De wederopbouw van Nederland na 1945

De wederopbouw van Nederland na 1945 Na de bevrijding moest Nederland weer opgebouwd worden. De nood was hoog: 20% van de huizen was beschadigd, ongeveer 375.000 hectare landbouwgrond stond onder water, bruggen waren vernield en machines en transportmiddelen waren door de bezetter afgevoerd naar Duitsland. De havens van Amsterdam en Rotterdam waren grotendeels verwoest en nog slechts een derde deel van het spoorwegnet was te gebruiken. De totale oorlogsschade bedroeg 25 miljard gulden. Mede door de Marshallhulp kwam ons land er weer bovenop.

Hongersnood

In de eerste week na de bevrijding nam de regering-Schermerhorn direct de voedselvoorziening ter hand. In het westen van het land heerste ernstige hongersnood. De calorie-inname van de bevolking was gedaald tot slechts 340 calorieën per persoon per dag, terwijl 2000 calorieën dagelijks nodig zijn. In februari was er vanuit Zweden per schip meel aangevoerd. Daarvan werd het beroemde Zweedse wittebrood gebakken. Naast brood kreeg iedereen boven de vier jaar een klein pakje Zweedse margarine. Daarna was er geen voedselhulp uit het buitenland meer geweest tot de geallieerden op 28 april met voedseldroppings boven West-Nederland begonnen. Naar schatting 20.000 tot 25.000 mensen zijn tijdens de Hongerwinter overleden.

In het bevrijde zuiden van Nederland waren al in 1944 maatregelen genomen om het hongerlijdende westen te helpen. Er was een hulpverleningscommissie gevormd, het Commissariaat Noodvoorziening, dat voedseldepots oprichtte in Oss, ’s-Hertogenbosch en Nijmegen, en de bevolking vroeg om levensmiddelen, kleding, schoenen en huisraad in te leveren. Al deze goederen lagen te wachten tot ook het noorden van Nederland bevrijd was. Na de capitulatie zorgde het Commissariaat voor transport met binnenschepen naar de steden in het westen. De eerste week was het voedsel gratis, daarna moest het betaald worden. Rode Kruismedewerkers reisden mee om medische hulp te verlenen. Nadat eind mei weer steenkool uit Limburg was aangevoerd, heropende het Commissariaat de gaarkeukens in de grote steden.

Nood in Limburg

Bij alle hulp die richting het westen ging, vergat de regering het noodlijdende noorden en midden van Limburg. Daar was vanaf september 1944 zwaar gevochten en de bewoners waren geëvacueerd. Bij terugkeer ontdekten ze dat de meeste huizen onbewoonbaar waren en hun huisraad verdwenen was. Wat er vanaf april 1945 geproduceerd werd aan textiel, schoenen en huishoudelijke artikelen, kochten de rijksbureaus voor handel en nijverheid op voor hulp aan West-Nederland. Daardoor had de bevolking niets meer. Mensen liepen op blote voeten, sliepen op stro en deelden met hun buren één pan om eten te koken.

Toen de regering op de hoogte gebracht werd van de situatie in Limburg veranderde zij direct de naam en taak van het Commissariaat Noodvoorziening in Commissariaat voor de Noodvoorziening der Geteisterde Gebieden. Dat waren naast Limburg ook delen van Noord-Brabant, Gelderland en Zeeland.

Geldzuivering

Een andere belangrijke maatregel was de geldzuivering. Omdat er veel geld in omloop was, en omdat de hoeveelheid geld niet in verhouding stond tot de hoeveelheid goederen, besloot de overheid tot geldzuivering. Op dinsdag 26 september 1945 kreeg iedere Nederlander die een distributiestamkaart bezat een nieuw bankbiljet van tien gulden tegen inlevering van een oud biljet. Met dit tientje moest men de week door zien te komen. Aan het einde van de week werd het loon uitbetaald, in nieuw geld. Oude bankbiljetten moesten ingeleverd worden en de waarde ervan werd bijgeschreven op een bankrekening. Zo verdween langzaamaan het oude geld uit de circulatie.

Woningnood

Tijdens de oorlog waren 90.000 huizen verwoest en 50.000 zwaar beschadigd. Sinds 1942 bestond er een bouwstop, omdat de Duitsers al het beschikbare bouwmateriaal wilden gebruiken voor de aanleg van de Atlantikwall. Daardoor ontstond ernstige woningnood die ruim 20 jaar zou aanhouden. Nieuwbouw stond bij de overheid niet voorop. Eerst waren de beschadigde fabrieken en de infrastructuur aan de beurt. Ruim 900 verkeersbruggen en 220 spoorbruggen waren vernield. Twee derde van het spoorwegnet kon niet meer gebruikt worden en de meeste treinstellen stonden in Duitsland. Het herstel van de bruggen duurde lang, soms meer dan een jaar. NS begon met het opknappen en moderniseren van het spoorwegnet en de aankoop van treinstellen.

