Vietnam en Oorlog

De Oorlog in Vietnam

De Oorlog in Vietnam

De Vietnamoorlog is een zwarte bladzijde in de geschiedenis van Amerika. Deze oorlog heeft namelijk aan vele mensen het leven gekost, zonder dat er hiermee enig succes is behaalt. Dit is ons allen bekend, maar hoe verliep deze oorlog nu precies. Wat waren de belangrijkste gebeurtenissen in deze oorlog?


Vietnam onder Frans bestuur

Vietnam was in de 19e eeuw een zeer begeerd land. Veel landen probeerden er handelsposten neer te zetten. Allemaal aasden ze op het monopolie over zijde, specerijen, porselein, rubber en hout. De Fransen bleken het sterkst en vanaf 1883 was Vietnam een Franse kolonie. Het land diende vooral de belangen van de koopslieden. Vanaf 1920 ontstonden hierdoor her en der vijandige, nationalistische bewegingen en organisaties. De belangrijkste hiervan was de Revolutionaire Jeugliga van Vietnam, opgericht door Nguyen Ai Quoc, die later beter bekend zou worden onder zijn oorlogsnaam Ho Chi Minh. Ook tijdens de Japanse bezetting bleef Vietnam onder Frans bestuur.

Tussen 1946 - 1954 was er een oorlog tussen de Fransen en de Vietminh onder leiding van Ho Chi Minh. Tegen 1950 wisten de Fransen dat zij in moeilijkheden waren. Frankrijk vroeg militaire hulp aan Amerika. Amerika wilde wel te hulp komen omdat er in Indo-China geen koloniale oorlog woedde, maar een strijd van het vrije westen tegen de communistische dictatuur. De Amerikaanse minister van buitenlandse zaken maakte bekend dat Amerika economische en militaire uitrustingen zou sturen naar de Fransen in Indo-China. Ook werden er in augustus 1950 een 35 man sterke hulpgroep naar Indo-China gezonden als adviseurs bij het gebruik van Amerikaanse wapens. Van juni 1950 tot mei 1954 verschaften de VS voor $2,6 miljard aan militaire en economische steun aan de Fransen in Vietnam. Ondanks de massale steun van Amerika werd de militaire positie van Frankrijk tegenover de Vietminh gaande weg zwakker. Frankrijk had geen steun van de grote massa van het Vietnamese volk en de onwil van de Fransen om te vechten nam steeds meer toe. De Franse troepen konden niet meer op tegen de Vietminh, met zijn guerrillatactiek. Op mei 1954 waren de Fransen gedwongen zich over te geven. Ze hadden zware verliezen geleden.

De Akkoorden van Genevè

Op 20 juli werden de Akkoorden van Genevè ondertekend. Deze akkoorden hielden in dat Vietnam volgens de 17e breedtegraad tijdelijk in tweeën werd gedeeld: een door de communisten gecontroleerd Noorden en een door de V.S. gesteund Zuiden, dat wel echter zijn eigen zaakjes moest regelen. Een voorwaarde van deze akkoorden was dat er in juli 1956 nationale, algemene verkiezingen gehouden moesten worden met de bedoeling tot een verenigd Vietnam onder democratisch gekozen regering te komen. Van deze verkiezingen zouden later echter niets terecht komen.

Ngo Dinh Diem

De katholieke dictator Ngo Dinh Diem kwam in 1954 aan de macht in Zuid-Vietnam. Diem had een diep wantrouwen tegen de Vietminh en was fel anticommunistisch. Daardoor werd hij door de V.S. beschouwd als een onafhankelijk nationalistisch alternatief tegenover de radicale Vietminh in het noorden. Hij werd het belangrijkste instrument van de Amerikaanse politiek in Vietnam. De communisten gingen in 1960 over tot een georganiseerde guerrillastrijd. Ze waren er op uit om het zuiden te ‘bevrijden’. Het Nationaal Bevrijdingsfront van Zuid-Vietnam werd opgericht.

