
Afrikaanse volkeren; de Hottentotten
De Hottentotten zijn een zeer bekend volk uit Afrika. In dit artikel zal alles beschreven worden omtrend de Hottentotten. Van leefstijl tot uiterlijk, van geloof tot herkomst.
De Hottentotten vormen, omdat ze zich steeds meer met andere negervolken vermengen, een uitstervend volk. Daarom is het interessand om eens diepgaander kennis met ze te maken.
Het staat vast dat de Hottentotten vroeger grotere delen van Afrika bewoonden. Maar door het volk van de Bantoe, en ook door de komst van de blanken werden de kleine Hottentotten teruggedrongen naar de onherbergzame, droge streken van Zuidwest-Afrika. Ze delen hun woongebied met een ander dwergvolk, dat van de Bosjesmannen.
Hun herkomst
Het valt niet mee om de oorsprong van het volk van de Hottentotten te vinden. Deze mensen hadden geen eigen schrift en hun geschiedenis werd van vader op zoon doorverteld. Vele onderzoekers menen dat de Hottentotten oorspronkelijk uit Midden-Oost-Afrika komen. Daar zou een vermenging moeten hebben plaatsgevonden tussen negride mensen en een volk dat wellicht uit Arabië of in elk geval uit het Midden-Oosten afkomstig was.Op dit laatste wijst ook nog de Hottentottentaal. Ook de lichaamsbouw en de gelaatstrekken van de Hottentotten doen enigszins Arabisch aan.
Vanuit de omgeving van de grote meren van Midden-Oost-Afrika moet het mengvolk zuid-westwaarts zijn getrokken, tot aan de Afrikaanse westkust. Vandaar zijn de HOttentotten verder naar het zuiden afgezakt. Later zijn groepen weer wat meer naar het noorden getrokken. De mensen die achterbleven vermengden zich met andere negride volkeren.
Vier hoofdgroepen
Om aardrijkskundige, taalkundige en volkenkundige redenen worden de tegenwoordige Hottentotten in vier groepen verdeeld.De Kaapse Hottentotten
De Kaapse Hottentotten bewoonden vóór de komst van de blanken de zuidelijkste punt van Afrika. Met deze mensen deden de mannen van Jan van Riebeeck, die hier in 1652 landde, zaken. De Kaapse Hottentotten leverden aan de Verenigde Oos-Indische Compagnie vee en groenten. De bekendste stammen van deze groep waren de Goringhaikwa, de Goringhaikona, de Attakwa, de Gririkwa en de Oetenikwa.
De meeste stammen zijn inmiddels als gevolg van pokken uitgestorven. Kleine groepen zijn naar het noorden getrokken toen de blanken steeds meer land in beslag namen.
De Oostelijke Hottentotten
De Oostelijke Hottentotten woonden ten oosten van de Kaapse Hottentotten. Bekende stammen waren de Inkwa, de Damakwa en de Gonakwa. Ook deze stammen zijn gedurende de laatste drie eeuwen vrijwel verdwenen.
De Namakwa
De Namakwa waren een grote stam die ten noorden van de Oranjerivier woonde. Kleine groepen zijn later naar het noordwesten getrokken. In de omgeving van Oranjerivier is geen Namakwa meer te vinden.
De Korana
De Korana woonden op de plaats waar de rivieren de Vaal en de Hartsrivier samenstroomden. De Korana hadden veel te lijden van de plundertochten van de stam van de Basoeto. Oorlogen en ziekten waren er de oorzaak van dat dit volk vrijwel geheel verdwenen is.
Kenmerken
De Hottentotten hebben een vrij lichte huidkleur, dicht kroeshaar en weinig lichaamsbeharing. Vergeleken met de Bosjesmannen hebben ze een langere schedel en een scherp getekend gelaat. Ze zijn ook iets langer en hebben grotere handen en voeten.Hun taal, het Nana, is door zendelingen ontwikkeld tot een schrijftaal. Er bestaat dan ook een bijbel in deze Nana-taal.
