Bijbelse geschiedenis 18: Jozef bij Potifar en in gevangenis

Jozef belandt, nadat hij verkocht is door zijn broers aan slavenhandelaars, in Egypte. Hier wordt hij slaaf van Potifar. Potifar erkent dat Jozef een bijzondere slaaf is en stelt hem aan het hoofd van de huishouding. Wanneer de vrouw van Potifar Jozef probeert te verleiden en deze niet meewerkt, belandt Jozef in de gevangenis. Hier ontmoet hij de schenker en de bakker van de Farao wier dromen hij uitlegt. De schenker komt vrij maar vergeet een goed woordje te doen voor Jozef bij Farao.

Jozef in bij Potifar en in de gevangenis

In de dienst van Potifar
De Ismaëlietsche kooplui verkopen Jozef door aan een karavaan van Midianieten die hem naar Egypte brengen. Daar verkopen zij hem aan Potifar, die de hoofd beambte was van de wacht van Farao. Jozefs buitengewone schoonheid, wijsheid en beschaafde manieren trekken de aandacht van zijn meester. Potifar erkent de buitengewone bekwaamheden van Jozef en weet dat hij geen gewone slaaf is. Hij plaatst hem boven alle andere slaven en spoedig staat Jozef aan het hoofd van de huishouding. Het huis van Potifar bloeit op onder de zorg van Jozef, want God is bij Jozef en zegent hem met alles wat hij doet.

Jozef wordt valselijk beschuldigd
In zijn positie als hoofd van de huishouding kan Jozef niet ontkomen aan contact met de vrouw van Potifar en haar vriendinnen. Zij worden erg aangetrokken door zijn buitengewone schoonheid en charme.

Op een dag, tijdens het Feest van de Stijgende Nijl, blijft Jozef alleen in het huis achter, terwijl de rest van de huishouding naar de diensten van de Egyptische tempels gaan. Zelicha, de vrouw van Potifar blijft ook thuis omdat ze weet dat Jozef thuis zal blijven omdat hij niet naar Egyptische tempels gaat. Ze hoopt dat ze de hele dag in Jozefs buurt kan zijn. Maar ze kent Jozef niet. Al haar beloften kunnen hem niet verleiden bij haar te blijven. Jozef ziet zijn oude vader voor zijn ogen en hij kan het vertrouwen van zijn vader niet verraden. De vrouw van Potifar is zo goddeloos dat Jozef het huis ontvlucht en zijn mantel in de haast vergat. Later vertelt de vrouw van Potifar aan haar man dat Jozef probeerde haar lastig te vallen.

Jozef wordt in de gevangenis gegooid
Hoewel Potifar er van overtuigd is dat Jozef onschuldig is, wil hij de eer van zijn vrouw hoog houden. Hij laat Jozef martelen en in de gevangenis gooien. Ook daar staat God Jozef bij. Spoedig krijgt Jozef het vertrouwen van de gevangenbewaarder en wordt aan het hoofd gesteld van de andere gevangenen.

Jozef, de droomuitlegger
Niet veel later belanden de schenker en de bakker van de Farao in de gevangenis omdat Farao ontevreden is over hun diensten. Jozef raakt met hen bevriend en ze praten veel met elkaar.

Op een ochtend treft Jozef beiden bedroefd aan. Jozef vraagt wat er aan de hand is. Ze vertellen hem dat ze hadden gedroomd en dat niemand de dromen kan uitleggen. Jozef vertelt dat de betekenis van dromen in Gods handen ligt en dat hij met Gods hulp de dromen kan uitleggen.

De schenker vertelt: "In mijn droom, zie, zo was een wijnstok voor mijn aangezicht; En aan den wijnstok waren drie ranken; en hij was als bottende, zijn bloeisel ging op, zijn trossen brachten rijpe druiven voort. En Farao's beker was in mijn hand; en ik nam die druiven, en drukte ze uit in Farao's beker, en ik gaf den beker op Farao's hand."
Jozef legt de droom als volgt uit: "de drie ranken zijn drie dagen. Binnen nog drie dagen zal Farao uw hoofd verheffen, en zal u in uw staat herstellen; en gij zult Farao's beker in zijn hand geven, naar de vorige wijze, toen gij zijn schenker waart."
Jozef vraagt gelijk of de schenker aan hem wil denken om een goed woordje te doen bij Farao wanneer hij weer eenmaal vrij is.

Ook de bakker vertelt zijn droom: "Ik was ook in mijn droom, en zie, drie getraliede korven waren op mijn hoofd. En in den oppersten korf was van alle spijze van Farao, die bakkerswerk is; en het gevogelte at dezelve uit den korf, van boven mijn hoofd."
Jozef legt de droom als volgt uit: "de drie korven zijn drie dagen. Binnen nog drie dagen zal Farao uw hoofd verheffen van boven u, en hij zal u aan een hout hangen, en het gevogelte zal uw vlees van boven u eten."

De interpretaties van Jozef blijken te kloppen. Drie dagen later is Farao jarig. Deze laat de schenker vrij en laat de bakker hangen. De schenker denkt echter niet meer aan Jozef die achter blijft in de gevangenis.

Meer over de Bijbelse geschiedenis is te lezen in mijn special Bijbelse geschiedenis II: van Jakob tot Mozes.
© 2008 - 2012 Etsel, gepubliceerd in Geschiedenis (Kunst en Cultuur) op . Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Etsel is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer informatie…

Gerelateerde artikelen
Bijbelse geschiedenis 19: Jozef als bestuurder van Egypte Jozef komt vrij uit de gevangenis wanneer de Farao hem vraagt z…
Religieuze geschiedenis Joden 8: Jozef in Egypte Het verhaal van Jozef toont een klassiek historisch patroon van de Jood…
Joseph and the Amazing Technicolor Dreamcoat - De Musical De allernieuwste musical van Joop van den Ende, Joseph and the…
Torastudie 56: Studiehuis in Egypte - Genesis 46 In Genesis 46 wordt verteld dat Jakob naar Egypte verhuist en Juda vooru…
Geschiedenis Joodse volk 1 (aartsvaders en exodus) Het Bijbelboek Genesis spreekt over drie aartsvaders (patriarchen): Ab…

Reageer op het artikel "Bijbelse geschiedenis 18: Jozef bij Potifar en in gevangenis"

Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.
Infoteur: Etsel
Rubriek: Kunst en Cultuur / Geschiedenis
Schrijf mee!