Geschiedenis van de schilderkunst: De derde dimensie

Geschiedenis van de schilderkunst: De derde dimensie

Omdat de schilderkunst uiteraard tweedimensionaal is hebben kunstenaars ernaar gestreefd het beeld van een derde dimensie of perspectief te scheppen en diepte, ronding, inhoud en ruimte aan hun onderwerp te geven. De Byzantijnse kunststijl, gebaseerd op de streng-christelijke ideologie, heeft dit eeuwenlang gedwarsboomd. Italiaanse schilders braken in de 13e eeuw als eersten met die traditie. Deze derde dimensie werd pas begin 20e eeuw weer doorbroken door de kubisten en abstracte kunstenaars.

Het ontstaan van de derde dimensie in de schilderkunst

In de Westerse kunst werd het probleem van het perspectief (mogelijkheid om voorwerpen in plat vlak zó uit te beelden dat ze ruimtelijk werken) gedeeltelijk opgelost door toepassing van de leer van de elementaire optiek, die maakt dat de onderlinge verhoudingen van de voorwerpen ten opzichte van het oog nauwkeurig kunnen worden berekend. De gezichtshoeken dienen tot leidraad. De schijnbare kleinheid van de voorwerpen op een afstand in verhouding tot die welke dichtbij zijn, heeft geleid tot een soort stilzwijgende overeenkomst in de schilderkunst dat voorwerpen die dichtbij zijn groter worden weergegeven dan die welke verder op de achtergrond staan. Dit 'vervagen' van verwijderde voorwerpen helpt om een beeld van diepte te creeëren. Het gebruik van warme kleuren (rood en geel) die naar voren schijnen te komen, en koele kleuren (blauw en groen) die terug lijken te wijken, is een ander middel dat gebruikt wordt om diepte aan een compositie te geven. Schaduwen geven een illusie van rondheid en massa.

De eeuwenlange heersende Byzantijnse kunstregels

Hoewel de schilders van het antieke Griekenland en Rome hadden geëxperimenteerd met de problemen van het perspectief en de derde dimensie, werd de ontwikkeling van deze hulpmiddelen tegengehouden toen de Westerse Europese kunst eeuwenlang
<STRONG>Keizer Justinianus met zijn hofhouding</STRONG>
Keizer Justinianus met zijn hofhouding
werd beheerst door de tweedimensionale Byzantijnse schilderwijze (zie afbeelding inleiding). Byzantijnse kunstwerken moesten voldoen aan de strikte regels van symmetrie en symboliek. De eigen inbreng van de kunstenaar werd niet gewaardeerd. De Byzantijnse kunst heeft van de 5e tot de 15e eeuw alle kunstuitingen gedomineerd en was nauw verbonden met de christelijke ideologie. Ze vond haar mooiste uitdrukkingen in kerkgebouwen, versierd met mozaïeken en muurschilderingen. De grondslag van de Byzantijnse schilderstijl lag in de verwerping van de natuurlijke menselijke figuur als een interessant schilderobject en de weigering om zinnebeeldend te werk te gaan of om een schilderij levensecht te maken. De menselijke figuren werden schematisch voorgesteld, dat wil zeggen: in omtrekken, opgevuld met kleur en versiering. Men eiste dat de figuren recht van voren werden getoond (zie afbeelding rechts). Deze formele, stijve figuren werden in een passende volgorde geplaatst. Symmetrie en het gebruik van symboliek zijn andere typische kenmerken van de Byzantijnse kunst die in de mozaïeken in bijvoorbeeld Istanbul, Ravenna en Venetië en de iconen in Russische en andere Oosters-orthodoxe kerken te zien zijn.

De eerste vernieuwers in de schilderkunst

Het Byzantijnse rijk was de voortzetting van het Oost-Romeinse rijk na de ineenstorting de Romeinse heerschappij in het westen met Constantinopel (nu: Istanbul) als hoofdstad. Toen deze stad in 1204 tijdens de vierde Kruistocht werd geplunderd en ook dit rijk in verval raakte, kwam er een grote uittocht op gang van Byzantijnse intellectuelen en kunstenaars naar het steeds welvarender wordende Europa. Met name voor Italië betekende dit een belangrijke stimulans voor de Renaissance. De Byzantijnse stijl beheerste de Europese kunst totdat enkele 13e eeuwse Italiaanse schilders, die door de hernieuwde belangstelling voor het antieke verleden en het artistieke naturalisme daarvan werden geïnspireerd, de eerste breuk met de traditie veroorzaakten. Eén van deze vernieuwers was Cimabue (±1240-1302), een Florentijnse schilder en mozaïekwerker. Hij begon afstand te nemen van de Byzantijnse vormen en afspraken door meer volume en leven aan zijn figuren te geven middels een vrijer gebruik van lijn en beweging. Giotto di Bondone (±1266-1337), die, naar men gelooft, een leerling van Cimabue is geweest, gebruikte architecturale achtergronden in zijn schilderijen om een gevoel van ruimte te scheppen. Zijn menselijke figuren hebben een meer driedimensionale volume.

