Geschiedenis en Joden

Religieuze geschiedenis Joden 29: Griekse vervolging

Het conflict tussen de Joden en de Grieken begint binnen het Jodendom zelf. Hellenistische Joden scheiden zich van het Jodendom af. Ook vindt een splitsing binnen het religieuze Jodendom plaats. De Sadduceeërs, die alleen de Schriftelijke Tora nakomen en niet de Mondelinge Tora, sluiten zich aan bij de Hellenistische Joden. Beiden komen in conflict met de Farizeeërs en krijgen daarbij steun van de Grieken die proberen het Jodendom te vernietigen.


Het Griekse rijk opgedeeld in drie kleinere delen: Het rijk der Seleuciden, Ptolemeën, Macedonië

Na de dood van Alexander splitste het Griekse rijk in drie delen op:
  • Het rijk der Seleuciden of Syrisch Griekenland
  • Ptelomeën of Egyptisch Griekenland
  • Macedonië of Griekenland

Israël valt oorspronkelijk onder de Egyptisch Griekenland. Maar in 198 voor de gewone jaartelling komt Israël in handen van Syrisch Griekenland geleid door koning Antiochus III. Zijn opvolger Antiochus IV ondervindt veel druk van de opkomst van het Romeinse Rijk. De zwakke schakel is voor hem Israël waarvan de meeste Joden niet onder invloed zijn van de Griekse cultuur. Daar wil hij verandering in brengen.

De Griekse en Joodse wereld komen met elkaar in contact

Bij de eerste ontmoeting tussen de Joden en de Grieken zijn de Grieken verbaasd over de Joden. Zij zijn de enige monotheïsten ter wereld en hebben een totaal andere kijk op de wereld dan alle anderen. Alles is door een oneindige, onzichtbare en zorgende God geschapen. Voor de Grieken is het totaal onbegrijpelijk dat er een zorgende God is. Ook kunnen zij de Tora niet begrijpen. Dit Heilige Boek dat een leven bepleit van vrede, broederschap, sociale verantwoordelijkheid en respect voor het leven, staat in totale contrast met de Griekse waarden. De Joden bewonderen de Grieken om hun educatie en intellect. Ze vinden Grieks een mooie taal. En de Tora wordt ook in het Grieks geschreven. Het wordt de Septuagint genoemd (naar de 70 rabbi's die de vertaling maken).

(Deze vertaling wordt beschouwd als een nationale ramp voor het Joodse Volk. In de handen van de niet-Joden is de nu toegankelijke Hebreeuwse Bijbel vaak tegen de Joden gebruikt en opzettelijk verkeerd vertaald. De meeste christelijke Bijbels zijn afhankelijk van de Griekse vertaling die dan wordt vertaald in het Latijn en van daaruit in een ander taal. Je kan je voorstellen hoeveel interpretaties en fouten en opzettelijke onjuiste vertalingen zijn gemaakt op deze manier.)

Toch is het onvermijdelijk dat de Bijbel in het Grieks wordt vertaald omdat het in het Midden Oosten de internationale intellectuele taal is. Het is zo gewoon als Engels tegenwoordig is. De Joden spreken Aramees maar later ook Grieks (Hebreeuws is een taal voor gebed en studie en niet voor gebruik op straat, zelfs in Israël niet).

Jood versus Jood

Chanoeka wordt vaak gezien als strijd voor nationale bevrijding. Maar het is meer dan dat. Het is de spirituele strijd tussen heidendom en Jodendom. De strijd wordt begonnen door Hellenistische Joden tegen de rest van de Joden. Zo'n soort strijd zie je vaker in de Joodse geschiedenis. Een groep Joden zegt laten we modern zijn en het oude Jodendom vergeten. Dit zie je tijdens de geschiedenis in Spanje, Duitsland en tegenwoordig in Amerika en Israël.

Deze Hellenistische Joden doen er alles aan om Grieks te zijn. Hun kinderen worden naar het gymnasium gestuurd en ze doen zelfs de besnijdenis teniet omdat Grieken veel dingen naakt doen en de Joden niet willen opvallen.

