
Herhalingen in de kunst
Je doet het vast regelmatig zonder dat je erbij stilstaat: je bent met een werkstuk bezig en vind iets op internet dat je daar goed bij kunt gebruiken. Met een paar klikken van de muis heb je de tekst gekopieerd en in je tekstverwerker geplakt. Eigenlijk kopieer je dan iets wat iemand anders vóór jou al een keer heeft opgeschreven. Onderzoekers hebben nu ontdekt dat schilders eeuwen geleden min of meer hetzelfde deden.
Schilders kregen vaak opdrachten om portretten van mensen te schilderen. Het belangrijkste was dat je goed kon zien welke persoon er op het schilderij stond. Daar moest deze persoon lang voor poseren. Nog langer moest je poseren als ook de kleding heel precies moest worden geschilderd. Plooien en schaduwen van stoffen schilderen was zo lastig dat de schilder het echt voor zich moest zien om het goed te kunnen weergeven.
Bij onderzoek en restauratie van schilderijen uit de collectie van het Rijksmuseum viel iets bijzonders op: sommige kunstenaars herhaalden zichzelf. Regelmatig zag je dat een vrouw in bijvoorbeeld een witte satijnen jurk stond afgebeeld op een bepaald schilderij, en op een ander schilderij zag je een andere vrouw, voor een andere achtergrond, maar met net zo’n jurk. Er kon geen twijfel over bestaan dat het dezelfde jurk was, echt ieder plooitje was hetzelfde.
Hoe zat dat nu? Een aantal beroemde portretschilders uit de Gouden Eeuw, zoals Nicolaes Maes en Constantijn en Caspar Netscher, hadden de gewoonte om steeds hetzelfde model te gebruiken voor het schilderen van iemands lichaam. Ze hadden gewoon werktekeningen die de basis vormden voor nieuwe schilderijen. Iedere schilder had wel een aantal tekeningen waar hij mee werkte. Vervolgens hoefden ze er alleen nog maar een gezicht bij te schilderen. Ze kleedden dan een paspop aan en schilderden die na, dan hoefde er niet iemand uren op een stoel te zitten om te poseren. Maar dat verklaart nog niet hoe het kan dat sommige schilderijen personen vertonen die kleding aan hadden die op de millimeter hetzelfde was als op een ander schilderij. Hoe werden afbeeldingen van het papier overgebracht op het doek?
Het gebruiken van tekeningen om stukken uit andere schilderijen te kopiëren gebeurde al heel lang. Titiaan was een Italiaanse schilder die dit ook deed, en daar heel succesvol mee was. Hij had het op zijn beurt weer geleerd van zijn meester, Giovanni Bellini. Allebei brachten zij tekeningen over op hun schilderijen. Van deze schilders is bekend dat zij een techniek gebruikten die we spolvero noemen. Wat is nu spolvero? Schilders gebruikten stukken karton met daarin ponsgaatjes om in stippellijntjes hun composities over te brengen van de werktekeningen naar het schilderij. Langs de lijntjes van de tekening werden met een fijn naaldje kleine gaatjes geprikt. Om dit op een regelmatige manier te doen moest er een stevige ondergrond gebruikt worden. Zo gebruikte men bijvoorbeeld stevig linnen, of een plank stevig hout. Zo kunnen de gaatjes dicht naast elkaar worden geprikt zonder dat het papier inscheurt. Aan de achterkant van het papier worden de gaatjes dan gladgeschuurd zodat ook daar alles mooi glad wordt. Dit was vooral belangrijk als het karton meerdere malen, of aan beide zijden gebruikt moest worden. Vervolgens werd het karton met de gaatjes erin op het paneel gelegd en werd heel fijn pigmentpoeder zoals houtskool door die gaatje verstoven. Men deed dan het pigment in een zakje van stof met gaatjes erin, en dit zakje werd dan heel zachtjes over het karton geklopt. Het resultaat is een spoor van kleine zwarte stipjes op de witte ondergrond. Om de lijnen nog wat duidelijk te maken werden ze dan vaak nog overgetrokken met inkt. Deze techniek werd vaak gebruikt om voorwerpen of de omtrek van een lichaam te kopiëren, omdat deze vormen zo vaak voorkwamen dat het onzin was om ze elke keer opnieuw te schilderen. Een mooi voorbeeld hiervan is pas geleden ontdekt bij een schilderijtje uit Noord-Italië, dat onderzocht werd in Maastricht. Bij het onderzoek naar dit schilderij werd gebruik gemaakt van infrarood, waardoor je niet allen de bovenste verflaag kunt zien, maar ook wat daar onder zit. Men heeft toen ontdekt dat de figuren op het schilderij uit stippellijntjes zijn opgebouwd. Dat soort stippellijntjes zijn een aanwijzing voor het overbrengen van een tekening met de spolvero-techniek.
