InfoNu.nl > Kunst en Cultuur > Taal > De meest gestelde vraag aan schrijvers

De meest gestelde vraag aan schrijvers

De meest gestelde vraag aan schrijvers Het is waarschijnlijk de vraag die het meest aan schrijvers gesteld wordt: Waar haalt u uw ideeën vandaan? Volgens Cassandra Clare, schrijfster van onder andere 'Stad van Beenderen', is het zelfs de vraag die iedere schrijver haat, omdat hij zo moeilijk te beantwoorden is. Er is namelijk geen magische formule om ideeën te krijgen. Maar er zijn wel een paar hulpmiddelen.

Waar halen schrijvers hun ideeën vandaan?

Er is geen ideeënwinkeltje aan het Achterom, een geheime club waar ideeen van onder de toonbank worden verkocht of een website waarop schrijvers een abonnement kunnen nemen. Als je echter het gevoel hebt, dat je niet genoeg ideeën krijgt, biedt het misschien enige troost om te weten dat veel schrijvers verrassend eenduidig zijn in hun antwoord, want waar komen de ideeën vandaan? Overal!

Voor thrillerschrijver David Baldacci is dat wel heel letterlijk. Hij is niet bang dat hij op een gegeven moment geen ideeën meer zal hebben, omdat alles wat hij mee maakt in zijn leven en tijdens zijn reizen, zelfs een interview met een journalist, hem op ideeën kan brengen.

Twee andere beroemde thrillerschrijvers, Frederick Forsythe en Tom Clancy, halen ze juist meer uit de actualiteit en dan met name uit gecombineerd met hun kennis van geheime diensten.

Te veel ideeën

Veelschrijver James Patterson heeft zoveel ideeën dat hij vaak met andere schrijvers samenwerkt. Hij ontwikkelt de plot en de andere schrijver werkt het uit. Zo heeft hij al samengewerkt met een groot aantal bekende en minder bekende schrijvers en schrijfsters, waaronder de beroemde Zweedse thrillerschrijfster Liza Marklund en Gabrielle Charbonnet (beter bekend onder haar pseudoniem Cate Tiernan). Pattersons ‘probleem’ is er een waar veel (toekomstige) schrijvers (m/v) jaloers op zijn, maar het komt blijkbaar vaak genoeg voor, want het heeft zelfs een naam gekregen: “Too Many Ideas Syndrome” (Te-Veel-Ideeën- Syndroom). Maar daarover meer in het artikel Negen manieren om het Te-Veel-Ideeën-Syndroom te overwinnen.

Inspiratie uit andere kunst

Er zijn veel mogelijkheden om je te laten inspireren door andere kunstvormen zonder plagiaat te plegen.

Karen Miller, schrijfster van onder andere De Onschuldige Magiër, ziet soms de omslag van een tijdschrift met een eigenzinnige afbeelding die haar op een idee brengt of een muziektekst die haar aan een personage of een plaats doet denken. Een stukje van een opgevangen gesprek kan ook al genoeg zijn.

Ook sciencefictionschrijver Ray Bradbury haalt zijn inspiratie uit andere kunstuitingen, maar neemt dat wat ruimer. “Als je jezelf volstouwt met gedichten, essays, toneelstukken, verhalen, romans, films, stripverhalen, tijdschriften en muziek,” zegt hij, “dan wordt je elke ochtend wakker met een explosie van ideeën. Ik word iedere ochtend wakker met rondspringende stemmen. Dan spring ik snel uit bed om ze vast te leggen, voordat ze ontsnappen.”

Ergens uit de ether

Toch is het niet voor alle schrijvers zo duidelijk. Jeugdboekenschrijfster Mary Hoffman heeft geen enkel probleem met ideeën. Volgens haar is dat wat haar een schrijfster maakt. Ze heeft massa’s ideeën voor allerlei soorten boeken en projecten. “Het moeilijke is om er boeken van te maken die mensen willen publiceren en lezen. Maar ik weet niet waar de ideeën vandaan komen; het is waarschijnlijk een soort magie.”

