Modern Israël 30: Joods Tehuis – Histadroet, Jewish Agency

Modern Israël 30: Joods Tehuis – Histadroet, Jewish Agency

Tijdens de Derde Alija traden dichters op de voorgrond die over het land schreven. Zij vormden de stem van de chaloetziot. Dichters waren o.a. Shlonsky, Lamdan, Hameiri, Greenberg en Karni. Ze schreven over de kale woestenij, het fanatisme van de arbeiders en de eerste kvoetsot. Het was angst vermengd met cynische hoop op een nieuwe samenleving. Deze laatste werd vooral door de stad gevormd met de komst van Poolse Joden. Ook aandacht voor de Histadroet en Jewish Agency.

De groei van de stedelijke nederzettingen

Lang niet iedere immigrant was een socialistische pionier. In de jaren 1922-1929 begon de middenklasse toe te nemen door vooral een instroom van Poolse Joden. Zij werden in Polen gediscrimineerd. In de jaren '20 besloot de Poolse minister van financiën, Wladyslaw Grabski, de takken van industrie en handel waar veel Joden in werkzaam waren te nationaliseren. Veel Joodse kooplui raakten zo bankroet. Hun enige hoop was emigratie. Tussen 1924 en 1928 emigreerden 70.000 Poolse Joden naar Palestina. In totaal steeg tijdens de Vierde Alija de Joodse bevolking van 84.000 in 1922 naar 154.000 in 1929. Zij vestigden zich vooral in de steden. Zij legden de basis van de stedelijke economie van de Jisjoev. Zij droegen bij aan het feit dat Tel Aviv zich ontwikkelde tot een stad van 46.000 inwoners in 1929 (daarbij waren ook Joden die Jaffa waren ontvlucht vanwege Arabische rellen) en al 160.000 inwoners in 1939. Het was duidelijk dat veel Joden zich in steden vestigden, meer dan op het platteland waar het percentage overigens ook nog groeide van 14 naar 23% in 1931 en zelfs 29% in 1939.

Industrie

In de jaren '20 van de vorige eeuw kwamen ook de eerste Joodse industrieën van de grond. In 1921 werd een steenfabriek geopend in Tel Aviv. Pinchas Rutenberg bouwde in datzelfde jaar een elektriciteit krachtcentrale in Tel Aviv die snel navolging kreeg in Haifa en Tiberias. Meer fabrieken verschenen zoals zoutverwerking (regio Haifa), korenmolen (regio Haifa), olie- en zeepfabriek (regio Haifa), Nesher cementfabriek (regio Haifa) en verschillende textielfabrieken. Toch waren de meeste industriële ondernemingen maar klein en werkten er weinig mensen. Er werkten echter wel veel mensen in de bouw (in Tel Aviv zelfs 45%).

Vakbonden – Histadroet

De leiders van de Arbeiders Zionisten volgden de ontwikkelingen op de voet. Zij wilden de Palestijnse Joodse economie vorm geven. Hapoel HaZair en Poalei Zion functioneerden als een soort vakbonden en verschaften zelfs basiszorg. Tijdens de oorlog leidden voedsel tekorten tot een consumenten coöperatie (HaMashbier HaMerkazi). Al deze organisaties waren min of meer de voorlopers van de Histadroet (de Vakbond; de Joodse Arbeiders Federatie van Palestina). Maar de werkelijke vorming van de Histadroet werd gedaan door twee politieke fracties: Achdoet HaAvoda en Hapoel HaZair. In december 1920 werd de Histadroet in Haifa opgericht. De Histadroet leden kwamen voornamelijk uit kibboetsiem en moshaviem en legden de nadruk op werkgelegenheid voor Joden op het platteland. De Histadroet organiseerde stakingen om meer Joden op te nemen in de citrusplantages waar veel goedkope Arabieren werkten. Soms werden Arabieren hardhandig naar huis gestuurd met de gedachte dat de Arabische economie voor zichzelf kon zorgen en dat voor de Joodse nieuwkomers werk een kwestie van leven en dood was.

Ook werden Joden in de steden door Joodse kapitalisten uitgebuit. Histadroet begon daarom haar aandacht naar de steden te verschuiven. Niet alleen handarbeiders werden ondersteund maar ook klerken, technici, dokters en advocaten. Er kwamen werkmogelijkheden voor Joden in de bouw, bij de Britse spoorwegen, op postkantoren en andere sleutel sectoren van de stedelijke economie.

Het ging de Histadroet niet alleen om het onderhandelen namens de arbeiders maar ook om het land op te bouwen met het doel een Joodse arbeidersmaatschappij in Palestina op te richten. Deze doelen werden bereikt door de oprichting van een centrale economische coöperatie, de Chevrat Ovdiem. Zo was HaMashbier HaMerkazi een coöperatieve groothandelsmaatschappij die de producten van de kibboetsiem en moshaviem opkocht. Andere maatschappijen die door Chevrat Ovdiem werden opgericht waren Tnuva (zuivelproducten), Bank HaPoaliem (Arbeiders Bank), Shikoen (goedkope huurwoningen), Kupat Choliem (ziekenfonds), Va'ad Leumi (netwerk van scholen), Davar (krant), Ohel (toneelgezelschap), Solel Boneh (bouwmaatschappij).

