InfoNu.nl > Kunst en Cultuur > Oorlog > WO II: Slag om de Ardennen (Ardennenoffensief)

WO II: Slag om de Ardennen (Ardennenoffensief)

WO II: Slag om de Ardennen (Ardennenoffensief) De slag om de Ardennen is een laatste offensief van Hitler om het westen van Europa te behouden en er weer een deel bij terug te krijgen. Om zijn macht te behouden moest hij Nederland en België zien te behouden. Deze slag zou voor hem alles en beslissend zijn. Verliezen in de Ardennen betekende doorstomen in Nederland en al het land verliezen waar hij zo hard voor had gevochten.

Inhoudsopgave


Voorbereiding

De Geallieerden rukten op in Europa. Om nog één kans te maken moest Hitler iets ondernemen. De beste strategie was om de Ardennen te pakken. Op deze manier zou hij de noordelijke troepen van de Geallieerden afsnijden van de aanvoerroutes. Ook vermoedde Hitler dat er in de Ardennen de minste troepen zouden zitten omdat die bezig waren met hun mars naar het noorden en om Frankrijk tegen Hitler te beschermen. In de Ardennen waren tenslotte ook de eerste overwinningen behaald dus waarom zou dat nu anders zijn. De vraag was alleen nog hoe Hitler dit zou gaan doen. Hij had hiervoor vijf verschillende plannen:
  1. Operatie Nederland: De aanval zou ingezet worden vanuit Venlo met als doel om Antwerpen terug te pakken
  2. Operatie Luik/Aken: Een hoofdmacht zou vanuit het noorden van Luxemburg naar het noordwesten trekken. Deze hoofdmacht zou dan later afbuigen naar het noorden om daar samen te komen met een aanvalsmacht die vanuit Aken zou worden ingezet. Op deze manier zouden de twee strijdmachten samen de Ardennen in gaan.
  3. Operatie Luxemburg: Vanuit het midden van Luxemburg zouden twee aanvalsgroepen, samen met een aanvalsgroep vanuit Metz, Minette aanvallen en bezetten.
  4. Operatie Lotharingen: Vanuit Metz en Baccarat zouden aanvalsgroepen samen komen. Zij zouden tezamen komen in Nancy.
  5. Operatie Elzas: Twee aanvallen ten oosten van Epinal en Montebeliard om dan bij Vesoul samen te komen.

Uiteindelijk werd besloten dan Operatie Nederland en Operatie Luik/Aken de beste kans van slagen hadden en dat deze uitgevoerd moesten gaan worden. Hij gaf op 22 oktober 1944 deze operaties door aan de stafchefs van de Oberbefehl west en Heeresgruppe B. De operatie zou in twee delen plaats gaan vinden. De eerste fase was om de Maas te bereiken en daar een bruggenhoofd te vormen. De tweede fase zou de stad Antwerpen ingenomen gaan worden. De Geallieerden moesten ten noorden van de lijn Bastogne-Brussel-Antwerpen afgesneden worden. Ook moest de haven van Antwerpen ingenomen worden aangezien dat een belangrijke aanvoerhaven was van de Geallieerden. De datum waarop Hitler vond dat de aanval plaats moest gaan vinden was 25 oktober 1944.

Operatie Martin
Op 27 oktober was de aanval nog steeds niet ingezet. De stafchefs Von Rundstedt en Model waren het niet eens met de plannen van Hitler. Zij vonden het veel te hoog gegrepen en er zouden veel te veel legers nodig zijn. Von Rundstedt ging daarom zijn eigen plan bedenken. Dit werd Operatie Martin. De bedoeling was dat twee pantserlegers over een front van veertig kilometer tussen Simmerath en Bleialf de Maas zouden bereiken. Een tweede aanvalsgroep zou dan vanuit Roermond naar Luik trekken om zich daar bij de andere twee pantserlegers aan te sluiten. Model zag die tweede aanvalsgroep niet zitten en stelde voor om twee pantserlegers over een front van zestig kilometer tussen Hürtgenwald en Lützkampen naar de Maas te sturen. Eind oktober hadden de twee stafchefs een compromis gesloten over Operatie Martin. De aanval zou gaan komen op twee fronten. De eerste aanval zou beginnen vanuit Roermond en de ander vanuit de Eifel.