In 1961 kwam Kennedy aan de macht en stond Zuid-Vietnam op instorten. Kennedy stuurde in 1961 zijn adviseurs Taylor en Rostow naar Saigon om de situatie te bekijken. Rostow wilde Noord-Vietnam bombarderen. Taylor wilde Amerikaanse troepen inzetten om het moreel van de Zuid-Vietnamezen te sterken en het Amerikaanse engagement duidelijk te maken. Kennedy wilde liever wat voorzichtiger beginnen en vergrootte in de daaropvolgende twee jaar het aantal Amerikaanse militaire adviseurs van 600 naar 15000. Veel positieve effecten had die uitbreiding niet. Ook de inzet van napalm, ontbladeringsmiddelen en straaljagers hielpen niet tot een beter resultaat.

Diem afgezet

Zolang de bevolking ontevreden bleef hadden de guerrilla’s een politieke voedingsbodem. Diem was niet tot politieke en sociaal economische hervormingen te brengen. Diem ging ervan uit dat de Amerikanen het moeilijk zonder hem konden stellen. In de loop van 1963 verslechterde de situatie in Zuid-Vietnam zo snel dat de Amerikanen besloten dat Diem maar moest verdwijnen. Op 1 november werd Diem afgezet en samen met zijn broer vermoord. Een militaire junta nam de macht over. En ook nu kwam er niets van de hervormingen terecht.

Escalaties

In 1964 verslechterde de toestand in Zuid-Vietnam zienderogen. De militaire junta bracht er namelijk nog minder van terecht dan Diem. Johnson, die Kennedy opvolgde na zijn dood, kon daar even niets aan doen omdat de verkiezingen voor de deur stonden en hij naar buiten trad als vredeskandidaat. Zodat hem niet te veel vredelievendheid verweten kon worden en om op alle eventualiteiten te zijn voorbereid zorgde Johnson er in augustus 1964 voor dat het Congres hem ten behoeve van de interventie in Vietnam een blanco cheque verleende.

Het begin

Toen Johnson in 1964 zijn verkiezingsoverwinning behaalde kon hij aan de Amerikaanse aanwezigheid in Vietnam een einde maken. Dit is nooit gebeurt omdat de betrokkenen van mening waren dat Zuid-Vietnam niet verloren mocht gaan. In de eerste plaats niet vanwege het domino-effect dat een communistische overwinning in Zuid-Vietnam zou hebben en in de tweede plaats omdat Zuid-Vietnam van vitaal belang was om een natie (in dit geval de Verenigde Staten) te helpen de communisten tegen te houden in een vrijheidsoorlog. In januari 1965 waren Johnson en zijn adviseurs op zoek naar een goede aanleiding om de al zo lang bestaande plannen voor de bombardementen ten uitvoer te brengen. Begin februari deed de Vietcong een mortieraanval op een kampement van Amerikaanse militaire adviseurs. President Johnson gaf meteen het bevel voor en vergeldingsbombardement. Een paar dagen later werd een tweede Amerikaanse basis aangevallen en een tweede vergeldingsbombardement uitgevoerd. Nu was het nog maar een kleine stap naar Johnsons besluit van 13 februari om Noord-Vietnam permanent te gaan bombarderen.

Het opvoeren van de vijandelijkheden

De regering Johnson werkte aan de voorbereiding van de oorlog op het intern-politiek vlak. Al in mei 1964 werd de tekst opgesteld van een resolutie die na het publiekelijk openen van de vijandelijkheden tegen Hanoi door het Amerikaanse Congres moest worden aangenomen en die de regering wilde beschouwen als gelijkwaardig een oorlogsverklaring.

Het Tonkin-incident

Een incident in de Golf van Tonkin bij Vietnam in augustus 1964 werd daarbij door LBJ meteen aangegrepen. Een Amerikaans schip was daar Noord-Vietnamese wateren ingevaren en beschoot zelf aankomende Noord-Vietnamese schepen, die daarop terugschoten. Johnson gebruikte dit incident om zijn Vietnamoorlog door de regering te kunnen krijgen, waarbij hij geen leugens over het incident schroomde. Het Amerikaanse Congres slikte alles als zoete koek en gaf Johnson bijna onbeperkte macht over de situatie Vietnam.

Het bombardement van Noord-Vietnam

Begin 1965 waren er ruim 23.000 Amerikaanse soldaten in Vietnam, maar de meesten van hen waren nog steeds vrijwilligers. Dit zou snel veranderen als de oorlog escaleerde. Johnson bleek hier echter besluiteloos; hij wilde winnen in Vietnam, maar dan wel op de makkelijkste manier zonder al teveel politieke gevolgen.

