Geschiedenis en Macedonie

Oorsprong van onze beschaving: Alexander de Grote

Oorsprong van onze beschaving: Alexander de Grote

In de 4e eeuw v. Chr. bleven de Griekse stadstaten verbonden tegen elkaar vormen, zoals zij dit in het verleden ook gedaan hadden. Zij konden de overgang niet maken van het geloof in gemeenschappelijke onafhankelijkheid naar eenheid in groter verband. Intussen maakte in het noorden Filippus II van Macedonië (359 - 336 v. Chr.) plannen om voor de Grieken te doen wat zij zelf niet konden, namelijk hen te verenigen onder één leiding. Zijn zoon Alexander III zou nog veel verder gaan.


Opkomst van Alexander de Grote

Filippus van Macedonië bewonderde de Grieken, en dan vooral de Atheners, omdat hun beschaving door geen enkel volk van de Oude Wereld overtroffen werd. De Grieken daarentegen vonden de Macedoniërs ruwe barbaren. De hoge cultuur van de Grieken was echter geen waarborg voor succes in oorlogen en bij intriges. Uiteindelijk bleken de Grieken niet opgewassen te zijn tegen de krijgskunde en diplomatieke trucs van Filippus. Zo rond 338 v. Chr. had hij ze dan ook klein gekregen.

Twee jaar later werd Filippus vermoord. Niettemin bleven zijn Griekse gebieden intact. Want toen Thebe, Athene en andere Griekse steden in opstand probeerden te komen, bleek Filippus' 20-jarige zoon Alexander III even bekwaam als zijn vader. Hij liet geen tijd verloren gaan om de Grieken de Macedonische macht te laten voelen. Hij nam de plannen van zijn vader over en ging er vol tegen aan om de Perzen te onderwerpen.

De veroveringen van Alexander de Grote

Op het moment dat het kolossale Perzische Rijk zich over het hele Nabije en Midden-Oosten uitstrekte, was dit geen geringe
Het rijk van Alexander de Grote
Het rijk van Alexander de Grote
prestatie voor zo'n jonge heerser. In 334 v. Chr. voerde Alexander een leger van 32.000 man infanterie en 5000 man cavalerie over de Hellespont (de tegenwoordige Dardanellen, de zeeëngte die Europa van Azië scheidt). Daarna trok hij langs de kust van Klein-Azië. In een dramatische strijd versloeg hij de Perzische koning Darius III bij Issus (in het huidige Zuid-Turkije). Vervolgens begon hij de provincies van het Perzische rijk één voor één op te slokken. In 332 trok hij Egypte binnen, waar hij de stad Alexandrië stichtte. Voortrekkend naar het oosten voegde hij Mesopotamië aan zijn veroveringen toe, vóór hij de Perzen op hun eigen grond de genadeklap gaf. De snelle successen schenen zijn begeerte alleen maar te vergroten. In 329 bracht hij de Iraniërs in Bactrië (het huidige Noord-Afghanistan) een verpletterende nederlaag toe, ging door Afghanistan en bereikte tenslotte de rivier de Indus in het tegenwoordige Pakistan.

Interne spanningen en Alexanders dood

Alleen al als expeditie, laat staan als verovering, was het een fantastische prestatie. Uiteindelijk was een semi-wetenschappelijke expeditie één van Alexanders doeleinden. Hij nam landmeters, delfstofkundigen en schrijvers mee die hem hielpen zich een beeld te vormen van de landen waar hij door trok. Toen hij de Indus bereikt had, was Alexander nog altijd even enthousiast om verder te trekken. Er begon nu echter in zijn leger hevige ontevredenheid te ontstaan. Na acht jaar voortdurend in beweging te zijn geweest, vermoeid door de vele maanden van verovering en neerslachtig omdat zij zo ver van huis waren, kregen zijn troepen er genoeg van. Met tegenzin keerde Alexander terug. Hij had gedroomd van het in elkaar overgaan van Oost en West. Hij moedigde zijn soldaten aan met buitenlandse vrouwen te trouwen, en nam zelf de Perzische prinses Roxane tot echtgenote. Zijn tijd was echter te kort om zijn rijk te kunnen consolideren. In 323 v. Chr. stierf hij in Babylon op 32-jarige leeftijd aan koortsen.

Het uiteenvallen van het rijk

Na Alexanders dood begon zijn enorme rijk vrij snel uiteen te vallen. Hij liet geen feitelijke erfgenamen na, zoadat zijn generaals zich tegen elkaar keerden, omdat zij allen probeerden zijn opvolger te worden. Ten slotte werd zijn rijk verdeeld. De drie sterkste generaals stichtten ieder een eigen dynastie: Ptolomaeus in Egypte; Antigonus in Macedonië, met een garnizoen op het vasteland van Griekenland; en Seleucus in Syrië en Mesopotamië. De drie vestigden zich als absolute heersers met een diepe verachting voor het Griekse denkbeeld over democratie. Desondanks was de Griekse cultuur -de taal, de kunsten- over een enorm gebied uitgedragen.

Verspreiding Griekse en Oosterse cultuur

De handel vanuit het Middellandse-Zeegebied kon nu via Perzië tot China doordringen. Bovendien werd de Griekse geest gestimuleerd door Alexanders ontdekkingsreizen naar nog niet in kaart gebrachte werelden. De wetenschap maakte vorderingen door geleerden als Archimedes (natuurkundige), Eratosthenes (astronoom) en de arts Herophilus (ca. 300 v. Chr.). De astronomen theoretiseerden over het draaien van de aarde om de zon en de uitwerking van de maan op de getijden. Terwijl de Griekse geleerden op deze manier tot de wetenschap bijdroegen, beïnvloedde het Oosten op zijn beurt het denken van de Grieken. De koningen versterkten hun autoriteit door het Oosterse denkbeeld van de god-koning over te nemen. Grieken die over het Nabije en Midden-Oosten verspreid waren, putten troost uit het Oosterse geloof in een leven na de dood. Zo werd in deze eeuwen de weg voorbereid voor het Christendom, een nieuwe godsdienst uit het Oosten die de oude Westerse goden van de Grieken uiteindelijk helemaal zou verdringen.
© 2008 - 2010 Staal, gepubliceerd in Geschiedenis (Kunst en Cultuur) op 19-11-2008, laatst gewijzigd op 29-01-2009. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Staal is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen


Reageer op het artikel "Oorsprong van onze beschaving: Alexander de Grote"


Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.