Hitler vond zelf deze operatie te klein. Het moest een grootse aanval gaan worden. Zo groot als dat hij zelf eerder al had bedacht in zijn operatie Nederland en operatie Luik/Aken. Ook al gaf Model aan dat de luchtmacht van de Geallieerden zo veel sterker was dan de Duitse Luftwaffen. Hitler bleef bij zijn plan.

Bron: Göttert / Wikimedia CommonsBron: Göttert / Wikimedia Commons
Wacht am Rhein
Op 1 november 1944 kwam het bericht van de Wacht am Rhein. Het doel was om inderdaad de Geallieerden af te snijden ten noorden van de lijn Bastogne-Brussel-Antwerpen en daar alle Geallieerden af te maken. De Heeresgruppe B kreeg als opdracht om met drie legers belangrijke plaatsen te veroveren in Geallieerd gebied. Vanuit die gebieden kon dan overgegaan worden op het aanvallen van de afgesneden Geallieerde legers. Om dit überhaupt te kunnen uitvoeren moest een pantserleger aan weerszijden van Luik de bruggen de Maas over in handen te krijgen. In het noorden moest een afweerfront gevormd gaan worden om daarna door te kunnen stoten naar het Albertkanaal tussen Maastricht en Antwerpen.

Ook de sector ten noorden van Antwerpen moesten in Duitse handen komen. Op dat zelfde moment moest het 5e pantserleger er voor zorgen dat de Geallieerden via de Antwerpen-Brussel-Namen-Dinand-lijn niet aangevoerd konden worden. De enige manier om dat te doen was om de Maas over te steken. Het 7e pantserleger kreeg het zuiden en zuidwesten voor zijn rekening. Hun taak was om de Maas en de Semois te bereiken en in handen te krijgen. Tevens moesten ze ten oosten van Luxemburg een aansluiting vinden met het Moezelfront. De grote doorbraak van de Heeresgruppe B zou door de Heeresgruppe student worden voltooid als de Geallieerden hun aanval in ging zetten ter voorkoming dat de Duiters de Roer/Maas zouden bereiken of het Albertkanaal. De Heeresgruppe student zou dan als extra mankracht dienen om de Geallieerden te verslaan. Omdat strikte geheimhouding voor deze operatie van cruciaal belang was, informeerde Hitler zijn commandanten pas half november 1944. Op 12 december 1944 werd het leger zelf pas ingelicht over de gehele operatie die op handen was. Op 16 november 1944 was het dan eigenlijk zover.

Het offensief

Op 16 december om half zes in de ochtend was het dan zover. Tussen Echternach en Monschau barstte het geweld los. Tweeduizend Duitse kanonnen beschoten de Geallieerde linies voor een half uur non-stop. Onbemande vliegtuigjes (V-1) gingen op dat zelfde moment in de aanval naar Luik en Antwerpen. Om zes uur ging het 6e pantserleger zich in de strijd begeven. Het Ardennenoffensief was nu definitief begonnen.

