InfoNu.nl > Kunst en Cultuur > Geschiedenis > Houten steltsandalen in de geschiedenis

Houten steltsandalen in de geschiedenis

Houten steltsandalen in de geschiedenis Sandalen staande op stelten en geheel of merendeels gemaakt van hout, kwamen in de geschiedenis overal op de wereld voor. Men droeg ze in hoofdzaak ter bescherming van de voeten, schoenen en kleding, maar status, cultuur of religie konden tevens aanleiding zijn voor het dragen van dit soort schoeisel. Hoewel de steltsandalen onderling verschillen van hoogte, vorm, decoratie en houtsoort, is de basis van de opbouw vrij gelijk. Enkele soorten worden tot op de dag van vandaag gebruikt.

Paduka

In India bestaan er al zeker 5000 jaar “paduka”. Deze naam komt van “pada” dat “voet” betekent en “ka” dat staat voor “klein”. Paduka staan symbool voor de voetafdrukken van de Hindugoden bijv. Vishnu en Shiva. De zool heeft dan ook vaak de vorm van een voetafdruk. Onder de voorvoet en hiel bevinden zich twee smalle gebogen stelten. De vorm van deze stelten verkleint de kans dat men tijdens het lopen op insecten of planten trapt, dit verwijst naar de principiële geweldloosheid binnen het Hindoeïsme en Jainisme. De hoogte van de stelten varieert van zo'n zes tot tien centimeter. Door middel van de teenknop aan de bovenzijde van de zool, die tussen de grote teen en tweede teen wordt geklemd, kan een paduka aan de voet worden vastgehouden.

Soorten paduka

Er paar zeer eenvoudige paduka bestonden uit dikke rechthoekige planken die onder de voorvoet en hiel enkele centimeters verhoogd waren, andere hadden een dikke zool in de vorm van een voetafdruk, maar waren niet extra verhoogd. Beide types droeg men buiten als bescherming van de voeten.

Welgestelde mensen hadden paduka van kostbaarder houtsoorten zoals ebbenhout, sandelhout en teak en bovendien versierd met snijwerk, of inlegwerk met ivoor, koper- of zilverdraad, en ook geheel gemaakt van ivoor. De zolen waren verfijnder en verschillend van vormgeving bv. in de vorm van vissen, de vis staat symbool voor vruchtbaarheid. Bij speciale gelegenheden droegen zij paduka gemaakt van brons, koper of zilver, of met zilver bedekte houten paduka. Enkele waren langs de rand versierd met (zilveren) belletjes die bij elke stap rinkelden.

Bij een paar bijzondere exemplaren gebeurde er tijdens het lopen iets met de teenknop; er sproeit rozenwater uit, of er opent zich een lotusbloem. In de hiel van de paduka bevond zich een knop die bij elke stap wordt ingedrukt, en het mechanisme in gang zette.

Niet alleen in India maar ook in Pakistan en Afghanistan droeg men soortgelijke sandalen. Ze waren een onderdeel van de bruidsschat, die men in India aan een meisje meegeeft als zij gaat trouwen. Paduka worden vandaag de dag nog wel gedragen door bedelaars, monniken en heiligen, anderen dragen ze soms voor ceremoniële doeleinden.

Geta

Japanse traditionele houten sandalen op stelten: “geta”, werden (en worden) meestal gemaakt uit één stuk hout van de houtsoort kiri (paulownia tomentosa). Dit hout komt voor in Oost-Azië waaronder in China, Japan en Korea, het is wit van kleur, licht en zacht maar sterk.

Houtsnede van Utagawa Toyokuni, afgebeeld een man met geta / Bron: Utagawa Kunisada, Wikimedia Commons (Publiek domein)Houtsnede van Utagawa Toyokuni, afgebeeld een man met geta / Bron: Utagawa Kunisada, Wikimedia Commons (Publiek domein)
De zool bestaat uit een dikke houten plank die voor mannen rechthoekig en voor vrouwen ovaal is gevormd. Aan de onderzijde bevinden zich meestal twee stelten “ha” genoemd, oftewel “tanden” die in hoogte variëren van ongeveer vijf tot 26 centimeter. Op de bovenzijde van de zool loopt een V-vormig band om de sandaal aan de voet vast te kunnen houden. De band loopt door drie gaten in de zool naar de onderzijde waar hij is bevestigd. Van oorsprong werd de band gemaakt van stof of leer met een koord van hennep als vulling. Net als de moderne teenslippers maakten geta tijdens het lopen een klepperend geluid.

