Castalia en Den Haag

Postmodernisme: De tieten van Michael Graves

Postmodernisme: De tieten van Michael Graves

Deze keer in Bloopers, de serie over gekke, bijzondere of op zijn minst vermeldenswaadige verhalen uit de Kunst een voorbeeld van Hollandse kneuterigheid in een modern architectuurjasje.


Den Haag in de Vaart der Volkeren

Toen eind negentiger jaren van de afgelopen eeuw aan Michael Graves (1934) werd gevraagd om het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) van een nieuwe gedaante te voorzien sloeg dat in als een bom. Want Graves was de zoveelste Grote Naam die een belangrijke architectuuropdracht in Den Haag gegund kreeg.

Na mensen als Meier, Weeber - zelfs Koolhaas mocht hier al vroeg in zijn fantastische carrière aan het werk met zijn gebouw voor het Nederlands Danstheater – weer een toparchitect. Of in elk geval iemand die de grote opdrachten in de wereld toegespeeld kreeg. Graves liet zich voor Castalia – zo heet het gedeelte waar hij aan bouwde - inspireren door de typisch Hollandse gevels met tuitgevel ,raamvlakken met kleine ruitjes en een zadeldak, dat overigens loos is….Dus alleen ontworpen om het effect. Graves probeert altijd om aan het land of de stad of de opdrachtgever (in het geval van Disney) “eigen” elementen in zijn gebouwen terug te laten komen.

Typisch Hollands

Hier in Den Haag gebruikte hij de typisch Hollandse (?) rode baksteen. De ramen en raamlijsten maakte hij voor-de-hand-liggend klein en wit. En daarmee maakt hij een groot gebouw dat er niet zo groot uitziet, oud-Hollandse architectuur die niet kneuterig overkomt en een ministerie dat niet als een ministerie toont: het mist de Haagse deftigheid. Jarenlang sprong het gebouw met de 2 hoge puntdaken in het oog, welk aanzicht je ook had vanuit de stad of de snelweg.
En al snel hadden de Hagenezen er een bijnaam voor: de tieten van Graves.

PostModernisme

En dan Michael Graves. Zijn werken zijn lang niet altijd serieus, niet altijd functioneel en dat is toch het minste wat een opdrachtgever zou moeten eisen…..tenzij hij/zij bereid is te betalen voor Spielerei. Graves is een exponent van het Post-modernisme. De stroming is een allesomvattende vergaarbak van na het modernisme en vertegenwoordigd een zoektocht naar originaliteit (die niet meer lijkt te bestaan: je kúnt niet meer origineel zijn…). En naar cross-over tussen welke stromingen dan ook, tussen "hoge"en "lage'kunst .Naar citeren uit elke tijdperiode, zonder beperking. Eigenlijk betekent het dat alles kan..

De bereidheid om diep in de buidel te tasten voor speelse toevoegingen kent een mooi voorbeeld: Amerika’s architectuuricoon Philip Johnson die een groot kantoor ontwerpt voor IT&T in 1984. Het moest worden geplaatst op Fifth Avenue in New York. Toen gelegen in één van de gebieden met de duurste vierkante meters ter wereld. En toch kwam op dat rechthoekige gebouw, strak van lijn en raamstructuur en in een prachtige leverkleur, een bekroning : een “klassieke” timpaan met een rond gat er in. Totaal functieloos en zeer kostbaar…
© 2008 Braens, gepubliceerd in Kunst (Kunst en Cultuur) op 26-02-2008, laatst gewijzigd op 02-03-2008. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Braens is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen


Reageer op het artikel "Postmodernisme: De tieten van Michael Graves"


Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.