Het weer zat mee voor de Duitsers. Het was behoorlijk mistig, daardoor konden veertien Duitse divisies ongemerkt ver komen tussen Echternach en Monschau. Ook had Hitler gelijk gehad over de legers van de Geallieerden. De Geallieerden hadden het grootste deel van hun legers uit de Ardennen gehaald en naar de frontplekken gestuurd waar meer werd gevochten. Op het moment dat de Duitsers aanvielen waren er maar vijf divisies gelegerd over een front van tweehonderd kilometer in de Ardennen. Niet alleen waren er weinig divisies ook waren de divisies die er zaten slechts jonge onervaren jongens. Alles ging precies zoals Hilter had gehoopt. Alleen in het noorden en zuiden werden zware slagen geleverd. Tussen Bütgenbach en Monschau werd zwaar gevochten. De Geallieerden stonden op het punt om de aanval in te zetten op de Roerdaldam en stonden daar dus met al hun mankrachten. Toen de Duitsers arriveerden hebben zij zich omgedraaid om de verdediging op te zetten. Het lukte de Duitsers alleen niet om door dit front heen te komen. Ook in het zuiden kregen ze het erg zwaar. Langs de rivier de Our ging het weer een heel stuk gemakkelijker. Met vijf divisies kregen ze het voor elkaar om de 28e divisie van de geallieerden zonder veel problemen weg te drukken. Deze geallieerden beschermden een front van zestig kilometer en werden totaal verrast door de aanval. In de Sneeuweifel wisten de onervaren Geallieerden nog drie dagen stand waarna zeker zesduizend Geallieerden krijgsgevangen werden genomen door de Duitsers.

Verwarring
De Geallieerden konden maar niet geloven wat Hitler nu weer aan het doen was. Wat was zijn doel en waarom nu en vooral waarom de Ardennen. Door alle twijfel waren de Geallieerden veel te laat met hulptroepen sturen naar de Ardennen. Ook was er geen tot slechte verbindingen tussen de Geallieerden. De Duitsers waren zo slim geweest om vlak voor het offensief saboteurs achter de linies te sturen om de communicatie van de Geallieerden uit te schakelen. Dit lukt voor een groot deel waardoor de verwarring bij de Geallieerden nog groter werd. Er kwamen geen berichten meer binnen en dat wat binnen kwam sprak elkaar vaak nog tegen ook. Het plan van de Duitsers was om met Amerikaanse tanks achter de linies te komen. Helaas werden deze tanks in het noorden door de Geallieerden tegen gehouden. Wel kregen de Duitsers het voor elkaar om zeven jeeps met saboteurs achter de linies te krijgen. Deze saboteurs kregen het voor elkaar om de Geallieerden te laten denken dat er onder hun soldaten zeker duizenden Duitsers waren die zich hadden vermomd als Geallieerden. De Geallieerden wilden daarom als eerst hun veiligheidsmaatregelen vergroten waardoor het langer duurde voor troepen naar het front werden gestuurd om de Geallieerden bij te staan tegen de Duitse aanval. De verwarring werd door de Duitsers alleen maar groter er zouden daar vermomde Geallieerde generaals rondlopen. Dit alles was helemaal niet het plan van Hitler maar ze namen dankbaar gebruik van de commotie en verwarring die er heerste. Tijdens de nacht van 16 en 17 december 1955 werden er ook nog eens 1200 Duitse parachutisten achter de Geallieerde linies gedropt. Ook al konden ze verder niks uitrichten de verwarring bij de Geallieerden werd er alleen maar groter door.

Bron: Publiek domein / Wikimedia CommonsBron: Publiek domein / Wikimedia Commons
Bloedbad van Malmedy
Op 17 december 1944 stormden de Duitsers behoorlijk door de Ardennen in. Het 6e pantserleger van de Duitsers moest door de Geallieerde linies breken tussen Monschau en Losheimergraben met als doel Antwerpen te veroveren. Nadat deze pantsergroep door de linies waren gebroken was het de taak aan kampfgruppe Peiper om de Maasbrug bij Hoei te veroveren. Aangezien de hoofdwegen waren gereserveerd voor de SS-pantserdivion Leibstandarte-SS Adolf Hitler, moest de kampfgruppe een andere weg vinden om in Hoei uit te komen. Om de missie te laten slagen moest Peiper snel bruggen in handen gaan krijgen. Hiervoor moesten ze door Geallieerde gebieden met maar weinig brandstof voor hun voertuigen. De opdracht van Hitler was duidelijk geweest. De vijand angst aanjagen door een snelle en genadeloze aanval.

