Geschiedenis van de schilderkunst: De religieuze kunst

Geschiedenis van de schilderkunst: De religieuze kunst

In de oudheid waren de kunstonderwerpen religieus of verheerlijkten ze de leiders als verdedigers van het plaatselijk geloof. Tot aan de late middeleeuwen overheersten de rituelen van de religie in de kunstwereld toen zich een rijkere middenklasse ontwikkelde. Maar religieuze voorstellingen bleven zowel kunstenaars als particuliere kunstbeschermers aantrekken tot de 19e eeuw, waarin als gevolg van liberale opvattingen de vraag naar aardse thema's de overhand kreeg.

Symbolen in het vroege christendom

In de vroeg-christelijke wereld was de voorstelling van heiligen alleen symbolisch. Men hield vast aan het tweede van de tien bijbelse geboden waarin het maken van godenbeelden nadrukkelijk afgekeurd wordt. De islam had een gelijkluidend verbod, maar
<STRONG>Het Ichtus-teken</STRONG>
Het Ichtus-teken
in Indië en Perzië, waar het maken van afbeeldingen ook verboden was, mochten enkele sekten tweedimensionale heiligenfiguren schilderen. In de huidige soennitische moslimwereld is het uitbeelden van heiligen nog steeds heiligschennis, terwijl de sjiietische minderheid, de 'katholieken onder de moslims' (vnl. in Iran) daar geen moeite mee heeft. Algemeen treft men in de vroeg-christelijke kunst symbolische voorstellingen aan van de duif met de olijftak als vredessymbool (zie afbeelding inleiding), het schip (symbool voor de reis naar de eeuwigheid), de vis (=Ichtus in het Grieks en vormen de beginletters van Jezus Christus, Gods Zoon en Redder) en herder (Christus). Deze symbolen werden in wijde kring gebruikt als voorstellingen om aan het geloofsleven leiding te geven. Het kruis deed zijn intrede in de 4e eeuw, nadat de Romeinse keizer Constantijn zich tot het christelijke geloof bekeerde.

Strijd om het uitbeelden van heiligen

De strenge verboden tegen het uitbeelden van heiligengestalten werden geleidelijk uitgehold en tegen de 5e eeuw was de voorstelling van Christus, de apostelen en de heiligen algemeen. In de 8e en 9e eeuw wilden de Byzantijnse priesters en keizers de kunst beperkt houden tot haar specifieke en voornamelijk symbolische vormen. Zij raakten daarmee in conflict met de kloosters en het gewone volk, die een populaire, realistische kunst wensten. Veel kunstwerken werden opzettelijk vernietigd. De tweestrijd, het iconoclastische conflict genaamd, kwam tot een einde in 843. Deze 'beeldenstorm' had het Byzantijnse rijk zowel innerlijk verdeeld als uiterlijk verzwakt en had de banden met de kerk van Rome veel schade toegebracht. De uitbeelding van Christus, Maria, de Moeder Gods en de heiligen in menselijke gestalte werd officieel als wettig en van religieuze waarde erkend en daarmee officieel toegestaan.

Religieuze afbeeldingen in de middeleeuwen

Gedurende de middeleeuwse periode, ruwweg tussen 500 en 1500, toen maar weinigen konden lezen en schrijven, droeg de Kerk aan vakmensen op om de verhalen over de voornaamste godsdienstige gebeurtenissen in beeld, gewoonlijk in mozaïeken of muurschilderingen, in de kerken na te vertellen. Een eenvoudige uitleg van de symboliek van deze afbeeldingen speelde een belangrijke rol bij het onderricht. De toegewijde kunstenaars die zulke werken voortbrachten werden speciaal opgeleid. In enkele gevallen waren het monniken, zoals die welke manuscripten kopieerden en illustreerden, zowel voor religieuzen als leken.

