InfoNu.nl > Kunst en Cultuur > Geschiedenis > Turf uit veen: armoede in de veenkolonie

Turf uit veen: armoede in de veenkolonie

Turf uit veen: armoede in de veenkolonie Het zwaarste werk wordt slecht beloond en een voorbeeld is de beloning van de veenarbeider in de Groningse-Drentse koloniën, wingewesten in Noordoost-Nederland. De arbeiders kwamen uit Friesland, uit het Duitse Oost-Friesland en van het Groningse hogeland. De taal was en bleef Gronings (Nedersaksisch). Natuurlijk waren er de Hollanders, de eigenaren van het land in hun riante stenen woningen. Turf was in vorige eeuwen het bruine goud en zo belangrijk als de olie nu. Het ging voornamelijk naar de grote steden in het westen of zoals de veenarbeider zei, "naar Holland". Sommige historici beweren dat de export van turf in de gouden eeuw evenveel aan de welvaart heeft bijgedragen als de VOC-handel.
Bron: Gruna 1 / Wikimedia CommonsBron: Gruna 1 / Wikimedia Commons

Het recente verleden

De geschiedenis van de Veenkoloniën in noord-oost Nederland begint in de 15de eeuw. Tot die tijd is het gebied, het Bourtanger moeras, praktisch onbewoond. Turf gebruikt men voor het bakken van bouwstenen en voor verwarming van huizen. Naast de koloniën in de Oost is de export van turf een andere peiler van de gouden eeuw. Turf is gedroogd veen dat als brandstof wordt gebruikt. De Romein Plinius de Oudere beschrijft dat de noordelingen modder als brandstof gebruiken. In de middeleeuwen wordt brandhout schaars en wordt turf algemeen als brandstof gebruikt. In het moerassige veen vormen dode planten na honderden jaren meters dik veen dat na drogen een prima brandstof is.
Bron: GVR / Wikimedia CommonsBron: GVR / Wikimedia Commons
Terwijl de vele rijken in het koloniale Nederland villa's bouwden langs de vecht als tweede huis om de zomer door te brengen als het te warm was in hun paleizen aan de Amsterdamse grachten, bouwden de migranten in het veen met man en macht, in één nacht een plaggenhut waar ‘s ochtends de rook uit de schoorsteen kwam, want alleen onder die voorwaarde werd een plaggenhut getolereerd. Het waren tijdelijke bouwsels zoals we tegenwoordig tenten neerzetten. We kunnen de hutten nog zien in openluchtmusea, maar dat zijn keurig afgewerkte kleine huisjes, in werkelijkheid waren sommige hutten niet veel meer dan holen, je gelooft je ogen niet als je oude foto’s ziet. De dieren in de dierentuin van Emmen hadden een beter onderkomen en deze toestand is nauwelijks een eeuw geleden.

Terwijl Duitsers spraken van “So reich wie ein Hollander”, werkten de veenarbeiders zes dagen per week, haalden zaterdags hun loon in het café van de veenbaas. De arbeidersgezinnen waren kinderrijk. De kindersterfte was groot. Er was een gezin waarin tien kinderen werden geboren die allemaal overleden.

Dit is luxe plaggenhut, de latere stenen veenarbeider huisjes zagen er eender uit / Bron: Uilkema, Klaas (Fotograaf) / Wikimedia CommonsDit is luxe plaggenhut, de latere stenen veenarbeider huisjes zagen er eender uit / Bron: Uilkema, Klaas (Fotograaf) / Wikimedia Commons
Een plaggenhut met een bijzondere vormgeving / Bron: Tim Strater from Rotterdam, Nederland / Wikimedia CommonsEen plaggenhut met een bijzondere vormgeving / Bron: Tim Strater from Rotterdam, Nederland / Wikimedia Commons
Een plaggenhut in de sneeuw / Bron: Silver Spoon / Wikimedia CommonsEen plaggenhut in de sneeuw / Bron: Silver Spoon / Wikimedia Commons

De plaggenhutten

De hutten zijn verdwenen, de laatste pas omstreeks 1920; hier en daar staan nog oude, vaak verwaarloosde, villa's van de vroegere veenbazen. Wel waren er in de vijftiger jaren nog veel huisjes die wat de architectuur betreft aan plaggenhutten doen denken, ze waren klein en laag met kleine ramen en bedsteden, de dakgoten zaten op ooghoogte en het erf rond het huis was onverhard.

