Modern Israël 33: Confrontatie – Arabische rellen van 1929
Zowel de Britten als de Joden onderschatten aanvankelijk het gevaar van het Arabisch geweld. Weizmann concentreerde zich meer op Feisal en de leiders van Syrië en Egypte dan op de Arabieren in Palestina. Maar de gewelddadigheden van 1921 leidde ertoe dat een aantal Zionisten (o.a. George Landauer en Chaim Arlosoroff) wel in gingen zien dat de Arabieren een gevaar vormden. Toch was het Zionistische beleid gericht op immigratie als fait accompli.Economische voordelen voor de Arabieren
De Arbeid Zionisten zagen de Joodse aanwezigheid in Palestina nog altijd als economische voordelen voor de Arabieren. Deze economische voordelen moesten het beslissende antwoord zijn op Arabisch nationalisme. Vooral Berl Katznelson veronderstelde dat de keuterboeren (fehallien), die uitgebuit werden door grote landheren, de voordelen van de Joodse economie zouden inzien. Ook Ben Goerion dacht dat de Arabische massa's zouden begrijpen dat Joodse kolonisatie welvaart zou brengen. De Joodse arbeidersklasse zou een verbond moeten aangaan met haar Arabische tegen partner. In 1927 richtte de Histadroet een Confederatie van Palestijnse Arbeid op voor alle arbeiders in Palestina. Maar desondanks bleef het ongeïnteresseerd in gezamenlijke Arabisch-Joodse vakbonden.Landverkoop aan Joden door effendi wekt woede op bij Arabische boeren
Er waren een aantal zaken die kwaad bloed zetten bij de Arabieren. Ten eerste groeide weliswaar hun levensstandaard, maar de Joodse levensstandaard groeide sneller. Ten tweede waren de Arabieren boos over de verkoop van land aan de Joden waarbij het Joods Nationaal Fonds bepaalde dat eenmaal door Joden opgekocht land niet meer aan Arabieren verkocht mocht worden en dat de landerijen niet voor Arabische werkgelegenheid openstond. Dit waren niet de klachten van de effendis (landheren), die juist het land voor extreem hoge prijzen aan Joden verkochten. Ten derde nam in 1929 de Joodse immigratie naar Palestina weer toe. Al deze zaken leidden ertoe dat in 1929 geweld uitbrak en Joden werden aangevallen door Arabieren.Geweld in Jeruzalem en de rest van Palestina in 1929
Geweld ontstond in de Oude Stad van Jeruzalem. De Arabieren bezaten het Tempelberg complex inclusief de Westelijke Muur (Klaagmuur). De Westelijke Muur was sinds de Middeleeuwen toegankelijk voor Joden om er te bidden. Kort voor Grote Verzoendag in 1928 plaatsten Joden een scheiding op het plein voor de Westelijke Muur tussen mannen en vrouwen. De Arabieren beweerden dat de status quo was aangetast. De Britten beaamden dit en haalden de scheiding weg. De Zionistische Organisatie diende een klacht in bij Londen en Genève. De Arabieren deden ondertussen een beroep op de moslimwereld met de leugen dat de Joden trachten controle te krijgen over de Al Aksa moskee. De Moefti's Hoge Moslim Raad riep Arabische arbeiders op te gaan werken bij de Westelijke Muur om zo de Joodse eredienst te verhinderen. Er werd ook een islamitische religieuze ceremonie gehouden om Joodse gebeden te verhinderen. Er volgende maanden van protesten en tegen protesten. Op 11 juni 1929 bepaalde de Hoge Commissaris dat Joden hun eredienst zonder verstoring mochten uitvoeren. Maar de moslims gingen door met bouwen.Zowel Joden als moslims waren ontevreden. Een rechtse Joodse jeugdgroep ging een vreedzame mars houden bij de Westelijke Muur. De moslims kwamen daarop met een tegendemonstratie. Moslimleiders jutten de bevolking op en riepen hen op de Al Aksa te beschermen tegen Joodse aanvallen. Op 23 augustus 1929 stroomden gewapende Arabieren Jeruzalem binnen. Ze vielen de orthodoxe Joodse wijken aan en spoedig verspreidde het geweld zich over heel het land. In Hebron werden 60 Joden vermoord en 50 verwond. Ook in andere plaatsen vielen slachtoffers. In totaal vonden 133 Joden en 87 Arabieren de dood. Het Britse Mandaat nam maatregelen tegen de Arabieren. Maar de Moefti eiste dat er ook onderzoek gedaan zou worden naar Joods geweld.
Meer informatie Modern Israël V: Confrontatie Joden-Arabieren 1929/1936-'39.
Lees verder
© 2011 - 2012 Etsel, gepubliceerd in Geschiedenis (Kunst en Cultuur) op .
Het auteursrecht van dit artikel en antwoorden op reacties ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Modern Israël 32: Confrontatie – Arabieren in Palestina Aanvankelijk woonden er maar weinig Arabieren in Palestina.…
Modern Israël 22: Brits Mandaat – grenzen en Joodse hoop Eind 1918 hadden de Britse troepen zich in Syrië, westelijk…
Modern Israël 23: Brits Mandaat – einde militair regime Het Britse Mandaat in Palestina kreeg vorm door lagere funct…
Religieuze geschiedenis Joden 64: oprichting Staat Israël Op 14 mei 1948 wordt de Joodse Staat uitgeroepen. Dit volg…
Gerelateerde artikelen
Modern Israël 31: Confrontatie –Joden en Arabieren vóór 1917 De Zionisten schonken aanvankelijk niet v…Modern Israël 32: Confrontatie – Arabieren in Palestina Aanvankelijk woonden er maar weinig Arabieren in Palestina.…
Modern Israël 22: Brits Mandaat – grenzen en Joodse hoop Eind 1918 hadden de Britse troepen zich in Syrië, westelijk…
Modern Israël 23: Brits Mandaat – einde militair regime Het Britse Mandaat in Palestina kreeg vorm door lagere funct…
Religieuze geschiedenis Joden 64: oprichting Staat Israël Op 14 mei 1948 wordt de Joodse Staat uitgeroepen. Dit volg…
Bronnen en referenties
- A history of Israel (From the rise of zionism to our time) - Howard Morley Sachar