Op 17 december 1944 lukte het de Kampfgruppe om door te breken richting Honsfeld. Hier werd het eerste bloedbad gemaakt. Tientallen Geallieerde krijgsgevangen werden hier vermoord door Peiper zijn mannen. Na deze aanval week hij uit naar Büllingen in de hoop dat hij daar een brandstofdepot zou kunnen veroveren. Bij Büllingen werd nog een bloedbad aangericht en werden nog meer Geallieerde krijgsgevangenen vermoord. Peiper zijn opdracht bleef hetzelfde dus moest hij terug de geplande route op naar Hoei. Maar de wegen waren onmogelijk te berijden. Daarom trok hij richting Baugnez (tussen Malmedy, Ligneuville en Waimes). Daar aangekomen zagen ze een Geallieerd konvooi rijden richting Ligneuville. Toen Pieper de Geallieerden zag opende hij het voor op hun konvooi. Al snel moesten de Geallieerden zich overgeven aan de Duitsers. Terwijl de Kampfgruppe verder reed openden de overige Duitsers onverwacht het vuur op de Geallieerde gevangen. Volgens getuigen zou het hier gaan om 120 gevangen. De reden dat er werd geschoten is twijfelachtig. Volgens sommigen was het omdat een paar gevangen probeerden te ontsnappen. Volgens anderen was het pure moord. Een aantal Geallieerden probeerden te blijven leven door te doen alsof ze dood waren. Maar de Duitsers controleerden alle gevangenen of ze wel echt dood waren en degenen die dat niet waren werden alsnog gedood. Een paar overleefden dit bloedbad en kregen het voor elkaar om in Malmedy aan te komen om daar hun verhaal te doen. Na dit voorval besloten de Geallieerden om geen Duitsers meer gevangen te nemen maar om ze gelijk te executeren. Op 14 januari 1945 werden de lichamen pas door de Geallieerden ontdekt. Vanaf het bloedbad tot die datum was dit gebied niemandsland.

Tot 20 december was het de Duitsers nog steeds niet gelukt om de Maas bij Hoei te bereiken. Ondertussen waren de Britten gekomen om de Geallieerden te helpen en werden er andere Geallieerde troepen naar de Ardennen gestuurd om daar de Duitsers tegen te houden.

20 tot 26 december 1944
Op 18 en 19 december hadden de Duitsers zonder problemen op kunnen rukken naar Namen en Dinand. Bastogne (Bastenaken) was een ander verhaal. Voor drie dagen lang konden de Duitsers worden tegengehouden voor de muren van Bastogne. Toen het Von Manteuffels niet lukt om de verdedigingslinie van Bastogne in te nemen kon hij niks anders doen dan de stad omsingelen. Op 20 december kreeg Model bericht van Hitler om niet te veel aandacht aan Bastogne te schenken en door te stoten naar de Maas. De Duitsers waren alleen verplicht om geheel om Bastogne heen te rijden voordat ze verder konden trekken naar de Maas. Dus makkelijker gezegd dan gedaan. Op 21 december kwam er nog één poging om door te breken op de lijn Monschau-Bütgenbach-Malmedy. 48 uur bleven ze aanvallen zonder ook maar een millimeter op te schieten. Bij Sankt Vit hadden de Duitsers meer geluk. Daar wisten ze door de linie heen te komen waardoor de weg naar Houffalize open kwam te liggen. Weer een andere pantergroep viel de Geallieerden aan die bij de Salm in stelling lagen aan. Deze werden daardoor gedwongen om zich terug te trekken tot aan de andere kant van de rivier. In het zuiden lukte het de 2e pantertroep om door te stoten naar Celles. Op 23 december stonden de Duitsers nog maar zestien kilometer tot Dinand en de Maas.