Daarnaast ontstaat er binnen het religieuze Jodendom een schisma. Twee studenten (Zadok en Bysos) prediken een nieuw soort Jodendom waarbij niet meer geloofd wordt in de Goddelijkheid van de Mondelinge Tora. Hun aanhangers heten Sadduceeërs en Bysosiem. De Sadduceeërs blijven de bekendsten. Tegenover hen staan de Farizeeërs (betekent ironisch genoeg de afgescheidenen) die zich houden aan de Joodse wet. De meeste Joden blijven de Farizeeërs trouw. De Sadduceeërs houden zich alleen aan de Schriftelijke Tora die ze wel als Goddelijk beschouwen, net zoals we later zullen zien bij de Karaïeten in Babylonië. Volgens hen mag iedereen de Schriftelijke Tora interpreteren zoals ze zelf willen. Ze geloven ook niet aan beloning en straf in het toekomstig leven. Volgens hen zijn gelukkige mensen goed en ongelukkige mensen slecht. Ze voelen zich niet verplicht ongelukkige mensen te helpen. Voor de Sadduceeërs staat de bloei van de Joodse staat centraal en wanneer deze gehinderd wordt door de Tora dan moet de Godsdienstwet wijken. De Sadduceeërs vinden natuurlijke bondgenoten bij de Hellenistische Joden en worden door de Griekse cultuur beïnvloed. Veel Sadduceeërs zijn Hoge Priesters en worden corrupt. Dit is waarom de Talmoed stelt dat zoveel Hoge Priesters sterven gedurende de dienst van Jom Kippoer.

Gedwongen Hellenisme

De Hellenistische Joden trekken de Grieken bij het conflict. Antiochus IV Epifanus probeert tussen 169 en 167 voor de gewone jaartelling het Jodendom te vernietigen. Het boek Makkabeeën noemt deze periode een 'tijdperk van terreur'. De koning zendt een senator om de Joden te verplichten te stoppen naar de wetten van God te leven. De Joden moeten de tempel de tempel van Zeus noemen...De tempel wordt een corrupt instituut. Het enige wat intact blijft is de Sanhedrin, de Joodse Hoge Raad. Antochius probeert ook de Joodse kalender af te schaffen. Joden maken namelijk de tijd heilig. Door de tijd te vernietigen wordt het Jodendom vernietigd. De Sjabbat mag niet meer gevierd worden, evenals Rosh Chodesh en de Joodse feestdagen -Pesach, Sjawoeot, Rosh Hasjana, Jom Kippoer en Soekot. Daarnaast is kosher voedsel verboden en het bestuderen van de Tora. Tora rollen worden verbrand. En varkens worden geofferd over heilige Joodse boeken om ze te ontheiligen. De Hoge Priester wordt gedwongen varken offers te brengen in de Heilige Tempel en Griekse goden te aanbidden (zie Makkabeeën 1:41-64). Tot slot verbiedt Antiochus de besnijdenis. Vrouwen die hun jongetjes toch laten besnijden worden gedood met hun zonen om hun nek gebonden. Joden die weigeren varkensvlees te eten worden dood gemarteld. Overal komen altaren voor Zeus. Dit type van religieuze vervolging is tot dan toe onbekend in de geschiedenis. In de polytheïstische wereld sterft niemand voor hun religie. Niemand, behalve de Joden.

Joden moeten de Tora wel trouw blijven omdat zonder de Tora de mensheid tot de ondergang gedoemd is. Joden moeten een 'licht voor de naties' zijn en kunnen hun missie niet verlaten zelfs als hun levens worden bedreigd. De Joden bieden passief weerstand tegen de Griekse vervolging door de Joodse tradities trouw te blijven. Er is echter ook actieve weerstand door tegen de Grieken te vechten. Dit doen de Makkabeeën. Maar het gevecht is ook vooral gericht tegen de Hellenistische Joden. Het gaat om een strijd van ideeën.

© 2008 - 2010 Etsel, gepubliceerd in Geschiedenis (Kunst en Cultuur) op 11-06-2008, laatst gewijzigd op 06-07-2008. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Etsel is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen


Reageer op het artikel "Religieuze geschiedenis Joden 29: Griekse vervolging"


Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.