Herders en jagers
Van oudsher zijn de Hottentotten een nomadisch volk, waarvan de voornaamste middelen van bestaan de veehouderij en de jacht zijn. Runderen vormen de basis voor de rijkdom van een Hottentot. Melk is een volksvoedsel.De verzorging van het vee is geheel een aangelegenheid van de vrouwen. De mannen houden zich slechts met de jacht bezig. Ossen doen dienst als last- en rijdier. In oorlogstijd werden ossen ook wel ingezet om als een soort stormtroepen dienst te doen. De Hottentotten eten ook het vlees van hun runderen; de dieren worden op ceremoniële wijze geslacht.
Een Hottentot kan op verschillende manieren in het bezit komen van vee. Kort na de geboorte van een zoon wordt wat vee voor hem apart gehouden; bij zijn huwelijk krijgt hij de dieren bij wijze van huwelijksgeschenk mee. Het vee is ook het algemene ruilmiddel; wie iets kostbaars te verkopen heeft, laat zich dus met runderen betalen. Maar de Hottentotten zagen er tot voor kort ook niets kwaads in om het vee van naburige stammen te roven.
Bij de jacht maken de Hottentotten gebruik van vrij primitieve, maar afdoende methoden. Ze gebruiken pijl en boog en er worden strikken en vallen gezet. Iedere groep of stam heeft een eigen jachtterrein, dat wordt afgebakend aan de hand van bronnen en waterputten. Elk lid van de groep heeft recht op weidegrond, water en wild binnen dit eigen terrein. Binnen het gebied trekken de families rond met hun vee. De tijdelijke kampen worden opgeslagen in de buurt van een drinkplaats.
Het vee levert de Hottentotten behalve vlees en melk ook de huiden, waarvan onder meer kledingstukken worden gemaakt. Ook water- en melkzakken worden uit leer vervaardigd.
Vaatwerk maken de Hottentotten van leem of van hout. Runderhorens worden gebruikt om er vet, boter en medicijnen in te bewaren. In tegenstelling tot de meer primitieve Bosjesmannen kennen de Hottentotten reeds lang de geheimen van de metaalbereiding en -bewerking. In iedere groep of stam zijn wel enige smeden te vinden die ijzer en brons bewerken.
De hutten van de Hottentotten zijn geheel aangepast aan hun nomadische levenswijze. Ze bestaan uit een raamwerk van latten, dat bedekt wordt met rieten matten. Wanneer men besluit op te breken, worden de matten en het raamwerk in een oogwenk opgerold en op de ossen geladen. De hut wordt in een ommezien ook weer opgebouwd.
De opbouw van de Hottentotten-maatschappij
Zoals doorgaans bij nomaden, zijn de Hottentotten in kleine groepjes verdeeld, zodat men snel van de ene plaats naar de andere kan trekken. De kleinste maatschappelijke groep is het gezin. De grootste gemeenschap waarbinnen men op vertrouwelijke voet met elkaar staat, is de stam. De stammen zijn verdeeld in 'clans', een soort families. Iedere clan heeft één gemeenschappelijke voorvader. Daarbij worden uitsluitend de afstammelingen in mannelijke lijn in ogenschouw genomen.In iedere stam bekleedt één clan de voorranspositie. Het stam-opperhoofd is uit deze clan afkomstig, en zijn positie is erfelijk.
Binnen de clans onderscheidt men weer verschillende families, die min of meer aan elkaar verwant zijn. Het zijn deze familieverhoudingen die bepalen welke gezinnen met elkaar een groep vormen die een bepaald gebied bewoont. Aan het hoofd van iedere groep staat een hoofdman, die doorgaans wordt uitgekozen, maar die deze functie toch ook vaak van zijn vader overneemt. De hoofdmannen vormen met elkaar een raad van ouderen, die in feite machtiger is dan het stam-opperhoofd.
Op ongeveer 15-jarige leeftijd wordt een kind volwassen verklaard. De traditionele inwijdingsceremonies gelden zowel voor de mannen als voor de vrouwen. Pas na zo'n ceremonie mag een Hottentot zich als volwassen lid van zijn groep beschouwen.
