Babylonië en Joden

Religieuze geschiedenis Joden 42: De Joden van Babylonië

Het verhaal van de Joden in Babylonië begint in het jaar 434 voor de gewone jaartelling, wanneer de Babyloniërs Israël binnenvallen en tienduizend van de invloedrijkste Joden meenemen. Deze Joden zetten een Joodse infrastructuur op die later van pas komt wanneer andere Joden in ballingschap geraken na de verwoesting van de Tempel. Wanneer Joden mogen terugkeren naar Israël doet slechts een kleine groep dat. De meesten blijven in Babylonië onder Perzische overheersing.


Babylonië Joods centrum

Gedurende de Twee Tempel Periode tot 70 na begin gewone jaartelling, bloeit de Joodse gemeenschap in Babylon. Het hoofd van de Joodse gemeenschap wordt Reish Galusa (in het Aramees) genoemd. Dit betekent 'Hoofd van de Diaspora.' De Reish Galusa is een afstammeling van het Huis van Koning David. In 1500 jaar tijd dragen naar schatting veertig personen deze titel.

Sassanische dynastie

De reden voor de stabiliteit van de Joodse gemeenschap is dat de Perzische Sassanische dynastie de Romeinen en later de Byzantijnen buiten de deur weten te houden. De christenen kunnen de Joden dus niet bekeren. Grote jesjivot (Joodse hoge scholen) bloeien op in Soera en Nehardea en later Pumbedita. Hier wordt de Babylonische Talmoed geschreven. Vooral de discussie van Abbaye en Rava drukken een stempel op de Talmoed.

Maar dan verandert de situatie. In het midden van de vijfde eeuw worden christenen en Joden vervolgd door Perzische priesters. Echter dankzij de Moslim verovering van het Midden Oosten verbetert de situatie voor de Joden weer.

Kalief Omar

De profeet Mohammed sterft in 632 en laat geen opvolger na. Dit leidt tot een strijd binnen de moslim wereld. De kandidaat voor opvolging zijn:
  • zijn neef Ali, die trouwt met Mohammeds dochter Fatima. De shi'ieten erkennen Ali als opvolger.
  • zijn eerste bekeerling en schoonvader, Abu Bakr. De soennieten erkennen Abu Bakr als opvolger.

De opvolger van Abu Bakr is Omar die de eerste islamitische dynastie sticht (Omayyad). Omar is van mening dat de weg naar eenheid is om een gemeenschappelijk te vijand te hebben. Hij leidt daarom een aantal oorlogen. In 638 verovert hij Jeruzalem op de Byzantijnen. Omar maakt de Tempelberg schoon waar vuilnis is gegooid door de Byzantijnen om de Joden te vernederen.. Tot deze periode is Jeruzalem niet belangrijk voor de moslims omdat Mohammed de gebedsrichting gewijzigd heeft naar Mekka en de Koran Jeruzalem niet één keer noemt. In het artikel Hoe Jeruzalem heilig werd voor moslims is nadere informatie te vinden. Het Omayyad leiderschap bepaalt dat de verste plaats (El Aksa) de Tempelberg in Jeruzalem is. In 691 wordt de Rotskoepel gebouwd. Dit is geen moskee. Het is een heiligdom gebouwd rond een grote rots. Joden geloven dat Abraham hier Izaäk wilde offeren, waar Jakob droomde van een ladders naar de hemel, en waar het Heilige der Heiligen eens stond. De El Aksa moskee is in 701 klaar. Beide gebouwen zijn de eerste grote heilige plaatsen van de moslims. De Rotskoepel is voor de Soenitische moslims het derde heilige gebouw, na Mekka en Medina. Voor de Shi'ieten komt het op de vierde plaats na Karabala.

Kalief Omar is de Joden goed gezind. De Reish Galusa, Bustenai Ben Haninai, wordt zelfs de schoonbroer van de Kalief als deze trouwt met de zuster van de Kalief.

De Karaïeten

In de Joodse gemeenschap van Babylonië heeft soms de Reish Galusa veel macht en soms de Gaoniem (Talmoed rabbijnen). Wanneer Shlomo, de Reish Galusa, zonder kinderen sterft in 760, vechten de neven Hanania en Anan om de opvolging. Hanania krijgt de baan en Anan start zijn eigen religie. De Karaïtische sekte accepteert de Mondelinge Tora niet (net zoals eerder de Sadduceeërs). De Karaïeten lezen de Schriftelijke Tora letterlijk. Zo vieren zij de Sjabbat in donkerte, vieren ze geen Chanoeka en scheiden ze geen melk en vlees. Ze trekken veel aanhangers, totdat de Sa'adia Gaon in beeld komt.

Sa'adia Gaon

Sa'adia Gaon zorgt met zijn argumenten dat het Karaïetisch Jodendom, dat in de 10de eeuw erg populair is, zich niet verder verspreidt. Hun aantal slinkt, maar ze verdwijnen nooit helemaal. Meer over het Karaïsme is te lezen in het artikel Jodendom: Karaïtisch Jodendom. Wanneer de Sa'adia Gaon sterft in 942 is het tijdperk van de Gaoniem van Babylonië bijna voorbij. Het eindigt officieel in 1038 met de dood van Chai Gaon. Dan zijn veel Joden uit Babylonië verdwenen en zijn naar Spanje verhuisd.

Meer is te lezen in mijn special Religieuze Joodse geschiedenis (III): Rome tot kruisvaarders.
© 2008 Etsel, gepubliceerd in Geschiedenis (Kunst en Cultuur) op 15-07-2008, laatst gewijzigd op 22-08-2008. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Etsel is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen


Reageer op het artikel "Religieuze geschiedenis Joden 42: De Joden van Babylonië"


Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.