Dus begon hij bommenwerpers naar Vietnam te sturen, die als opdracht hadden doelen in zowel het noorden als het zuiden (waar de Vietcong ook actief waren) te bombarderen. Dit kostte echter vele levens onder burgers, zelfs burgers die Amerika moest beschermen; daarbovenop kwam nog eens dat de Vietcong zelfs harder leek te vechten naarmate er meer gebombardeerd werd. De luchtoorlog bleek niet voldoende.

Daar kwam bij dat de bases waar de bommenwerpers gestationeerd waren beschermd moesten worden; een moeilijke zaak als de vijand al overal aanwezig is en zich zonder problemen als burger kan vermommen. Het aantal soldaten dat benodigd was om een basis te beschermen was dus bijzonder hoog. De grote basis bij Da Nang werd bijvoorbeeld al snel versterkt met ruim 24.000 man, en andere bases evenzo.

De reactie van de Amerikaanse media


Tussen 1965 en 1968 werd de Amerikaanse aanwezigheid in Vietnam steeds verder opgebouwd en begon de Vietnamoorlog andere vormen aan te nemen: naast offensieve bombardementen moest nu ook verdedigd worden tegen de steeds zwaarder wordende aanvallen van de Vietcong. In 1965 waren er 184.300 troepen en 636 Amerikaanse slachtoffers; in 1968 waren er 536.000 troepen en ruim 30.600 Amerikaanse doden.

Waren de Amerikaanse media aanvankelijk nog positief over de Vietnamoorlog, rond 1966 en 1967 begonnen ze al kritische tonen aan te slaan. De oorlog (en vooral het aantal Amerikaanse slachtoffers) escaleerde snel, waarop meerdere kranten en de grote tv-zenders vragen begonnen te stellen over Johnson's politiek ten opzicht van Vietnam. Daarnaast werd hun berichtgeving steeds onnauwkeuriger, waardoor de (ten dele onterechte) indruk ontstond dat Amerikaanse soldaten gruwelijke moorden pleegden, er geen overwinningen geboekt werden, en dat Amerika in een hopeloze oorlog verzeild was geraakt.

Het publiek reageerde op het grote aantal doden en gewonden in de Vietnamoorlog door in steeds grotere aantallen te weigeren in dienst te gaan. De Amerikaanse regering dwong steeds meer mensen, vooral armen en zwarten zonder connecties, om in dienst te gaan; rijken konden de dienst makkelijk ontlopen. Dit maakte velen kwaad. Tussen 1967 en 1971 steeg het percentage mensen dat dienst weigerde op morele gronden van 8% tot 43%, een percentage dat ongeëvenaard was.

Het Tet-offensief

Als er echter één gebeurtenis was die de Amerikaanse kijk op de Vietnamoorlog volledig omgooide, dan was het het Tet Offensief dat op 30 januari 1968 begon. Tet was het begin van het nieuwe maanjaar voor de Vietnamezen en was een feestdag waarop steeds niet gevochten werd. In 1968 gebruikte de Vietcong dit feit om de Amerikanen de grootste klap van de Vietnamoorlog te geven: ze vielen in grote aantallen aan.

Tot het Tet Offensief hadden de Amerikanen een overwinning in de Vietnamoorlog voor mogelijk gehouden, na Tet ging men vooral denken aan terugtrekken uit Vietnam zonder gezichtsverlies. Veel Amerikaanse bevelhebbers hadden geproclameerd dat de vijand bijna verslagen was en de Vietnamoorlog bijna gewonnen. Tet wekte iedereen die in slaap gesust was op een ruwe manier; de Vietcong kon dus ondanks gigantische verliezen nog steeds een groot offensief opzetten.

Tet was geen militaire overwinning voor de Vietcong; integendeel. Ze hadden 40.000 van hun beste troepen en vele wapens verloren, maar de Amerikanen psychologisch een grote slag toegebracht. De Vietnamoorlog verliezen: dat hadden ze nooit voor mogelijk gehouden. Tet bewees dat het wel kon.