De gotiek

Onder invloed van de Byzantijnse stijl was de religieuze kunst grotendeels statisch geworden, toen in het begin van de 14e eeuw de Italiaanse kunstschilders Cimabue (1240-1302) en Giotto (1267-1337) en hun opvolgers nieuw leven bliezen in en een nieuwe dimensie gaven aan de figuren van hun religieuze werken. Zij worden beschouwd als de voorlopers van de kunstontwikkeling van de latere Renaissance. De gotiek was in de eerste plaats een architectuurstijl, die vooral aanwezig was in kerkgebouwen. De voornaamste kenmerken waren een nadruk op hoogte, spitsbogen en ribgewelven en luchtbogen die nog grotere raamvlakken voor gebrandschilderde ramen vrijmaakten. De muurruimte voor schilderingen werd hierdoor verkleind en er kwam meer vraag naar geschilderde panelen. Men gaf gouden en blauwe achtergronden aan minutieus gedetailleerde schilderingen waarin de voorwerpen zorgvuldig werden benadrukt. Het werd zo een kleurrijk geheel.

Renaissance: hoogtepunt in de religieuze schilderkunst

Door toedoen van Giotto, Masaccio, Piero della Francesca (1416-1459) en Andrea Mantegna (1431-1506) met zijn grote teken- en modelleertalent, steeg de Italiaanse kunst in pracht en kracht tot hoogten waarop Leonardo da Vinci en Michelangelo de kroon hebben gezet. De fresco's Het Laatste Avondmaal (in Milaan) en Het Laatste Oordeel (in de Sixtijnse Kapel) behoren tot de mooiste schilderstukken ter wereld. In de Nederlanden waren de veelluiken en altaarstukken van de gebroeders Jan en Hubert Van Eyck uit de 15e eeuw werken van hoog niveau. Het Lam Gods (zie afbeelding rechts) in de St.-Baafskathedraal in Gent, één van de laatste grote werken van de middeleeuwen in West-Europa, kwam tot stand nadat de Renaissance in Italië al was begonnen.

De barokperiode

Hoewel tot gematigder vormen teruggebracht in de protestantse landen na de Reformatie, handhaafde de klassieke traditie zich elders met een verhoogde mystieke kracht en geestelijke opleving onder invloed van de Contrareformatie, de rooms-katholieke hervormingsbeweging in de 16e eeuw, die de katholieke leer opnieuw definieerde. In de architectuur, schilder - en beeldhouwkunst, literatuur en muziek wordt de barok als kunststijl benut door het Vaticaan en ingeschakeld in de contrareformatie. Door veel pracht en praal te gebruiken in de bouwstijl van de kerken probeert de Rooms-Katholieke Kerk indruk te maken en zo de 'afgedwaalde' gelovigen terug te krijgen bij de moederkerk. Een belangrijke vroege barokkunstenaar was de in Griekenland geboren El Greco (1541-1614), die zich al vroeg in Spanje vestigde, waar zijn mystieke kunst de richting van de Spaanse kunst grondig heeft beïnvloed (zie afbeelding links). Vanaf de 18e eeuw ging de religieuze barokkunst achteruit in kwantiteit, maar niet altijd in kwaliteit. In Noord-Europa was onder invloed van het protestantisme de barokperiode veel minder uitbundig dan in het rooms-katholieke zuiden.
© 2011 - 2012 Staal, gepubliceerd in Kunst (Kunst en Cultuur) op . Het auteursrecht van dit artikel en antwoorden op reacties ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.

Gerelateerde artikelen
Kenmerken van kunststijlen Als je op vakantie bent ga je wel eens een stadje bezoeken. Iedere keer weer is het dat ene ge…
Geschiedenis van de beeldhouwkunst: De religie Beeldhouwkunst en godsdienst gingen in de oudheid hand in hand. De oudste…
Egyptische kunst 13: Overeenkomst met Middeleeuwse kunst De Egyptische kunst en de kunst van de Middeleeuwen zijn beide d…
Tijdperk van het absolutisme: De kunst In de 17e eeuw, de eeuw van het absolutisme, bereikte 'het goddelijk recht van de…
Museum voor Religieuze Kunst in Uden Het Museum voor Religieuze Kunst in Uden bestaat sinds 1973. De collectie was destij…

Bronnen en referenties
  • De wereld van de schilderkunst - Adrian Sington, Tony Ross en Els van Delden
  • Schilderkunst van A tot Z: Geschiedenis van de schilderkunst

Reageer op het artikel "Geschiedenis van de schilderkunst: De religieuze kunst"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Naam: E-mailadres: Meld mij aan voor de wekelijkse InfoNu nieuwsbrief. Reactie:
Infoteur: Staal
Rubriek: Kunst en Cultuur
Subrubriek: Kunst
Bronnen en referenties: 2
Schrijf mee!