Het overtrekken van een tekening was waarschijnlijk wat gebruikelijker, en eigenlijk ook heel makkelijk. De tekening wordt op het doek gelegd, met tussen de tekening en het doek een speciaal kopieerpapiertje. De achterkant van het papiertje werd ingesmeerd met wat poeder. Vervolgens werden met een stiftje de lijnen van de tekening overgetrokken. Door het papiertje met het poeder erop, drukte de lijntjes dan door op het doek en had je de perfecte omtrekken van de tekening direct op het doek! Deze manier van overtrekken is al beschreven door de Italiaanse schilder Giorgio Vasari in het jaar 1550. Ook in Nederland kwam het kopiëren van werken voor. De schilder Antony van Dyck, of iemand uit zijn atelier, maakte al verschillende versies van het schilderij Maria met het Christuskind en muziekmakende engelen. De figuren die op deze doeken staan zijn vervolgens in spiegelbeeld overgenomen door een andere schilder, Thomas Willeboirts Bosschaert, voor het schilderij De verheerlijking van Maria. Van dit schilderij zijn er dan nog weer eens vier versies bekend. De omtrekken van de figuren van het schilderij De verheerlijking van Maria zijn op doorzichtig plastic overgetrokken, zodat als je het op een ander schilderij zou leggen je precies zou kunnen zien of de figuren hetzelfde zijn. Het plastic werd in dit geval in een museum in Praag gelegd op een van de andere versies, en ja hoor: deze was precies hetzelfde! Het enige verschil is dat er soms iets meer of minder ruimte zit tussen twee figuren, maar dat komt omdat tijdens het overtrekken de tekeningen iets verschoven zijn. De methode van het doorzichtige plastic is op nog meer schilderijen toegepast, en zo is ontdekt dat er nog veel meer schilderijen zijn waarbij deze manier van het kopiëren van werken is toegepast.
Een zelfde soort overeenkomst tussen twee figuren is gevonden bij het schilderij Vrouw in een kamer dat in een museum in Dresden hangt, en twee andere versies van dit schilderij die in Amsterdam en Berlijn hangen. Maar er is één groot verschil: de vrouw op het schilderij uit Dresden is veel kleiner dan dezelfde vrouw op de schilderijen uit Amsterdam en Berlijn. Hoe is dat nu mogelijk? Om een antwoord op die vraag te vinden zou je moeten zoeken in schildershandboeken uit die tijd. Een methode die daaruit bekend is, is die van het kwadraatnet. Het kwadraatnet werd al in de oudheid gebruikt om het ontwerp voor een wandschildering op papier, proportioneel vergroot over te brengen op een muur. Zowel de tekening als het paneel of de muur werden met horizontale en verticale lijnen gelijkelijk verdeeld in een zelfde aantal vierkanten. Vervolgens werd van vierkant tot vierkant de compositie van de tekening nagetekend.
Maar waarschijnlijk is dit niet de methode die is gebruikt bij het schilderij De vrouw in de kamer. Deze manier werd namelijk gebruikt om kleine dingen te vergroten en niet andersom. Ook is er met speciale apparatuur gezocht naar aanwijzingen voor het gebruik van deze methode, maar zonder resultaat.
Er zijn nog een aantal andere methodes die je zou kunnen gebruiken voor het verkleinen van een afbeelding, maar dat zijn ook niet de methodes die zijn toegepast op dit schilderij. Bijvoorbeeld de timmermanshaak, maar die werd eigenlijk alleen maar gebruikt door architecten, en niet door schilders. Dan is er nog de proportionele passer. Dat is een instrument dat is uitgevonden rond 1568. Met dit instrument kun je heel precies de schaal van een afbeelding veranderen, maar het was erg lastig in gebruik. Om de passer goed in te stellen moest je erg veel rekenen.