Bron: US Army / Wikimedia CommonsBron: US Army / Wikimedia Commons
Slag om Bastogne
Op 20 december hadden de Duitsers Bastogne omsingeld. De stad innemen kregen ze niet voor elkaar en om door te kunnen naar de Maas moesten ze om Bastogne heen. Doordat Bastogne een verkeerskruispunt was tussen het noorden en het zuiden zouden de Geallieerden de stad hoe dan ook in handen willen houden. De geallieerden stuurden zelfs het Amerikaanse 101 Airborne Division naar Bastogne om de stad uit handen van de Duitsers te houden. Op 20 en 21 december waren de Duitsers druk bezig met de voorbereidingen op de aanval op Bastogne. Aangezien de Geallieerden amper nog munitie hadden en geen granaten meer tot hun beschikking hadden konden de Duitsers om de stad heen vrij bewegen. Alles wat de Geallieerden nog hadden werd bewaard tot de aanval op de stad zou komen door de Duitsers. Het offensief van Hitler was tot nu toe niet gelukt. Antwerpen was nog steeds in handen van de Geallieerden. En het zag er niet naar uit dat daar snel verandering in zou gaan komen.

Op dat moment werd het offensief veranderd en was Bastogne de belangrijkste plaats om in handen te krijgen. De wegen door Bastogne waren ook voor de Duitsers erg handig om in handen te hebben. Goede vervoersroutes en een makkelijke terugweg mocht dat nodig zijn. Zo werden er door de Hitler vijftien divisies ingezet bij Bastogne. Van deze vijftien divisies waren er vier pantserdivisies. Op 22 december kwamen er vier Duitsers met witte vlaggen naar de stad gewandeld. Twee van deze vier mannen waren "gewone" soldaten en de andere twee waren officieren. Zij wilden met de bevelhebber van de Geallieerden in Bastogne praten. De twee officieren mochten geblinddoekt mee komen naar de bevelhebber waar zij een schriftelijk ultimatum overhandigden aan de bevelhebber. Het ultimatum ging over een eervolle capitulatie van de stad Bastogne. Als de Geallieerden niet zelf capituleerden zou een totale vernietiging volgen. De Geallieerden kregen twee uur de tijd om hierover na te denken. Als er daarna niet werd gecapituleerd dan zouden de Duitsers met behulp van artillerie de stad volledig plat gooien. Hierdoor zouden ook vele onschuldige burgers van Bastogne omkomen en dat zou niet passen bij het imago van de Geallieerden. Het enige antwoord dat de Duitsers mee terug mochten nemen was één woord NUTS, duidelijke taal dat de Geallieerden hier niet mee akkoord gingen. De twee officieren snapten niks van dit woord, dus de tolk van de Geallieerden vertaalde het voor de mannen. Aangezien de Duitsers niet het artillerievuur hadden om de stad plat te gooien zouden ze bommenwerpers in gaan zetten.

De enige manier voor de Geallieerden om goederen Bastogne binnen te krijgen was door de lucht. Menig vliegtuig met munitie en voedsel werd gedropt. Ook medisch personeel werd met parachutes de stad in gebracht. Het enige wat de Duitsers daartegen konden doen waren de vliegtuigen neerhalen. Tijdens de omsingeling van Bastogne hebben de Duitsers negentien vliegtuigen van de Geallieerden neergehaald en vijf zwaar beschadigd.

Op 23 december openden de Duitsers de aanval op de stad. Het was een heldere koude nacht. Hierdoor was de sneeuw gaan bevriezen en werd de grond hard. De tanks bleven nu niet langer steken in de modder en konden ongehinderd door stomen naar de stad. De aanval kwam uit het zuidoosten van de stad. Oberst Heinz Kokkot leek via het zuidoosten een doorbraak naar Bastogne geforceerd te hebben. Maar een Geallieerd bataljon vulde het gat op dat Kokkot gemaakt had.

Kerstaanvallen
Op kerstavond (24 december) 1944 verschenen er Duitse bommenwerpers boven Bastogne. Hierna volgde een hevige bommenaanval op de stad. Hierdoor werden grote delen van de stad vernietigd. Maar het effect van capitulatie bleef uit.