Geta hadden met name een praktische functie; het droog- en schoonhouden van de voeten en/of de zeer kostbare kimono (traditioneel kledingstuk gemaakt van zijde) vooral tijdens regenachtig en winters weer. Soms droeg men geta met een speciaal soort sokken: “tabi”, waarbij de grote teen is afgescheiden van de andere tenen. Bij een ander type geta de “ame-geta” loopt er een kap van leer of stof over de tenen. Ook tegenwoordig dragen sommige Japanners wel eens geta, voornamelijk bij traditionele kleding en in de zomer.

Hooggeplaatste courtisanes droegen vanaf de 12de eeuw tot in de 18de eeuw “koma geta”, dit waren zeer hoge zwart gelakte sandalen die op drie brede tanden stonden.

In de Japanse mythologie komt het fabeldier “Hanadaka-tengu of Daitengu” voor die “tengu geta” sandalen draagt. Hij heeft grotendeels een menselijk uiterlijk maar met een rode huid, lange neus en vleugels. Tengu geta hebben maar één tand in het midden van de zool.

Takunya, nalin en kabkabs

In Turkije en in veel Arabische landen droeg men in badhuizen takunya, nalin of kabkabs, als bescherming tegen de hete en natte vloeren. Ook werden ze buiten als overschoenen gebruikt om de schoenen te beschermen tegen straatvuil.

Schilderij van Jean-Etienne Liotard uit 1742-1743, afgebeeld twee vrouwen staande op kabkabs / Bron: Jean Étienne Liotard, Wikimedia Commons (Publiek domein)Schilderij van Jean-Etienne Liotard uit 1742-1743, afgebeeld twee vrouwen staande op kabkabs / Bron: Jean Étienne Liotard, Wikimedia Commons (Publiek domein)
De houten sandalen staan op twee smalle stelten, de zolen hebben een rechte, ronde of iets puntige neus en de hoogte van de stelten onder de hiel en voorvoet is gemiddeld ongeveer 6 cm. Aan de sandalen zat een band van leer of stof (vaak fluweel) om ze aan de voet vast te kunnen houden. Bij welgestelden vrouwen waren de sandalen vaak rijk versierd met inlegwerk van parelmoer, zilver en goud of gedecoreerd met houtsnijwerk. Mannen droegen minder versierde sandalen.

Kabkabs werden gedragen door vrouwen, ze hebben zeer hoge stelten van gemiddeld 26 cm, die naar onderen toe breed uitlopen. Dit type sandaal droeg men tot en met de 19de eeuw, de andere soorten (met lagere stelten) draagt men ook tegenwoordig nog wel in badhuizen.

Patijnen

Vanaf ongeveer 1100 droeg men in Europa eveneens een soort houten steltsandalen, zogenaamde patijnen, platijnen, of trippen genoemd. De naam patijn komt waarschijnlijk van het Franse woord “patte” dat voet of poot betekend. Patijnen werden gemaakt uit één stuk hout, van elzen-, populieren- of wilgenhout. Ze hadden een dikke zool die onder de bal van de voet en onder de hiel nog ongeveer 4 tot 8 centimeters was verhoogd. Over de zool liep net als bij de Turkse en Arabische sandalen een leren band of riem, om de sandaal vast te kunnen houden. Na de middeleeuwen werd deze riem of band tevens van stof gemaakt, zoals van linnen en zijde.

Patijnen gebruikte men als overschoenen, over de normale schoenen. In de middeleeuwen waren de meeste straten ongeplaveid, en daarom vaak nat en modderig. Verder waren de straten erg vuil, huisvuil gooide men op straat en er lagen veel uitwerpselen van dieren (en mensen). Binnen werden ze gedragen tegen koude voeten, de dikke houten zool diende als isolatielaag.

