Geschiedenis en Etrusken

Oorsprong van onze beschaving: De opkomst van Rome

Oorsprong van onze beschaving: De opkomst van Rome

Van een kleine nederzetting bij een rivierovergang in Midden-Italië zou Rome uitgroeien tot een rijk dat over het merendeel van de toen bekende wereld heerste. Eens strekte de heerschappij van Rome zich uit van Noord-Afrika tot Brittannië. Vooral West-Europa was ontvankelijk voor de politieke opvattingen, de beschaving, de wetten en de taal van de Romeinen. Zelfs na de ineenstorting van het wereldrijk bleef een rijk erfdeel over dat blijvende invloed op onze westerse wereld zou uitoefenen.


Volken in het voorhistorische Italië

Indo-Europeanen, verwant aan hen die in het tweede millennium v. Chr. naar Griekenland emigreerden, trokken op een bepaald tijdstip gedurende die periode van duizend jaar over de Alpen Italië binnen. Zo rond 1000 v. Chr. strekten boerennederzettingen zich zuidwaarts uit tot het eiland Sicilë, recht tegenover de zuidwestelijke punt van de Italiaanse 'laars'. Boerenstammen zoals de Samnieten, de Latijnen, de Sabijnen, de Umbriërs en de Osci woonden in de vlaktes en de valleien van de Apennijnen.

Een beschaafder volk, de Etrusken arriveerde omstreeks 900 v. Chr. en vestigde zich in het westen van Italië tussen de Arno en de Tiber. Waar zij vandaan kwamen is min of meer een mysterie. Op grond van hun gewoontes die beschreven zijn en de voorwerpen die nog van hen zijn overgebleven, zijn de meeste hedendaagse historici er van overtuigd dat zij waarschijnlijk zijn uitgeweken uit Klein-Azië, tijdens de chaos die volgde op de val van het Hettietische rijk (in het huidige midden van Turkije).

De stichting van Rome

Aan de zuidelijke oever van de Tiber bij een doorwaadbare plaats, stichtten de Latijnen een klein dorp, Rome (zie maquette inleiding). Het lag gevaarlijk dicht bij de Etruskische grens, maar er stonden bepaalde voordelen tegenover: de Tiber was tot dit punt bevaarbaar; het dorp lag ver genoeg van zee om beveiligd te zijn tegen zeerovers; en zijn centrale ligging zou later tot zijn groei bijdragen. Want dit met palen omheinde gehucht groeide inderdaad uit tot de belangrijkste stad van Italië in de 3e eeuw v. Chr. en tot de hoofdstad van een groot gedeelte van de toen bekende wereld omstreeks de eerste eeuw na Chr.

Het karakter van het Latijnse volk was echter ook van het grootste belang bij hun ongelooflijke opkomst van boeren tot wereldheersers. Zij deinsden niet terug voor oorlog, en schijnen graag bereid te zijn geweest om het gemeenschappelijk belang vóór dat van het individu te stellen. Volgens hun eigen legendes werd Rome in 753 v. Chr. gesticht door een zoon van Mars, de oorlogsgod. Deze eerste koning, Romulus doodde zijn tweelingbroer Remus, en doopte zijn stad dus al van het allereerste begin met bloed.

De republiek Rome

Volgens de legendes joeg de zevende koning van Rome, Tarquinius Superbus, het volk tegen zich in het harnas door een despotische macht uit te oefenen. Het volk zette hem in 509 v. Chr. af en maakte een republiek van de stad. De twee consuls, die voor de koning in de plaats kwamen, leidden de raad der oudsten (de Senaat), en voerden het bevel over het leger. De macht van de ene vormde een tegenwicht voor die van de ander, en beiden werden jaarlijks door een volksvertegenwoordiging gekozen.

Onder deze republiek begon de expansie van Rome. De naburige stammen in de Apennijnen en de Etrusken waren de eersten die de druk van de Romeinen zouden voelen, en in de volgende eeuw bij militaire ontmoetingen van hen zouden verliezen. In 390 v. Chr. verschenen er echter horden blonde reuzen, de Galliërs, uit het noorden. Zij plunderden Rome en terroriseerden het gebied maandenlang voordat zij zich terugtrokken. Bij tussenpozen keerden de Galliërs terug. De andere Latijnse steden kwamen tot de conclusie dat zij Rome nodig hadden om hen tegen de indringers bij te staan. Maar toch vochten de andere Latijnse steden tegen de Romieinse overheersing tot 338 v. Chr., toen de Romeinen een beslissende overwinning behaalden.

