Geschiedenis van de schilderkunst: De opdrachtgevers

Geschiedenis van de schilderkunst: De opdrachtgevers

Het is onwaarschijnlijk dat de voorhistorische kunstenaar voor zijn werk, behalve eerbied, een beloning kreeg. In de antieke Griekse en Romeinse wereld gold hetzelfde. In de middeleeuwen, toen de bescherming van de Kerk de enige markt bood voor de kunst, was de schilder, die nauw met zijn vakgenoten samenwerkte, voor zijn levensonderhoud grotendeels afhankelijk van groepsopdrachten. Anonimiteit was het parool.

De schildersgilden in de middeleeuwen

Tegen de 14e eeuw was in Europa de klantenkring van de schilder en zijn kans op verdiensten uitgebreid met de koningen en adellijke personen. Schilderijen en boeken werden in groten getale besteld en kunstenaars met een goede reputatie waren populair en werden vaak van ver over de grenzen aangetrokken. In Frankrijk beschermde de Duc de Berry, een bijzonder enthousiaste kunstverzamelaar, zowel individuele kunstenaars als de gilden, waarin groepen kunstenaars zich verenigden om de belangen van hun ambacht en vakmanschap te beschermen. Deze gilden hanteerden een leerlingstelsel dat de instandhouding en de kwaliteit van het ambacht verzekerde. Vaak had een gilde een monopoliepositie op een vakgebied. Individuele kunstenaars met een bovengemiddeld talent begonnen letterlijk naam te maken door hun kunstwerken te voorzien van hun handtekening. De opdrachten kwamen nu geregelder binnen, niet alleen van religieuze instellingen en hoven, maar ook van koopmansgilden en individuele personen die graag vereeuwigd wilden worden op deze steeds meer in de mode komende manier. Beroemde kunstenaars als Titiaan (1487-1576) hadden een internationale klantenkring en leefden als rijke aristocraten.

Bekende schilders en hun opdrachten

In de Renaissance nam de persoonlijke vraag naar kunstwerken bijna overal toe. De ateliers van de beste en meest succesvolle uitvoerende kunstschilders werden centra waar jonge mensen zowel in grotere aantallen als tot betere prestaties
werden opgeleid. Onvermijdelijk kwamen uit deze verbreding van de vakopleiding individuele kunstenaars van uitzonderlijk talent naar voren. Soms waren het geniën, zoals Michelangelo en Rafaël. Hun status werd nog meer verhoogd door de gelegenheid die hun door de kunstbeschermers werd geboden om grote opdrachten uit te voeren. Een grandioos ontwerp dat goed werd uitgevoerd betekende roem zowel voor de sponsor als voor de kunstenaar. De kunstenaar kreeg een nieuw gevoel van persoonlijke en artistieke onafhankelijkheid en kreeg wat hem toekwam. Hij kon zijn eigen prijs noemen, zijn onderwerp kiezen en zijn tijd zelf indelen. Dat gold bijvoorbeeld voor Michelangelo die tussen 1508 en 1512 op verzoek van paus Julius II zijn beroemd geworden fresco's schilderde op de muren en plafonds van de Sixtijnse Kapel. Vooral het werken aan de plafondschilderingen was een zwaar karwei (zie afbeelding links). De schilder was genoodzaakt op zijn rug liggend te schilderen op een stellage 22 meter boven de grond en kon dus niet, zoals hij gewend was, achteruitlopend het effect van zijn werk beoordelen. In de 17e eeuw beschikte de Vlaamse barokschilder Peter Paul Rubens over zoveel opdrachten (zie afbeelding inleiding) dat hij veel assistenten in dienst nam om de werken af te maken die hijzelf opzette, bijvoorbeeld het schilderen van dieren, en later afwerkte. Hij werd schatrijk en werkte op het laatst in zijn eigen paleis, het Rubenshuis te Antwerpen, nu ingericht als museum. Rembrandt daarentegen, die ook veel opdrachten van openbare lichamen en particulieren kreeg, kon moeilijk met geld omgaan en is arm en eenzaam gestorven.

De hedendaagse opdrachtgevers

In de 19e eeuw kwamen veel creatieve schilders in opstand tegen de behoudende instelling van de academies en de gilden, die met hun monopoliepositie vernieuwende ideeën vaak in de weg stonden. Hun rebellie leidde tot de populaire opvatting over de
kunstenaar als een hongerlijdende non-conformist in plaats van als een bekwaam vakman. Tegenwoordig worden er een enkele keer opdrachten verstrekt door openbare instellingen en past de staat in steeds mindere mate een beschermingssysteem toe door middel van subsidies. Zakelijke instellingen zijn om reden van reclame en prestige op de markt gekomen en ook via fondsenwerving wordt de kunst in de breedte gesponsord. Maar ook voorziet de particuliere koper de kunstenaar niet alleen van zijn levensonderhoud, maar ook van de waardering die hij zoekt. In 1960 bijvoorbeeld ontwierp de Franse kunstschilder van joodse komaf Marc Chagall (1887-1985) twaalf glas-in-lood ramen voor de synagoge van het Hadassah ziekenhuis in Jeruzalem (zie afbeelding rechts). Elk glasraam vertegenwoordigt een Bijbelse stam. De toen al 70-jarige kunstenaar werd hierdoor en mede door het gebruik van sprankelende kleuren zo bekend, dat hij in deze kunstvorm nog diverse opdrachten kreeg voor kerken en kathedralen.

De kunsthandelaar

In een steeds verder georganiseerde wereld wordt de schilder vaak aangemoedigd en geleid door een tussenpersoon, de kunsthandelaar, die meestal een zaak of galerie drijft waarin schilderijen aan particuliere personen of aan musea worden verkocht. Hoewel er steeds naar nieuw talent wordt gezocht, is de competitie om aandacht te krijgen bijzonder veeleisend en de meeste hedendaagse kunstenaars zijn genoodzaakt les te gaan geven of een andere bron van inkomsten te zoeken om hun kunst te ondersteunen.
© 2011 - 2012 Staal, gepubliceerd in Kunst (Kunst en Cultuur) op . Het auteursrecht van dit artikel en antwoorden op reacties ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.

Gerelateerde artikelen
Jan van Scorel, de Hollandse Leonardo da Vinci Het Schilderboeck uit 1604 van de kunstenaarsbiograaf Karel van Mander bie…
Geschiedenis van de schilderkunst: Het naakt Het naakt biedt de kunstenaar een gewillige studie van de natuur en een mode…
Jean Fouquet; Middeleeuwse schilderkunst Jean Fouquet, voor Nederlandse begrippen een vrijwel onbekende grootheid. In Fra…
Kopen en verkopen van kunst Er is soms goed geld te verdienen met het kopen en doorverkopen van kunst. Dit hoeft echter l…
Schilderkunst in de Middeleeuwen en de Renaissance Het is het begin van de 15e eeuw. In Italië ontstaat een nieuwe cultuu…

Bronnen en referenties
  • De wereld van de schilderkunst - Adrian Sington, Tony Ross en Els van Delden
  • Schilderkunst van A tot Z: Geschiedenis van de schilderkunst

Reageer op het artikel "Geschiedenis van de schilderkunst: De opdrachtgevers"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Naam: E-mailadres: Meld mij aan voor de wekelijkse InfoNu nieuwsbrief. Reactie:
Infoteur: Staal
Rubriek: Kunst en Cultuur
Subrubriek: Kunst
Bronnen en referenties: 2
Schrijf mee!