Een man die misschien bijdraagt aan het oplossen van het mysterie van de schaalvergroting en schaalverkleining is Francois Niceron. Hij schreef in 1638 het boek Thaumaturgus Opticus. In dit boek beschrijft hij wat de regels zijn van het perspectief en de projectie van een beeld op een doek. Hij schrijft ook over anamorfosen, dat zijn afbeeldingen die eerst nergens op lijken als je er zo naar kijkt, maar als je het vanuit een ander punt bekijkt zie je er ineens wel een figuur in. Niceron heeft ook een machine uitgevonden die hij l’instrument Catholique noemde. In één van zijn boeken beschrijft hij hoe door middel van dit instrument een voorwerp zowel op een gewoon vlak als op een schuin vlak, en zowel op een gladde als op een onregelmatige ondergrond getekend kan worden. Dit is een heel ingewikkeld instrument, maar het hoeft natuurlijk niet alleen maar voor heel ingewikkelde dingen gebruikt te worden. Je zou het op zich ook kunnen gebruiken om de schaal van een afbeelding te veranderen. Maar toch is het ook onwaarschijnlijk dat een doodgewone schilder dit instrument zou gebruiken.
Dan is er nog een andere oplossing. Deze is een stuk minder ingewikkeld, maar wel veel aannemelijker. In het boek Traité de la Peinture en Mignature uit 1708 worden verschillende methodes genoemd voor het vergroten of verkleinen van de schaal van een afbeelding, waaronder ook een aantal van de al eerder genoemde methodes. Nog een methode die beschreven wordt is die van de pantograaf. Dit instrument is uitgevonden door de astronoom Christoph Scheiner. Het wordt tegenwoordig ook wel tekenaap genoemd. Een schilder heeft hem over het instrument verteld, maar deed er heel geheimzinnig over en wilde het niet laten zien. Aan de hand van de beschrijving en wat eigen onderzoek heeft hij zelf toch een versie van dit instrument kunnen maken. In 1631 heeft hij een boek gepubliceerd over het instrument. Het werkt zo: het apparaat bestaat uit vier houten latjes die met scharniertjes aan elkaar verbonden zijn. Op één punt zit een stift waarmee je de omtrekken van een afbeelding volgt. Bij deze beweging blijft één van de latjes op een vaste positie terwijl de andere drie meebewegen. In een gaatje op één van de latjes zit een loodstift. Deze stift laat een spoor achter dat de beweging van de andere stift volgt, maar dan groter of juist kleiner.
Waarschijnlijk was deze pantograaf het instrument dat vroeger het meest werd gebruikt bij het overnemen van een tekening op een doek met verandering van de schaal. Vroeger was dit een redelijk bekend instrument en er zijn er in de 17e eeuw een hoop van gemaakt. Tegenwoordig vindt je de instrumenten terug in een aantal musea. Het moet wel het beste instrument zijn geweest voor een schilder die veel afbeeldingen kopieerde. © 2007 - 2009 Peronista, gepubliceerd in Kunst (Kunst en Cultuur) op 04-11-2007, laatst gewijzigd op 28-11-2008. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Peronista is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...
Verwante artikelen
- Entartete Kunst: Tegenwoordig vinden wij het normaal dat je je in de kunst kunt uitdrukken zoals je zelf wilt. Of je nu een abstract schilderij maakt, of juist impressionistisch, of realistisch, wij vinden n…
- Egyptische kunst 13: Overeenkomst met Middeleeuwse kunst: De Egyptische kunst en de kunst van de Middeleeuwen zijn beide dienend. Ze staan in het teken van het heilige, het goddelijke. Ook de technische uitv…
- De Schreeuw - Edvard Munch: De Schreeuw is een schilderij dat eigenlijk iedereen wel kent. Maar wat is nu eigenlijk het verhaal erachter?
- De Mona Lisa (La Joconde): Waarschijnlijk het allerberoemdste schilderij ter wereld: de Mona Lisa, gemaakt door Leonardo da Vinci.
- Knutselideeën – gezamenlijk schilderen: Verveel je je in de vakantie, wil je iets gezelligs met je kind(eren) doen, houdt je van knutselen en heb je even tijd? Dan volgt hier weer een geweldig leuk knutselid…
Bronnen en/of referenties
- Museo Unimo, http://www.museo.unimo.it/theatrum/macchine/history/94.htm.
- Universita Internazionale dell'arte di Firenze, http://www.uiafirenze.com/news/TECNICA%20AFFRESCO/Spolvero.html
- Wallert, A., 2003. Over herhalingen in de schilderkunst: het probleem van de reproductie. Bulletin van het Rijksmuseum. jaargang 51 nummer 2, 317-332.
- Wikipedia, http://nl.wikipedia.org/wiki/Tekenaap.

Reageer op het artikel "Herhalingen in de kunst"

Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.