Met turf kruiwagens werd het turf op de turfpraam geladen / Bron: Rasbak / Wikimedia CommonsMet turf kruiwagens werd het turf op de turfpraam geladen / Bron: Rasbak / Wikimedia Commons
Kleine turf praam / Bron: Baykedevries / Wikimedia CommonsKleine turf praam / Bron: Baykedevries / Wikimedia Commons
Een turfschip voor vervoer over afstand / Bron: Onbekend / Wikimedia CommonsEen turfschip voor vervoer over afstand / Bron: Onbekend / Wikimedia Commons

Hoogveen

Hoogveen bestaat uit veenmos dat een veerkrachtige grondlaag vormt en regenwater opzuigt waardoor de waterspiegel van het hoogveengebied boven de plaatselijke grondwaterstand uitstijgt. Hoogveen komt voor in het noorden, oosten en zuiden van Nederland.

Laagveen

Laagveen is een grondlaag onverteerde planten. Eeuwenoude plantdelen zijn vaak zichtbaar en soms insecten, dieren en menselijke resten (veenlijken). Ook komen er resten van grotere planten in voor, zoals stukken wortels of hele boomstammen. Ze zijn daarom vaak terug te vinden in het bruin zwarte veen.

Dalgrond

Dalgrond is het zand dat vrijkomt wanneer laagveen is afgegraven en dat vervolgens wordt vermengd met de bovenste laag van het veen, dat niet geschikt is als turf. Deze grond blijkt met bemesting en afwatering, een goede landbouwgrond te zijn. De bodem in de noordelijke veenkoloniën bestaat grotendeels uit dalgrond.

Veenarbeiders

Het werk dat duizenden veenarbeiders verricht hebben is onvoorstelbaar. Het afgraven van 1000 vierkante kilometer hoogveen; het graven van 1000 kilometer kanalen voor waterafvoer uit het moeras en vervoer van de turf. Allemaal met de schop, twee handen en een kromme rug. Er waren voor mens en paard alleen zandwegen die bij regen veranderden in modderpoelen. Alle vervoer ging per praam, voortgetrokken door een scheepsjager met of zonder paard, die door de schipper ingehuurd werd, maar niet zelden liep de schippersfamilie zelf in het zeel en trokken de praam op eigen lichaamskracht.

Standbeeld:Het graven van de kanalen voor afwatering en vervoer van de turf / Bron: Onderwijsgek / Wikimedia CommonsStandbeeld:Het graven van de kanalen voor afwatering en vervoer van de turf / Bron: Onderwijsgek / Wikimedia Commons
Schilderij de Turfsteker / Bron: Heinrich von Zügel / Wikimedia CommonsSchilderij de Turfsteker / Bron: Heinrich von Zügel / Wikimedia Commons
Bron: Nationaal Archief / Wikimedia CommonsBron: Nationaal Archief / Wikimedia Commons

Migranten

Duitsers, Zwitsers, Hollanders, Friezen, Drenten, Groningers, waaronder criminelen, avonturiers en vluchtelingen die werden vervolgd om hun geloof, vormden de bevolking. De rekeningen van de smid, de schoenmaker en de kleermaker worden door de veenbaas betaald, die daardoor het arbeidersgezin volledig in zijn macht heeft en ze door hun schuld aan hem, als slaven aan zich heeft verbonden.

Werken en drank

De veenarbeiders werken zes dagen per week, halen op zaterdagmiddag hun loon in het café van de veenbaas, de uitbetaling duurde een halve liter jenever, gevolgd door een avond ruzie met de vrouw en een kater op zondag. Huilende kinderen waarvan gemiddeld de helft sterft, maar die overleven, zijn in de pubertijd minder vaak ziek dan de burgerkinderen die wonen in de relatief luxueuze bakstenen huizen.

Kinderarbeid

Om in het dagelijks onderhoud te kunnen voorzien werken vrouw en kinderen mee in het veen. Vrouwen verdienen minder dan de mannen en de kinderen waren nog een stuk goedkoper. De veenbazen nemen het liefst arbeiders met grote gezinnen in dienst. Pas in 1955 wordt de wet aangenomen die veldarbeid door kinderen verbiedt, een beetje laat want het turfsteken was afgelopen. Het zegt iets over de macht van de turfbaronnen.

Rangen in de Veenkoloniën

  • In de Veenkoloniën bestonden grote sociale verschillen.
  • Aan de top stonden de eigenaren van het land.
  • De tweede sociale laag bestaat uit boeren, die aan het veenwerk weten te ontsnappen en (keuter)boeren worden.
  • De derde sociale laag bestaat uit turfschippers en hun families. Ze vervoeren turf in turfpramen over de kanalen, later ook aardappelen bieten en graan dat groeit op de dalgrond.
  • De onderste sociale laag bestaat uit veen- en landarbeiders, scheepsknechten en scheepsjagers die de turfpramen voorttrokken met of zonder paard.