Op Eerste Kerstdag werd de grote aanval op Bastogne door de Duitsers ingezet. Eén pantsergrenadierregiement, twee bataljons gemotoriseerde artillerie en achttien tanks werden ingezet om de stad in handen te krijgen. Deze werden verder nog versterkt door een volksgrenadierregiment en bijna alle artillerie die er nog over was rond Bastogne bij de de Duitsers. Bij twee Geallieerde regimenten lukte het de Duitsers om door te dringen. De Geallieerden werden hier teruggedrongen tot in de bossen bij Bastogne. Eenmaal tussen de bossen schoten de Geallieerden alles wat ze konden richting de Duitsers waardoor deze niet verder door konden. Elf Duitse tanks namen Hemroulle in. Kokkot meldde daarna dat de tanks Bastogne hadden bereikt. Eenmaal in Hemroulle werden de tanks tegengehouden door de Geallieerden en werden de Duitse tanks uitgeschakeld.

Op 26 december probeerde Kokket nog een keer om Bastogne aan te vallen. Maar deze aanval had niet meer de kracht dan die van de dag ervoor. Deze aanval zou ook de laatste aanval van de Duitsers zijn op Bastogne. Ondertussen had de Amerikaanse generaal Patton Bastogne bereikt. Hij had het voor elkaar gekregen om een corridor te slaan in de Duitse omsingeling waardoor Bastogne weer aangevoerd kon worden. De Duitsers wilden natuurlijk deze corridor weer in handen krijgen. De gevechten bleven tot zeker de jaarwisseling doorgaan. Nog zes Duitse divisies werden hier verslagen. Om generaal Patton af te leiden besloten de Duitsers operatie Nordwind in te zetten. Er werd gehoopt dat Patton werd weggeroepen. Maar dat is nooit het geval geweest. Half januari 1945 moesten de Duitsers de aanval op Bastogne opgeven.

Beslissing in de Ardennen

Vanaf 26 december 1944 ging het bergafwaarts met het Duitse leger in de Ardennen. Bij Dinand werden ze weggeblazen door Geallieerde tanks. Verder naar het oosten lukten het de Geallieerden om een verbinding te krijgen met Bastogne. Hierdoor wonnen de Geallieerden bij Bastogne en moesten de Duitsers terugtrekken. Na 26 december bleef de strijd vooral rond Bastogne doorgaan. De strijd ging hier vooral om de verbindingswegen in handen te krijgen of te behouden. Door het slechte weer met sneeuw en kou was het een ware marteling om alleen al buiten te zijn. Nog tweemaal probeerden de Duitsers aanvallen uit om de Geallieerden te verslaan.

Duitse Luchtaanval
Operatie Bodenplatte. Op Nieuwjaarsdag kreeg de luftwaffe de taak om de Duitse grondtroepen bij te staan in hun strijd aan het front in de Ardennen. Dit bleek ook de laatste luchtaanval van de Duitsers te zijn tijdens de Tweede Wereldoorlog. 's Ochtends stegen 1100 vliegtuigen op met als doel om de geallieerde vliegvelden, hangars en vliegtuigen in Nederland, België, Luxemburg en Noord-Frankrijk aan te vallen en te vernietigen. De Duitsers vernielden hierbij driehonderd Geallieerde vliegtuigen. Onder hun eigen luftwaffe waren ook vele slachtoffers te betreuren. Door de geheimhouding van deze operatie was het Duitse afweergeschut niet ingelicht over de aankomende vliegtuigen. Een groot aantal werd dan ook door eigen luchtafweergeschut neergehaald.