Patijnen, detail van een schilderij van Jan van Eyck uit 1434 / Bron: Creator:Jan van Eyck, Wikimedia Commons (Publiek domein)Patijnen, detail van een schilderij van Jan van Eyck uit 1434 / Bron: Creator:Jan van Eyck, Wikimedia Commons (Publiek domein)

Patijnen met ronde- en puntneus

De neuzen van de overschoenen waren aangepast aan de schoenen die men erin droeg. Schoenen waren in die periode gemaakt van leer en hadden een dunne leren zool. In de 14de en 15de eeuw werden de “neuzen” van de schoenen zeer lang en puntig gemaakt, men noemde ze in Nederland “snavelschoenen” en in Frankrijk “poulaines” of “krakow”, naar het land Polen of de stad Krakau waar men dacht dat deze mode vandaan kwam. Snavelschoenen werden vooral gedragen door de adel en welgestelde burgers, hoe langer de punt des te hoger de status, zo vonden zij. Er bestonden patijnen met een afgeronde of rechte neus en patijnen met een lange smalle puntige neus, speciaal bedoeld voor de poulaines om de punt van de schoenen te ondersteunen. In de 16de eeuw droeg men patijnen ook binnenshuis zonder schoenen, als sandaal. De patijnen met een ronde of rechte neus bleven tot en met ongeveer de 18de in gebruik.

Patijnen met scharnier

Een ander soort patijnen, die men in de late 14de en 15de eeuw droeg, hadden een dikke houten zool en een soort scharnier op de hoogte van de bal van de voet. Ze bestonden eigenlijk uit twee delen die samengehouden werden door een leren strip bevestigd met spijkers aan de bovenzijde van de zool. Tijdens het lopen klapt het “scharnier” open en dicht. Behalve een leren riem aan de voorvoet zat er soms nog een riem aan het hielgedeelte.

Patijnen met standring

Bij het type patijn dat men vanaf ongeveer de 17de eeuw tot in de vroege 19de eeuw gebruikte, werd de zool gedragen door een ijzeren standring, die van enkele centimeters tot ongeveer 10 cm hoog konden zijn. De vorm van de ring kon wisselen; rond, ovaal of golvend gebogen. Deze patijnen werden voornamelijk door vrouwen en arbeiders gedragen; zij die veel buiten werkten. Mannen en welgestelden droegen schoenen met een dikke leren zool.

Dat men met patijnen niet erg makkelijk kon lopen wordt duidelijk door de oude uitdrukking: “te patijne staan”, hiermee bedoelde men: “niet stevig in zijn schoenen staan”.
© 2015 - 2019 Vuurvlieg, het auteursrecht (tenzij anders vermeld) van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
Chopines: plateauschoenen uit het verledenChopines: plateauschoenen uit het verledenVanaf de 15de tot aan het begin van de 17de eeuw waren er in Spanje en Italië, met name in Venetië, een bepaald type pla…
Havaianas slippers, wat zijn dat voor flip flops?Havaianas slippers, wat zijn dat voor flip flops?Havaianas teenslippers zijn hippe flip flops slippers of sandalen, die in de zomer van 2010 zelfs hipper zijn dan de pop…
Birkenstock slippers online kopen – Waar moet je opletten?Birkenstock slippers en schoenen geven veel steun aan je voeten door hun speciale voetenbed. Deze slippers zijn dus goed…
Teva sandalen en schoenen: voor alle wandelaarsTeva sandalen en schoenen: voor alle wandelaarsEen beetje backpacker verlaat zijn land niet zonder een Lonely Planet en een paar Teva's. Het merk is vooral bekend van…
Klompen, het bekendste schoeisel in NederlandDe klomp is het meest bekende typische Nederlandse schoeisel. De traditionele grap van toeristen is ook de opmerking dat…
Bronnen en referenties
  • Inleidingsfoto: Pebble101, Wikimedia Commons (CC BY-2.0)
  • http://www.allaboutshoes.ca/en/japanese/inclement_weather/
  • http://www.allaboutshoes.ca/en/paduka/the_paduka/index.php
  • http://www.stadtarchaeologie-lueneburg.de/mag/h-trippen.htm
  • https://en.wikipedia.org/wiki/Patten_%28shoe%29
  • https://en.wikipedia.org/wiki/Geta_%28footwear%29
  • https://en.wikipedia.org/wiki/Paduka
  • https://nl.wikipedia.org/wiki/Tengu
  • Afbeelding bron 1: Utagawa Kunisada, Wikimedia Commons (Publiek domein)
  • Afbeelding bron 2: Jean Étienne Liotard, Wikimedia Commons (Publiek domein)
  • Afbeelding bron 3: Creator:Jan van Eyck, Wikimedia Commons (Publiek domein)

Reageer op het artikel "Houten steltsandalen in de geschiedenis"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Ik ga akkoord met de privacyverklaring en ben bekend met de inhoud hiervan
Infoteur: Vuurvlieg
Laatste update: 22-09-2016
Rubriek: Kunst en Cultuur
Subrubriek: Geschiedenis
Bronnen en referenties: 11
Schrijf mee!