Hogerop komen

's Zomers werken de veenarbeiders van zonsopgang tot zonsondergang. Het land is doorsneden van kanalen, zodat er allemaal eilandjes ontstaan, die door kleine draaibruggen met elkaar zijn verbonden. Bij het graven van deze duizend kilometer kanalen is er sprake van drie standen:
  • De man die onderin op de bodem in de blubber van het kanaal stond was het laagste in aanzien en verdiende het minst.
  • De middelste man verdiende iets meer.
  • De man die hoog en droog boven op de wal stond functioneerde als "voorman" en had het meeste aanzien en verdiende het meest. Hier komt de uitdrukking, "hogerop komen" vandaan.

Variant op de klassieke slavernij

Het waren ruwe jenever drinkende mannengemeenschappen. In de zomer werken ze van zonsopgang tot zonsondergang. In de winters ligt het veenwerk stil en worden er schulden gemaakt bij de veenbaas. De winkels zijn eigendom van de veenbazen en de arbeiders worden min of meer gedwongen in deze winkels hun inkopen te doen tegen stevige prijzen. De meeste arbeiders trekken mee als er nieuwe gebieden worden geëxploiteerd; ze hebben weinig keus, ze hebben immers schulden bij de baas en er is weinig ander werk. Slechts weinigen ontsnappen uit dit maatschappelijk systeem door zich als (keuter)boer te vestigen. De verplichte winkelnering wordt in 1906 bij wet afgeschaft, maar het blijft bestaan in de praktijk tot na de Tweede Wereldoorlog. De veenarbeider heeft niet de moed om bij de concurrent van de baas te gaan werken of in diens winkel zijn boodschappen te doen. Eigenlijk was het een voortzetting van het verlichte slavensysteem van lijfeigenen en horigen uit de middeleeuwen

Vondsten in het veen

Bij het afgraven van het veen zijn talrijke archeologische vondsten gedaan, maar de meest aansprekende zijn wel de veenlijken.Vaak betreft het hier offers aan de goden.

Een van de best bewaarde veenlijken,een man van middelbare leeftijd in foetus houding. / Bron: Grönneger 1 / Wikimedia CommonsEen van de best bewaarde veenlijken,een man van middelbare leeftijd in foetus houding. / Bron: Grönneger 1 / Wikimedia Commons
Het circa 2500 jaar oude hoofd van de man in de foetus houding  / Bron: Sven Rosborn / Wikimedia CommonsHet circa 2500 jaar oude hoofd van de man in de foetus houding / Bron: Sven Rosborn / Wikimedia Commons

Armoede in de veenkoloniën

Na vijf eeuwen turfwinning stort de turfmarkt in het begin van de twintigste eeuw in door de komst van de olieproducten. De prijs van turf daalde en kon alleen maar opgevangen worden door lagere lonen van de arbeiders. Na de Tweede Wereldoorlog is de vervening niet rendabel meer.Nog een generatie lang werden de kanalen gebruikt voor de afvoer van landbouwproducten en waren het drukke vaarwegen tot hier een einde aan kwam door het vervoer per vrachtwagen. De beroepsvaart is heden praktisch geheel verdwenen.
© 2016 - 2017 Custor, het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
Het veenlandschapHet veenlandschapHet veenlandschap beslaat tegenwoordig maar enkele gebieden in Nederland. Vroeger bestond Nederland voor een veel groter…
Turf, turfwinning, veengronden en verveningTurf werd 23 na christus al gestoken door Romeinen en tot 1950 nog steeds actief gestoken als brandstof voor thuis en op…
De grondsoort veenVeen is een grondsoort die populair werd toen men ontdekte dat het brandbaar was, en dus geschikt werd bevonden als bran…
Veenwinning en het Veenpark Barger-compascuumVeenwinning heeft een belangrijke rol gespeeld in het Nederlandse landschap. Turf, het gevolg van veenwinning, is een br…
Veendam - plaats in de provincie Groningen - informatieVeendam - plaats in de provincie Groningen - informatieVeendam is een plaats in het oosten van de provincie Groningen. Tot de belangrijkste bezienswaardigheden voor toeristen…
Bronnen en referenties

Reageer op het artikel "Turf uit veen: armoede in de veenkolonie"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Infoteur: Custor
Laatste update: 11-10-2016
Rubriek: Kunst en Cultuur
Subrubriek: Geschiedenis
Bronnen en referenties: 20
Schrijf mee!