Bijna een eeuw later verscheen er in Florence een kortstondig genie, Tomasso di Ser Giovanni Casai (1401-1428), die Masaccio
(sloddervos) werd genoemd, omdat hij weinig gaf om persoonlijke hygiëne. Hij heeft de kunst ingrijpend veranderd. Gesteund door zijn gedegen tekentalent gebruikte hij perspectivistische lijnen die naar een verdwijnpunt wegliepen, één enkele lichtbron in het schilderij en als hulpmiddel chiaroscuro (clair-obscur: licht en schaduw). Zijn geslaagde verkorting (term in de schilderkunst waarbij een lichaamsdeel of een ander voorwerp dat naar de schilder toe wijst of er vandaan, door de werking van het perspectief sterk wordt verkort) verhoogde het realisme van zijn figuren en verleende ze een bijna lichamelijke 'aanwezigheid', zoals in het beroemde fresco 'De Cijnspenning' in de Brancacci-kapel te Florence (zie afbeelding hierboven): een tafereel met een echt landschap; de apostelen rond Christus bezitten een duidelijke dieptewerking. Paolo Doni, bekend als Uccello (1397-1475) raakte bezeten van de sterk in de aandacht staande problemen van het perspectief en verleende ook een opvallend oorspronkelijke kleur aan zijn schilderijen.

Kubisme: terug naar het tweedimensionale schilderij

De illusionistische derde dimensie bleef honderden jaren lang de standaard onder de schilders, totdat in de 20e eeuw Pablo
Picasso
(1881-1973) en Georges Braque (1882-1963) het kubisme uitvonden . Op het oppervlak van één enkel doek toonden ze verschillende facetten van een voorwerp zoals een toeschouwer ze kon waarnemen als hij er omheen liep. De achtergrond van het schilderij is net zo belangrijk als de voorgrond. Het schilderij maakt hierdoor een platte indruk zonder perspectief (zie afbeelding rechts). Bij hun verdere kubistische experimenten kwamen ze heel dicht bij de abstracte tekening door hun onderwerpen zo grondig te ontleden dat ze nauwelijks meer herkenbaar waren. Hun ontdekkingen werden door andere opmerkelijke schilders uitgewerkt, waardoor ze de 'zuiverheid' van de tweedimensionale voorstelling dicht benaderden. Maar het waren kunstenaars als Wassily Kandinski (1866-1944), Kazimir Malewitsj (1878-1935), Naum Gabo (1890-1977) en de Nederlandse schilder Piet Mondriaan (1872-1944) die zelfbewust geheel abstracte, tweedimensionale schilderijen schiepen. Mondriaan gaf de voorkeur aan gekleurde vormen.
© 2011 - 2012 Staal, gepubliceerd in Kunst (Kunst en Cultuur) op . Het auteursrecht van dit artikel en antwoorden op reacties ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.

Gerelateerde artikelen
Schilderkunst in de twintigste eeuw In de 20ste eeuw, kenden we een belangrijke evolutie in de schilderkunst. Hoewel deze…
De stijl van Giotto di Bondone Giotto di Bondone, beter bekend als Giotto, was een groots kunstschilder en architect. Hij…
Schilderstijl: Het Kubisme Kubisme is een schilderstijl binnen de moderne kunst van het begin van de 20e eeuw. Het kubism…
Egyptische kunst 13: Overeenkomst met Middeleeuwse kunst De Egyptische kunst en de kunst van de Middeleeuwen zijn beide d…
Geschiedenis van de schilderkunst: De religieuze kunst In de oudheid waren de kunstonderwerpen religieus of verheerlijkte…

Bronnen en referenties
  • De wereld van de schilderkunst - Adrian Sington, Tony Ross en Els van Delden
  • Schilderkunst van A tot Z: Geschiedenis van de schilderkunst

Reageer op het artikel "Geschiedenis van de schilderkunst: De derde dimensie"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Naam: E-mailadres: Meld mij aan voor de wekelijkse InfoNu nieuwsbrief. Reactie:
Infoteur: Staal
Rubriek: Kunst en Cultuur
Subrubriek: Kunst
Bronnen en referenties: 2
Schrijf mee!