Door oorlogen en ongevallen tijdens de jacht zijn er altijd meer vrouwen dan mannen bij de Hottentotten geweest. Daaruit valt dan ook de veelwijverij (polygamie) te verklaren, die nog in vele groepen voorkomt.
De godsdienst
Sedert anderhalve eeuw geleden zijn vele Hottentotten tot het christendom bekeerd. Maar de oude tradities van de oorspronkelijke godsdienst van dit volk werden daarmee allerminst vergeten.De oude en de nieuwe godsdienst worden naast elkaar beleden. De Hottentotten kennen verscheidenen goden die vroeger mensen waren geweest. Deze mythologische helden staan in het middelpunt van de godsdienstige verering. Ze heten Tsoej-goab, Hejtsj-eibib en Gaunab.
Aan ieder van deze goden is een mythologisch verhaal verbonden.
Tsoej-goab en Hejtsj-eibib zijn goede goden, terwijl Gaunab het kwaad vertegenwoordigt. Gaunab heerst over de kwaadwillige geesten van de gestorven voorouders. Tsoej-goab was de brenger van het leven, en wordt aanbeden in tijden van droogte, met de bedoeling het te laten regenen. Hejtsj-eibib wordt beschouwd als een machtig opperhoofd, krijger en wonderdoener.
De taken van de medicijnman
Zoals vele oude Afrikaanse volkeren, kennen de Hottentotten een medicijnman, een priester die de schakel vormt tussen de mensen en de goden en geesten. Ze geloven dat alles in de natuur en in het leven onderworpen is aan goede en kwade machten en krachten. En ook dat er mensen zijn die deze machten en krachten kunnen beheersen; deze mensen worden dan de medicijnman.De Hottentotten onderscheiden 'boze' en 'goede' medicijnmannen. Beiden hebben een taak, want alles in de natuur is immers verdeeld in goed en kwaad. Alle plagen en ellende worden veroorzaakt door de 'boze' medicijnmannen, die hiertoe opdracht krijgen van Gaunab.
De 'goede' medicijnmannen worden te hulp geroepen om al die narigheid weer ongedaan te maken, door middel van dansen, toverformules, bezwerende handelingen en offers.
De medicijnmannen hebben ook ceremoniële taken, zoals bij de inwijdingsriten en de feesten die worden gevierd voor of na een oorlog. Sommige medicijnmannen zijn gespecialiseerd in het regenmaken, anderen in de waarzeggerij.
De voornaamste taak van de medicijnmannen bestaat er evenwel in de boze geesten af te weren. Dit zijn de geesten van de gestorven voorouders, die kwaad zijn omdat ze niet langer tot de levenden behoren en daarom allerlei vervelende dingen veroorzaken. De enige manier om deze geesten af te weren is volgens de Hottentotten een afleidingsmanoeuvre: de geesten laten geloven dat de levenden zich op een andere plaats bevinden dan in werkelijkheid.
Hoe dat in zijn werk gaat, kunnen we zien aan de manier waarop de Hottentotten op jacht gaan. Vóór de jacht wordt er een jachtceremonie gehouden, waaraan alle jagers deelnemen. Tijdens deze ceremonie verdwijnen de jagers de een na de ander, om elders weer bij elkaar te komen. In het kamp blijft slechts een klein groepje 'jagers' met de medicijnman over. Dit groepje gaat tenslotte luidruchtig op pad, zogenaamd om op jacht te gaan.
In werkelijkheid lopen deze 'jagers' maar wat rond, met de bedoeling de geesten af te leiden. Intussen kan de echte jagersploeg onbevreeds en ongezien door de boze geesten achter het wild aangaan.
Ook tijdens de inwijdingsceremonie kent men dergelijke afleidingsmanoeuvres, met de bedoeling de overgang naar de volwassenheid naar wens te laten verlopen zonder dat de boze geesten tussenbeide kunnen komen.