In de eerste jaren na de oorlog werden daarom slechts 9200 huizen opgeleverd. In de drie jaren die volgden kwamen er 47.300 bij. Voor jonge stellen zat er vaak niets anders op dan bij hun ouders in te trekken na hun huwelijk en genoeg punten te verzamelen om in aanmerking te komen voor een nieuwbouwwoning. Pas vanaf 1963 trok de bouw aan: jaarlijks kwamen er 100.000 nieuwe huizen bij, niet alleen eengezinswoningen maar vooral ook flats, zodat het eenvoudiger werd om een huis te kopen of te huren.

Havens

Niet alleen huizen waren verwoest of beschadigd, maar ook fabrieken, ziekenhuizen, scholen en kerken. Voor de herbouw was veel materiaal nodig. De regering kocht goederen in het buitenland, onder meer in Amerika en Canada. Deze werden geleverd op afbetaling.

Tijdens de oorlog waren de havens van Amsterdam en Rotterdam vernield door bombardementen. De bezetter had haveninstallaties naar Duitsland versleept en in de havens schepen tot zinken gebracht. In de Noordzee, de Nieuwe Waterweg en het Noordzeekanaal lagen mijnen die eerst opgeruimd moesten worden. Het zou tot 1947 duren voor de havens weer in gebruik genomen konden worden.

Marshallhulp

In dat jaar dreigde de wederopbouw te stagneren. De voorafgaande winter was erg streng geweest, waardoor er gebrek aan steenkolen was ontstaan. De zomer van 1947 was erg warm en het graan in Europa verbrandde. Amerika besloot Europa te hulp te komen en ontwierp het Marshall-plan: de levering van geld, goederen, grondstoffen en levensmiddelen aan noodlijdende landen. De economieën van West-Europa kwamen daardoor tot bloei en de Amerikanen konden hun producten naar Europa blijven exporteren. Dat was niet de enige reden voor de VS om hulp te verlenen. De Amerikanen waren bang voor de invloed van het communisme en wilden dat West-Europese landen zouden gaan samenwerken om het communisme te weren.

Tot 1951 kreeg Nederland in totaal één miljard dollar, ongeveer 109 dollar per hoofd van de bevolking. De Amerikaanse hulp bevorderde de opbouw van de economieën van West-Europese landen en gaf de stoot tot Europese samenwerking.
© 2019 - 2024 Mh1903, het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming is vermenigvuldiging verboden. Per 2021 gaat InfoNu verder als archief, artikelen worden nog maar beperkt geactualiseerd.
Gerelateerde artikelen
De commerciële omroepenDe commerciële omroepenIn Nederland kennen we publieke omroepen, commerciële omroepen, lokale en regionale omroepen. Commerciële omroepen zijn…
Het communisme van Mao: de Volksrepubliek ChinaChina is nu een communistisch land. Maar dat is niet altijd zo geweest. Mao maakte van China een heel ander land, dan da…
Het uitvoeren van civiele taken door militairen op missieHet uitvoeren van civiele taken door militairen op missieMet de nadruk op wederopbouw bij het inzetten van militaire macht, is het voor defensie belangrijker geworden om samenwe…
Communistisch Boedapest: Het beeldenpark (Mementopark)Een van de bijzondere bezienswaardigheden in Boedapest is het beeldenpark (Mementopark). In het park zijn de belangrijks…

Mioceen: een koudere periode in de geschiedenis van de aardeMioceen: een koudere periode in de geschiedenis van de aardeHet mioceen is een periode van 23 miljoen jaar geleden tot 5,333 jaar geleden. In die periode vormden zich de Alpen, Pyr…
De bouw van de AtlantikwallDe bouw van de AtlantikwallVanaf 1942 tot 1945 bouwden de Duitsers aan de Atlantikwall, een verdedigingslinie vanaf Noorwegen langs de kust naar de…
Bronnen en referenties
  • Inleidingsfoto: Kryn Taconis Anefo, Wikimedia Commons (CC0)
  • Woningnood – Andere Tijden, 29-07-2019, https://anderetijden.nl/aflevering/204/Woningnood
  • Kromhout, B., De wederopbouw van Nederland, 29-07-2019, https://www.historischnieuwsblad.nl/nl/artikel/6934/de-wederopbouw-van-nederland.html
  • Jong, L. de, Het Koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog, deel 12, Den Haag, 1988.
Mh1903 (118 artikelen)
Gepubliceerd: 01-08-2019
Rubriek: Kunst en Cultuur
Subrubriek: Geschiedenis
Bronnen en referenties: 4
Per 2021 gaat InfoNu verder als archief. Het grote aanbod van artikelen blijft beschikbaar maar er worden geen nieuwe artikelen meer gepubliceerd en nog maar beperkt geactualiseerd, daardoor kunnen artikelen op bepaalde punten verouderd zijn. Reacties plaatsen bij artikelen is niet meer mogelijk.