
Zionistisch terrorisme voor en tijdens WO2
Dat Israel pas terreurdaden is gaan plegen tegen in reactie op het Palestijnse verzet tegen de stichting van Israel is natuurlijk een fabeltje. Een korte uiteenzetting van wat er voor en tijdens de Tweede Wereldoorlog gebeurde.
Dit artikel is ondergebracht in de special Zionistische terreur, en het vervolg is Zionistisch terrorisme tussen 1946 en mei 1948.
Tussen de jaren 1936 en 1939 werden door de zionistische organisatie Irgoen meerdere terreurdaden in Arabische wijken gepleegt. Schrijver Flapan beschreef het als volgt: ‘Leden van de Irgoen lanceerden terroristische aanslagen op burgers, hetgeen leidde tot een ongekende geweldescalatie. Je zou kunnen stellen dat de Irgoen het patroon van terrorisme vestigde dat 30 jaar later door Al-Fatah werd overgenomen. Zo werd een groentekar, waarin een bom was verstopt, op een Arabische markt in Jeruzalem gezet. Voorts werd er een bus beschoten en werden er bommen gegooid op markten’.
In maart 1937 gooiden zionisten in Jeruzalem granaten cafés met Palestijnse bezoekers binnen. Ook bekend is de vergiftiging van het water reservoir in de Akkra met de ziekte typhus en velen verkrachtingen. Het belangrijkste doel was het intimideren van de Palestijnen die te dicht kwamen bij wat de zionisten zagen als hun gebied. Op 6 juli 1938 ontploften er gelijktijdig meerdere tijdbommen op overvolle Palestijnse markten in de stad Haifa. In dit dezelfde jaar organiseert de Britse officier Wingate speciale nachtsquadrons samen met Haganah om acties te ondernemen tegen Palestijnse dorpen om op die manier te zorgen dat een Palestijnse opstand geen kans van slagen zal hebben. In het daar op volgende jaar worden een aantal Palestijnse opstanden neergeslagen met zo'n 4000 Palestijnse doden als gevolg. Hierbij zijn alle Palestijnse leiders gevangen genomen, geëxecuteerd of verbannen. Het verlies van dit leiderschap heeft er grotendeels voor gezorgd dat zij in 1948 geen weerstand konden bieden tegen de nog veel grootschaligere landroof door de zionisten.
De Britse troepen gaven de Palestijnen amper bescherming. Integendeel, ze instrueerde Hagana bij het uitvoeren van acties tegen Palestijnse dorpen. De vaak niet eens geweldadige reactie vanuit diezelfde dorpen werd afgedaan als illegaal. Zo is het in feite nu nog. Dit heeft al duizenden levens gekost. Toen in Europa de Tweede Wereldoorlog uitbrak hadden de Britten de Palestijnse leiders al erjaagd. Om deze reden was het ook niet vreemd dat de Palestijnen de Geallieerden niet bij wilden staan door troepen te sturen. Zelfs het overwegen van steun aan Duitsland is niet eens heel vreemd op deze manier.
De zionisten schuwden geen enkel middel om hun doel, het verkrijgen van een staat, te bereiken. Antisemitisme lokten zij daarbij continu bewust uit. Tijden WO2 wilden de zionisten geen geld geven om joden te redden. Greenbaum, een van de zionistische leiders zei in zijn toespraak in februari van 1943: ‘één enkele koe in Palestina is belangrijker dan alle Europese joden bij elkaar’. Ze wilde de joden in Europa helemaal niet redden. Sterker nog: hoe meer er zouden omkomen, des te meer recht zouden zij hebben om nog harder te roepen dat ze een eigen staat verdienden. Hun motto was dan ook: 'alleen door bloed zullen we het land verkrijgen'. Kort hierna konden de Britten ook meegenieten van het zionistisch terrorisme, dat zich nu ook tegen hen richtte.
Geweld tegen joden
Dat ook andere joden hen niet interesseerde, blijkt uit het volgende: in november van 1940 vaart een schip met daarop joodse vluchtelingen uit Europa de haven van Haifa binnen. Van de Britten mogen de opvarenden echter niet aan land, omdat het maximaal aantal toe te laten personen voor dat jaar al bereikt is. Daarom moeten ze eerst elders worden ondergebrachten, en dan mogen ze het in 1941 nog een keer proberen. Enkele dagen later wordt het schip door Hagana opgeblazen, waarbij tussen de 250 en 300 omkomen. De zionisten geven het Britse immigratiebeleid de schuld. Drie maanden later gebeurt op de Zwarte Zee hetzelfde, hierbij komen ruim 750 joodse vluchtelingen om.Geweld tegen Britten
Dat ook de Britten er aan moesten geloven bleek in 1944 toen Lord Moyne door leden van de joodse terreurgroep Stern werd vermoord. Dit was de eerste maal dat zij een regeringsleider ombrachten. De daders van de aanslag werden na hun dood tot helden gemaakt en begraven met militaire eer op de berg Mount Herzl. © 2008 - 2010 Peronista, gepubliceerd in Oorlog (Kunst en Cultuur) op 14-02-2008, laatst gewijzigd op 07-01-2009. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Peronista is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...Verwante artikelen
- Zionistisch terrorisme tussen 1946 en mei 1948: Het zionistische terrorisme van 20ste eeuw is moeilijk in een enkel artikel te beschrijven, vandaar dat ik het in een korte reeks. Dit is het tweede artikel. D…
- Israël en het Midden-Oosten 2009: de Palestijnse kwestie: Ook bij de Palestijnse kwestie hanteert de Westerse media drie zogenaamde feiten: Ten eerste spreken ze over een territoriaal conflict dat op korte t…
- Israelisch terrorisme tussen 1948 en 1950: Na het uitroepen van de 'staat' Israel gaat de zionistische, en dus inmiddels ook Israelische terreur onverminderd door. Wederom een overzicht.
- Burgerinitiatief: Sloop de Muur!: Greta Duisenberg heeft, samen met andere sympathisanten, het burgerinitiatief Sloop de Muur in het leven geroepen. Wanneer 40.000 of meer mensen dit initiatief ondertekenen…
- Palestijnen/Arabieren & Britten medeschuldig aan Holocaust: Veel mensen beweren dat de Palestijnen de prijs moesten betalen van de Holocaust. Zou er in Europa geen Joden zijn vervolgd en vermoord dan zouden…

Reageer op het artikel "Zionistisch terrorisme voor en tijdens WO2"

Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.

