zouden volgen. Alaska werd in 1867 van de Russen voor slechts 7 miljoen Dollar gekocht en de 8 Hawaï-eilanden in de Stille Oceaan werden in 1893 ingelijfd.
© 2008 - 2010 Staal, gepubliceerd in Geschiedenis (Kunst en Cultuur) op 28-02-2008, laatst gewijzigd op 14-10-2009. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Staal is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen


Reageer op het artikel "Het ontstaan van de VS: Groei naar nationale eenheid"


Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.