Het Tet Offensief maakte een einde aan de escalatie van de Vietnamoorlog en vormde het begin van de pogingen van Amerika om zich terug te trekken uit die oorlog. De publieke opinie had zich tegen hem en zijn Vietnamoorlog gekeerd, en Johnson zei openlijk dat hij bereid was tot vredesbesprekingen met de Vietcong. Hij zei ook dat hij niet meer mee zou doen aan de volgende presidentsverkiezingen, die in datzelfde jaar gehouden werden.

Nixon

In 1969 werd Richard Nixon de opvolger van Lyndon Johnson en daarmee president van de Verenigde Staten. Hij kreeg van zijn voorgangers het probleem van de Vietnamoorlog mee: een grote oorlog waarin ruim een half miljoen Amerikaanse mannen en vrouwen betrokken waren en die op alle punten vastliep.

Deze situatie en de hoog oplopende Amerikaanse verliezen leidden ertoe dat het moraal van de Amerikaanse troepen erg laag was; desertie en verzuim vierden hoogtij. Aan het thuisfront was het ook al niet veel beter: de roep van het publiek om de Vietnamoorlog te beëindigen werd steeds luider.

Nixon beloofde tijdens zijn verkiezingscampagne dan ook "eerzame vrede", iets waar lang niet alle Amerikanen in geloofden, maar het waren er genoeg om hem de overwinning te geven. Nixon zette door: in 1969 formuleerde hij de Nixon Doctrine, waarin hij stelde dat de Zuid-Vietnamezen (en alle andere Aziaten) meer en meer hun eigen oorlog moesten vechten.

Terwijl steeds meer Amerikaanse soldaten teruggetrokken werden, werd de financiële en materiële hulp aan de Zuid-Vietnamezen groter. Amerikaanse experts leerden het zwakke Zuid-Vietnamese leger om op eigen benen te staan terwijl Nixon probeerde aan de onderhandelingstafel met de Noord-Vietnamezen te komen.

De aanval op de Ho Chi Minh Trail

Maar Nixon, die zich wel bewust was van het feit dat Zuid-Vietnam de druk niet aankon, deed ook het tegenovergestelde: hij begon de Vietcong in Noord-Vietnam en Cambodja te bombarderen. Uiteraard leverde dit aan de onderhandelingstafel weinig op. Daarom vertelde Nixon het publiek in 1970 dat het leger de Vietcong nu ook in Cambodja zou aanvallen, zij het voor een maximum van 60 dagen.

De Vietcong maakte veelvuldig gebruik van een route door Cambodja om aan te vallen en voorraden te vervoeren, genaamd de Ho Chi Minh Trail. Ze wisten dat de Amerikanen hen daar niet konden raken, maar zelfs toen de bombardementen begonnen had dat weinig effect op het vervoer door Cambodja.

Er reden immers geen grote vrachtwagens: de Ho Chi Minh Trail was maar enkele meters breed, overkoepeld door het oerwoud, en werd gebruikt door Vietcong die te voet of per fiets gingen. Voeg daaraan toe dat het pad honderden kilometers lang is en het wordt duidelijk dat het geen makkelijk doelwit voor bombardementen is.

Ook de 60 dagen durende aanval had weinig succes. Integendeel: de protesten in de VS tegen de Vietnamoorlog werden er alleen maar groter door. Vele universiteiten sloten gedurende 1970 en 1971 toen duizenden studenten gingen protesteren, hun vuur aangewakkerd door de uitbreiding van de Vietnamoorlog. Tegen 1972 wilde Nixon nog maar één ding: de oorlog zo snel mogelijk beëindigen zonder teveel gezichtsverlies.