Politieke samensmelting Achdot HaAvoda en HaPoel HaZair in Mapai

Op het politieke front gingen de Achdot HaAvoda en HaPoel HaZair samen op in de Mapai (Mifleget Poalei Erets Jisraeel) – de Arbeiderspartij van het Land Israël. Spirituele gids van de partij was Berl Katznelson. Hij had o.a. de krant Davar opgericht. Mapai controleerde niet alleen de Histadroet maar ook de Nationale Vergadering en het politieke departement van de Jewish Agency. De Mapai werd vooral gedragen door leiders uit de Tweede Alija: Katznelson, Ben Goerion, Ben-Zvi, Springzak, Remez en Tabenkin. Zij kneedden de ideologie en de instituties van de Jisjoev en later de staat Israël.

De Jewish Agency

Naast de vorming van eenheid in Palestina door Joodse arbeid, had het wereld Jodendom op een andere beperkte manier invloed op de groei van de Jisjoev. De Volkenbond had de Zionistische Organisatie als de Jewish Agency geautoriseerd om samen te werken met Groot Brittannië in het ontwikkelen van het Joods Nationaal Tehuis.

De Keren HaYesod verschafte het voertuig om de Jisjoev te financieren zonder zich aan politiek te wijden. Maar het Britse Mandaat verlangde een agentschap dat Keren HaYesod niet was. Weizmann was degene die met het plan van een vergrote agentschap kwam. Hij kreeg hierbij steun van de Arbeid Zionisten die de grootste groep vormden binnen de Zionistische Organisatie. Op het Dertiende Congres in 1923 werd de vergrote Jewish Agency gesanctioneerd, zij het met moeite omdat er tegenstand was van de niet-Zionisten. In 1925 werden de doeleinden van een Jewish Agency opgesteld:
  • continue groei van de omvang van de Joodse immigratie;
  • afkoop van het land als Joods openbaar eigendom;
  • agrarische kolonisatie gebaseerd op Joodse arbeid;
  • herleving van de Hebreeuwse taal en cultuur.

In de Raad van de Jewish Agency zaten evenveel vertegenwoordigers van de Zionistische Organisatie als van Joodse gemeenschappen in verschillende delen van de wereld. In 1929 werd de vergroting van de Jewish Agency goedgekeurd door het Zionistisch Congres. In augustus 1929 hield de Vergadering van de Jewish Agency een vierdaags congres in Zürich. Weizmann werd gekozen als president en Louis Marshall als voorzitter.

In Palestina zag de Joodse gemeenschap er na 10 jaar Brits Mandaat als volgt uit:
  • meer dan 162.000 Joden (17% van de totale bevolking van Palestina);
  • 37.000 Joden woonden op het platteland in 111 agrarische nederzettingen op 700.000 dunams;
  • 13 agrarische scholen en experimentele stations waren actief;
  • citrusgewassen namen kwantitatief en kwalitatief toe;
  • 1500 fabriekjes en werkplaatsen die zich bezig hielden met textiel, kleding, metalen goederen, chemicaliën, stenen en cement, houtbewerking – een totaal kapitaal van 1 miljoen pond;
  • levenskwaliteit nam toe met verbeterde gezondheidszorg uitgevoerd door Hadassa (vrouwenorganisatie), WIZO (Women's International Zionist Organisation) en Kupat Choliem (ziekenfonds); het sterftecijfer en zuigelingensterfte nam af.

Meer informatie: Modern Israël IV: Brits Mandaat/Joods Nationaal Tehuis.

Lees verder

© 2011 - 2012 Etsel, gepubliceerd in Geschiedenis (Kunst en Cultuur) op . Het auteursrecht van dit artikel en antwoorden op reacties ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.

Gerelateerde artikelen
Modern Israël 24: Brits Mandaat – 'constitutie' Het wetgevend instrument definieerde de Britse verplichtingen onder…
Zionisme 8: Onder het Mandaat Palestina Het succes van het Zionisme speelde zich zowel af op de grond als in de politieke…
Modern Israël 29: Joods Tehuis –kvoetsa, kibboets en moshav De nieuwkomers van de Derde Alija zochten werk. De Brits…
Modern Israël 34: Confrontatie – Na de rellen van 1929 Na de Arabische rellen van 1929 constateerden de Zionisten da…
Modern Israël 36: Confrontatie – Revisionistisch Zionisme Voor Joden uit Polen, Roemenië en Hongarije die leden onde…

Bronnen en referenties
  • A history of Israel (From the rise of zionism to our time) - Howard Morley Sachar

Reageer op het artikel "Modern Israël 30: Joods Tehuis – Histadroet, Jewish Agency"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Naam: E-mailadres: Meld mij aan voor de wekelijkse InfoNu nieuwsbrief. Reactie:
Infoteur: Etsel
Rubriek: Kunst en Cultuur
Subrubriek: Geschiedenis
Bronnen en referenties: 1
Schrijf mee!