De Romeinse overheersingsstrategie

De Romeinen demonstreerden hun talent voor het in bezit houden van wat zij verworven hadden op twee manieren:
Oudste heerwegen - Via Appia=rood
Oudste heerwegen - Via Appia=rood
door de manier waarop zij de overwonnen steden behandelden en door het aanleggen van een wegennet. De Romeinen gingen als militaire kolonisten naar door hen verslagen steden. Sommige inwoners werden naar Rome overgebracht om daar permanent te wonen. De bezette steden werden opzettelijk geïsoleerd gehouden. Zij konden alleen met Rome handel drijven en niet met elkaar! Deze politiek versterkte hun afhankelijkheid van en hun identificatie met Rome. De eenheid van Rome werd eveneens in de hand gewerkt door het aanleggen van wegen om een snel troepentransport mogelijk te maken. De eerste was de Via Appia (genoemd naar initiatiefnemer Appius Claudius), waarmee in 312 v. Chr. begonnen werd en die Rome met Capua verbond. Later werd deze weg verlengd om het zuiden van Italië met de Adriatische kust te verbinden, waardoor hij een totale lengte van meer dan 540 km. kreeg. Dit zou de kern worden van een net van goed bestrate wegen dat ten slotte kriskras door heel West-Europa en een groot gedeelte van Noord-Afrika liep. De Via Appia is er nog en is gedeeltelijk ook wel te belopen, maar stukken zijn ofwel verdwenen ofwel verkeersweg geworden.

Uitbreiding Romeinse heerschappij

De Grieken onderworpen
De verenigde strijdmacht van Samnieten, Galliërs, Lucaniërs en Etrusken moest in het begin van de 3e eeuw v. Chr. zijn meerdere erkennen aan het Romeinse leger, in een vergeefse poging de macht van de stad te kunnen intomen. In de loop van deze oorlog nam Rome Griekse koloniën in Lucanië in het zuiden van Italië in. De Grieken van Tarente stuurden boodschappers naar Pyrrhus van Epirus, op het vasteland van Griekenland, met het verzoek hun te hulp te komen. In 280 v. Chr. stak Pyrrhus de Adriatische Zee over met 25.000 soldaten en 20 olifanten. Hij overwon de Romeinen tweemaal, de eerste keer bij Heraclea (aan de Golf van Tarente) en de tweede maal bij Asculum in het zuidoosten van Italië. Beide keren leed Pyrrhus echter zware verliezen. Maar na in 275 v. Chr. bij Beneventum (nabij Napels) verslagen te zijn, keerde hij voorgoed naar Griekenland terug. Een pyrrusoverwinning of schijnoverwinning is spreekwoordelijk geworden voor een overwinning die zoveel inspanning kost dat het dezelfde uitwerking heeft als een nederlaag.

Romeins burgerschap
Na deze belangrijke zege voor de Romeinen over de Grieken stond Rome al spoedig aan het hoofd van een Italiaans verbond dat zich uitstrekte van de Rubicon, een riviertje onder de Po-vlakte, tot de Straat van Messina, tussen het Italiaanse vasteland en Sicilië. de Griekse steden in het zuiden van Italië behielden hun zelfbestuur, maar werden tevens bondgenoten van Rome. Aanvankelijk kregen de burgers in sommige Italiaanse steden het Romeinse burgerrecht, terwijl zij in andere steden minder belangrijke rechten kregen. Omstreeks 87 v. Chr. strekte het Romeinse burgerschap zich uit tot alle Italianen ten zuiden van de Po. Het Romeins burgerrecht betekende meer autonomie voor een gemeenschap of stad en vrijstelling van belasting.
© 2008 - 2010 Staal, gepubliceerd in Geschiedenis (Kunst en Cultuur) op 19-11-2008. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Staal is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen


Reageer op het artikel "Oorsprong van onze beschaving: De opkomst van Rome"


Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.