Verzet van een onverwachte kant

Het congres had zich in alle jaren van de Koude Oorlog geschikt naar de wensen van de verschillende presidenten. De containment-politiek was vanzelfsprekend en de president moest maar zien hoe die het beste uitgevoerd kon worden. In de tweede helft van de jaren zestig was in het Congres, net als in de rest van het land, de eensgezindheid over de containment-politiek snel weggesmolten. De senaatscommissie voor buitenlandse zaken was steeds kritischer geworden over de interventie in Vietnam. De invasie in Cambodja bracht het Congres tot een eerste daad van openlijk verzet. Er werd een wet aangenomen die het Nixon onmogelijk maakte om na 1 juli 1970 geld uit te geven voor acties in Cambodja. In december van dat jaar trok het Congres de ‘Golf van Tonkin-resolutie’ in. Dit had verder geen succes. Het Congres probeerde verdere uitbreiding van de oorlog te verhinderen door in het defensiebudget de bepaling op te nemen dat het ter beschikking gestelde geld niet gebruikt mocht worden voor offensieve acties in Laos en Cambodja. Acties van de luchtmacht vielen niet onder deze verbodsbepaling, zodat de invasie in Laos wel Amerikaanse luchtsteun kon krijgen. In 1972 bracht het Congres alle gevoelens van ongenoegen over het eigenmachtig optreden van de president tot uitdrukking in de War Powers Act. Deze wet verplichtte de president om 30 dagen, nadat hij Amerikaanse troepen ergens had ingezet, daarover rekening en verantwoording af te leggen aan de volksvertegenwoordiging.

De oneervolle vrede

In 1972 was het aantal Amerikaanse troepen dat meedeed aan de Vietnamoorlog wel gezakt: van 586.000 in 1968, 475.000 in 1969, 334.000 in 1970 en 156.000 in 1971 naar 24.400 in 1972. Tegelijkertijd probeerde Nixon de oorlog zo eerzaam mogelijk te beëindigen door de relaties met China en de Sovjet Unie, die beide volgens hem de Noord-Vietnamezen hielpen, te verbeteren.

Hij overschatte echter hun invloed op Noord-Vietnam, want hoewel de VS langzaamaan de relaties met China en de Sovjet Unie verbeterde, veranderde er weinig in Vietnam. De vredesbesprekingen faalden meermaals waardoor Nixon zich gedwongen voelde de bombardementen op het noorden te vergroten. Pas in december 1972, toen de bombardementen beëindigd werden, ging men weer rond de tafel zitten.

Dat leidde uiteindelijk eind januari 1973 tot een vredesovereenkomst; Amerika beloofde zich terug te trekken uit Vietnam en er zou een staakt-het-vuren volgen. Dit staakt-het-vuren duurde echter niet lang; de Amerikanen waren nog niet weg of de Noord-Vietnamezen lagen alweer in de clinch met de regering in het zuiden en openden de aanval.

Zuid-Vietnam capituleert

In 1975 klapte het Zuid-Vietnamese leger in elkaar. Afgemat door de aanvallen van de Vietcong en het reguliere Noord-Vietnamese leger trokken ze zich terug. In maart werd Da Nang veroverd. Op 21 april nam de Zuid-Vietnamese president Nguyen Van Thieu de benen en vluchtte uit Saigon.

De Amerikanen evacueerden de ambassade en namen enkele Vietnamezen die hen hadden gesteund mee. Verreweg de meesten bleven achter en zouden door de Vietcong vermoord worden.

Op 30 april tekende Zuid-Vietnam de capitulatie; Vietnam was weer herenigd. De Vietnamoorlog was voorbij, maar de kosten in mensenlevens waren hoog: 47.244 Amerikaanse doden, 153.329 gewonden, 2.483 vermisten. 365.000 Vietnamese burgers hadden het leven verloren, het Zuid-Vietnamese leger had bijna 224.000 doden en 570.000 gewonden, het Noord-Vietnamese leger ruim 660.000 doden en een onbekend aantal gewonden.

Gevolgen van de Vietnamoorlog

Ondanks de verzekering van Nixon, bij gelegenheid van de ondertekening van het akkoord in januari 1973, dat hij een eervolle vrede had weten te bereiken, leden de Amerikanen in Vietnam de grootste nederlaag uit hun geschiedenis. Na jarenlange inspanningen ging Zuid-Vietnam toch verloren. Als gevolg van de Amerikaanse interventie kwam het neutrale Cambodja in handen van de Rode Khmer, die daar een waar schrikbewind uitoefenden.
In de Amerikaanse binnenlandse politiek had de oorlog eveneens vreselijke gevolgen.
Johnson en zijn ‘Great Society’ waren eraan ten onder gegaan. De economie was in de greep van een schijnbaar niet te stoppen inflatie.
© 2007 - 2008 Henk-jan, gepubliceerd in Oorlog (Kunst en Cultuur) op 28-03-2007. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Henk-jan is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen


Reageer op het artikel "De Oorlog in Vietnam"


Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.