Operatie Nordwind
Op 1 januari 1945 werd operatie Nordwind ingezet. Hitler wilde nog een aanval op de Elzas. Ten westen en ten oosten van Bitche braken acht divisies naar het zuiden uit. Op 4 januari 1945 trokken ook de troepen vanuit Wissenburg naar het zuiden. Op 5 en 7 januari 1945 gingen troepen ten noorden en zuiden van Straatsburg de Rijn over. De bedoeling was om de hoofdmacht van de Geallieerden in de Elzas op deze manier in te sluiten. Staatsburg kregen de Duitsers alleen nooit in handen. De geallieerden kregen het bevel dat ze de gehele Elzas over mochten geven maar Staatsburg moest en zou behouden blijven. De Duitsers wisten tot 25 januari 1945 door te stoten tot voorbij Haguenau. Rond Colmar zaten vele Duitse legers om van daaruit de Elzas aan te vallen. Vanaf 20 januari rukten de Geallieerden en de Fransen steeds verder op naar Colmar om daar de Duitsers terug te drukken. Begin februari 1945 was dat dan ook gelukt.

Geallieerd tegenoffensief
Op 3 januari 1945 begon de gecoördineerde tegenaanval van de Geallieerden. Vanuit het noorden werden de Duitsers steeds verder teruggedrongen. Door de vele sneeuwneerval zaten de Duitser flink ingegraven waardoor de Geallieerden lang en zwaar moesten vechten voor elke meter. In het zuiden ging het er net zo zwaar aan toe. Hitler had Bastogne nog niet opgegeven en bleef vechten voor die stad. Tien divisies stonden bij Bastogne opgesteld om alsnog de stad in handen te krijgen. Op 5 januari 1945 nam de druk van de Duitsers af. Op 7 januari 1945 stonden ten westen van Luik-Houffalize-Bastogne nog maar zeven Duitse pantserdivisies en konden ze alleen nog maar terug via Houffalize. Het Duitse leger leek omsingeld te gaan worden en ook Hitler begon dit door te krijgen. Op 8 januari 1945 kreeg het leger dan ook van Hitler het bevel om terug te trekken tot achter deze lijn. Op 9 januari 1945 waren het vooral de Duitse tanks die de aftocht bliezen en langzaam namen de Geallieerden meer terrein over van de Duitsers. Op 10 januari 1945 raakten de Duitsers La Roche-en-Ardenne kwijt en op 11 januari waren de Duitsers ook Saint-Hubert kwijt. Op 16 januari 1945 kwam Houffalize weer in handen van de Geallieerden en was het Ardennen offensief voorbij. In de twaalf dagen die volgden werden de Duitsers steeds verder teruggedrongen naar de Westwall. Op 20 januari 1945 werd een pantserdivisie naar het oosten van het rijk gezonden. De Russen waren in actie gekomen en de Ardennen waren toch al niet meer te redden.

Lees verder

© 2016 - 2017 Sierd-jan, het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
De mooiste streken in de Belgische ArdennenDe Belgische Ardennen is een bezoek meer dan waard, de talloze groene bossen en ongerepte natuur behoren tot de streek d…
Baugnez 44, museum over bloedbad bij MalmedyMettertijd vervaagt het geheugen. Wie zagen nog met eigen ogen het enorme bloedbad van Amerikaanse soldaten die in Malme…
Stavelot, een typisch Ardens stadjeStavelot is een klein stadje in de Belgische Ardennen gelegen in de provincie luik. Het is vooral bekend van de jaarlijk…
De Oostkantons ofwel: Oost-BelgiëDe Oostkantons ofwel: Oost-BelgiëIn België zijn verschillende regio's waar ook verschillende talen worden gesproken. Naast het Vlaams (Nederlands) en Waa…
Malmedy, toegangspoort tot de Hoge VenenMalmedy is een stad gelegen in de Belgische provincie Luik en wordt vaak omschreven als “de toegangspoort tot de Hoge Ve…
Bronnen en referenties

Reageer op het artikel "WO II: Slag om de Ardennen (Ardennenoffensief)"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Infoteur: Sierd-jan
Laatste update: 11-01-2017
Gepubliceerd: 17-08-2016
Rubriek: Kunst en Cultuur
Subrubriek: Oorlog
Special: WO II
Bronnen en referenties: 11
Schrijf mee!