Modern Israël 31: Confrontatie –Joden en Arabieren vóór 1917
De Zionisten schonken aanvankelijk niet veel aandacht aan de Arabieren in Palestina. Ze zagen hen niet als een politiek probleem. Ze dachten zelfs dat de Arabieren hen met open armen zouden ontvangen vanwege de investeringen die Joden in Palestina deden. Zelfs Herzl schreef dat in Altneuland. Hij sprak verder weinig over hen. Ook was er aanvankelijk weinig geweld tussen Joden en Arabieren vóór 1900 m.u.v. stroperij maar dat was niet nationalistisch gemotiveerd.Samenwerking tussen Joden en Arabieren
Hoewel de aankoop van Arabisch land door het Joods Nationaal Fonds tot verarming leidde, hebben Arabieren ook geprofiteerd van de Joodse immigratie. Joden vormden een nieuwe markt voor Arabisch voedsel en diensten. Ze leefden zij aan zij en werkten veel samen en kwamen zelfs bij elkaar op bezoek. Toch vormden de Zionisten een steen des aanstoots voor de Arabische mores, zoals de kibboetsiem, radicale socialistische politiek, alleen werk voor Joden, en gelijkheid tussen man en vrouw. Joden hadden weinig oog voor de Arabische traditie. Dr. Jitschak Epstein, een Zionistische intellectueel, pleitte er voor dat Joden verder keken dan hun eigen nationalisme. Hij wilde dat Joden en Arabieren een verbond zouden aangaan. Maar Epsteins visie werd verworpen, Smilansky, een leider van de Tweede Alija, verweet Epstein een Diaspora manier van denken: bezorgd om wat niet-Joden zeggen.Opkomst Arabisch nationalisme
Vóór 1908 bestond het Arabisch nationalisme nauwelijks. Het ontwikkelde zich later dan andere volkeren onder Ottomaanse heerschappij (m.u.v. de Albanezen). In 1908 vond de Jong Turkse Revolutie plaats. Er kwam een oproep voor culturele en politieke autonomie. De oproep vond gehoor bij Egyptische en Syrische journalisten die in Caïro woonden. Zij maakten deel uit van de Ottomaanse 'Decentralisatie' partij. Ook waren er nog andere kleine oppositie elementen. Maar het stelde allemaal weinig voor. De enige die de aandacht trok bij de Joden was de christen Naguib Azouri die waarschuwde dat de Joden het oude Koninkrijk Israël wilde herstellen. Maar de Zionisten zagen Azouri meer als een christelijke antisemiet.Jong Turkse Revolutie gaf problemen van Joods-Arabische relaties een nieuwe dimensie
Arabische moslim leden van het Ottomaanse parlement voerden voor het eerst een anti-Zionistische campagne. Ze waarschuwden dat de Joden een eigen land wilden. Dat werd overgenomen door Palestijnse Arabieren in kranten. In 1911 vormden 150 Palestijnse Arabieren een anti-Joodse associatie in Jaffa. Ze voerden demonstraties tegen Joden en protesteerden bij Constantinopel tegen Joodse aankoop van land. Joden zochten echter loyaliteit bij het Turkse regime en hoopten dat de Turkse regering hen zag als barrière tegen Arabische autonomie. Maar dit leidde nog tot meer Arabische wrok tegen de Zionisten.In 1913 benaderden Arabische leiders de Zionistische vertegenwoordiger in Constantinopel, Victor Jacobson, om een mogelijk Arabisch-Joods front tegen de Turken te bespreken. Hochberg, de assistent van Jacobson, stelde aan de Arabische leiders voor het Arabisch nationalisme te steunen mits de Zionistische claims werden geaccepteerd, maar dit wilden de Arabieren niet 'om tactische redenen.' Wel zou Hochberg als bemiddelaar optreden tussen het Arabisch Congres en de leiders van de Jonge Turken in Constantinopel. Maar andere Zionisten waarschuwden dat zolang de Turken Palestina in handen hadden ze het gevaar liepen gezien te worden als collaborateurs van de Arabieren. Daarom wezen de Zionisten een ontmoeting met het Arabische leiderschap in mei 1914 af. De Arabier Khalidi waarschuwde de Zionist Sokolow dat regeringen komen en gaan maar dat een volk voor altijd blijft.
Arabische vijandschap
De Arabieren begonnen de Joden na de Eerste Wereldoorlog steeds meer als een bedreiging te zien. Maar de Joden namen het niet serieus. Weizmann bleef zijn hoop op Feisal van Syrië vestigen. Met de Arabieren in Palestina waren alleen goede economische relaties nodig. Feisal nodigde Chaim Kalvarisky uit op het Egyptisch Nationaal Congres in juli 1919. Daar legde Kalvarisky een concept blauwdruk neer van een toekomstige Palestijnse staat voor Joden, moslims en christenen. De Arabische leiders accepteerden dit maar de Nationale Vergadering van de Jisjoev wees het af als 'belachelijk en gevaarlijk.'Meer informatie Modern Israël V: Confrontatie Joden-Arabieren 1929/1936-'39.
Lees verder
© 2011 - 2012 Etsel, gepubliceerd in Geschiedenis (Kunst en Cultuur) op .
Het auteursrecht van dit artikel en antwoorden op reacties ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Modern Israël 32: Confrontatie – Arabieren in Palestina Aanvankelijk woonden er maar weinig Arabieren in Palestina.…
Modern Israël 3: Europees nationalisme/Russische Mei Wetten Het Joods nationalisme werd sterk beïnvloed door Europee…
Modern Israël 38: Britse weerstand – Arabische opstand 1936 Ondanks de militaire overmacht van Groot-Brittannië stre…
Modern Israël 35: Confrontatie – Polarisatie Joden-Arabieren De Arabische bevolking van Palestina was in 1935 toegen…
Gerelateerde artikelen
Modern Israël 33: Confrontatie – Arabische rellen van 1929 Zowel de Britten als de Joden onderschatten aanvankelijk…Modern Israël 32: Confrontatie – Arabieren in Palestina Aanvankelijk woonden er maar weinig Arabieren in Palestina.…
Modern Israël 3: Europees nationalisme/Russische Mei Wetten Het Joods nationalisme werd sterk beïnvloed door Europee…
Modern Israël 38: Britse weerstand – Arabische opstand 1936 Ondanks de militaire overmacht van Groot-Brittannië stre…
Modern Israël 35: Confrontatie – Polarisatie Joden-Arabieren De Arabische bevolking van Palestina was in 1935 toegen…
Bronnen en referenties
- A history of Israel (From the rise of zionism to our time) - Howard Morley Sachar