De drijfjacht
De Hottentotten hebben een doelmatige jachttechniek ontwikkeld. De grens van het jachtgebied wordt met behulp van bosjes, palen en soms ook vuren afgezet. Een trechtervormige opening in deze barrière leidt naar een valkuil. De jagers vormen een halfronde boog en rennen zo in de richting van die barrière. Schreeuwen jagen ze het wild in die richting op.Daar aangekomen, komt het wild in de 'trechter', die nauwer en nauwer wordt. Tenslotte wordt het wild in de valkuil gedreven. Met behulp van pijl en boog of speren worden de jachtdieren vervolgens afgemaakt.
De Hottentotten maken vooral jacht op antilopen, maar vangen van tijd tot tijd ook wel zebra's.
Het valt te begrijpen dat deze primitieve jagers het in het tegenwoordige Afrika steeds moeilijker krijgen.
De toekomst van de Hottentotten
Vooral sedert de 19e eeuw is het leven van de Hottentotten ingrijpend veranderd. De blanken, die vanuit het zuiden steeds meer land in beslag namen, verjoegen het volk van de Bantoe. Dit volk drong op naar het noorden en verjoeg weer de Hottentotten. Maar de meeste Hottentotten overleefden het contact met andere negride volkeren niet.In het woestijnachtige gebied van Zuidwest-Afrika leven de laatste Hottentotten zeer geïsoleerd. Het toch wel regelmatigecontact met de blanken heeft hun niet alleen veel goeds, maar ook minder goede dingen gebracht: ziekten en drank. Hun levenswijze werd eenv erwarde mengelmoes van oude en moderne elementen, iets wat voor dit nomadenvolk zeer nadelig bleek te zijn.
Omdat er steeds minder grondgebied voor de Hottentotten overblijft, kan dit volk nauwelijks meer vee houden en jgen. Hun aantal neemt dan ook gestaag af. De tijd is niet ver meer dat de laatste Hottentotten zich zullen vermengen met andere negride volkeren. De Westerse beschaving zal er dan de oorzaak van zijn, dat een oud, interessant volk volledig zal verdwijnen.
Nu is het alleen nog maar afwachten tot de laatste Hottentot zijn ogen voorgoed zal gaan sluiten...
Andere volkeren
Bekijk hier ook de informatie over andere volkeren. Om de informatie te zien, klik dan op het volk.- Negride volkeren van Afrika
- Toearegs
- Melanesiërs
- Zoeloe's
- Bosjesmannen
- Mongolen
- Japanners
- Tibetanen
- Indiërs
- Arabieren
- Lappen
- Eskimo's
- Schotten
- Algemene informatie over Europese Volkeren
- Maori's
- Aboriginals
- Polynesiërs
Verwante artikelen
- Het Afrikaans, zustertaal van het Nederlands: Officieel is het Afrikaans geen Nederlands, maar je mag het gerust een zustertaal noemen. In dit artikel komt ook het gebruik van het Nederlands voor dierennamen…
- Afrikaanse volkeren; de negride volkeren van Afrika: In Afrika zijn veel verschillende volkeren te vinden. Elk volk met een ander uiterlijk, en andere gewoonten. In dit artikel zijn de meeste bekende negride…
- Safari in de schemering: Afrika in de Beekse Bergen: De tamtam dringt tot ver in het park door. De zon kleurt langzaam dieprood en de meer dan duizend wilde dieren bereiden zich voor op de nacht. Of je nu de…
- Oost- en Zuidelijk Afrika, Zuid-Afrika: Zuid-Afrika is het zuidelijkste land van het continent Afrika. Na de afschaffing van de apartheid is er toch nog altijd een sociale ongelijkheid in het land. Maar daar…
- Internettermen in het Afrikaans: Een rekenaar is een computer. Sagteware is Afrikaans voor software en strooipos betekent spam. Webcasting is gewoon webuitsending. In het Zuid-Afrika lukt het de mensen beter…

Reageer op het artikel "Afrikaanse volkeren; de Hottentotten"

Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.