De beroemde horror- en thrillerschrijver Stephen King denkt daar weer heel anders over.

“Ik heb nooit het gevoel gehad dat ik iets aan het creeren was,” zegt hij in het Amerikaanse tijdschrift Writer’s Digest, “Voor mij voelt het alsof ik door een woestijn loop. Ineens zie ik een schoorsteen door de grond omhoog steken. Ik weet dat er een huis onder zit en ik ben er vrij zeker van dat ik het kan opgraven, als ik dat wil. Zo voel ik het. Het is alsof de verhalen er al zijn. Ik word ervoor betaald om die sprong in het diepe te nemen, die zegt: Als ik ervoor ga zitten, komt er een goed verhaal uit."

Ideeën uit kranten, tijdschriften en (non-)fictie samenvoegen

Veel schrijvers, waaronder de schepster van Inspecteur Lynley, Elizabeth George, zeggen inspiratie te halen uit kleine krantenberichten. Een combinatie van twee van die artikeltjes kunnen iets extra’s aan een verhaal geven. Je kunt bijvoorbeeld de genoemde personen samenvoegen tot een personage of tot een echtpaar. Je kunt zo’n berichtje gebruiken voor de hoofdverhaallijn of voor een subplot. Mary Higgins Clarke schreef een zeer populaire serie over een wat oudere dame die de hoofdprijs wint in een loterij, op zich niet zo’n bijzonder krantenbericht, maar in dit geval betekent het ook gelijk het startschot voor een ‘carrière’ als incidentele detective.

Je kunt ook het korte verhaaltje uit een TV-gids nemen van een film of TV-serie die je niet kent of zelfs van een documentaire, en daarop voortborduren. Twee regels kunnen al voldoende zijn. Je kunt het geslacht en/of de leeftijd van de hoofdpersoon veranderen. Je kunt alles aanpassen, als het voor jou daarmee een interessant verhaal wordt. Klassiekers, Shakespeare en mythen zijn ook bekende voorbeelden die vaak als basis voor moderne fictie worden gebruikt en ook hier kun je weer naar hartenlust combineren. Gebeurtenissen uit de geschiedenis gezien vanuit het gezichtspunt van iemand die er zijdelings bij betrokken is geweest of een fictieve persoon, bieden ook veel mogelijkheden. Door er een twist in aan te brengen krijg je een heel andere genre verhalen, zoals sciencefiction of fantasy. “Wat als Hitler de Tweede Wereldoorlog had gewonnen, vroeg Robert Harris zich af en schreef Vaderland.

Cate Tiernan, schrijfster van onder andere de Wicca-serie, die overigens vaak over haar verhalen nadenkt terwijl ze met huishoudelijke karweitjes bezig is, zegt: “Ideeën, beelden, conversaties en emoties komen bij me binnen als stukjes klei. Ik kneed ze allemaal samen en probeer er een pot van te bakken. En die kleine schrijfmetafoor verklaart waarom ik niet overal seminars ‘creatief schrijven’ aan het geven ben. Ik zou niet weten hoe ik het moet onderwijzen, ik kan het niet eens goed uitleggen. Ik weet alleen hoe ik het moet doen.”

Wat als?

Colin R. Carsons, schrijver van The Wizard’s Kingdom trilogie, ziet het nog iets ruimer. Hij houdt ervan om dingen die onmogelijk zijn, als uitgangspunt te nemen.

Door jezelf de vragen “Wat als…?” en daarna “Wat dan…?” te stellen, zoals eerder genoemde Robert Harris, kun je op allerlei soorten verhaalideeën komen. Het hoeft geen sciencefiction te zijn. Een thriller of een romantische verhaal kunnen bijvoorbeeld ook. “Wat als iemand die ziek is geworden door het roken van sigaretten, de tabaksindustrie voor het gerecht daagt?” dacht John Grisham en schreef In het geding. “Wat als twee jonge mensen elkaar op een bepaalde dag, bijvoorbeeld de dag van hun afstuderen, ontmoeten? Hoe ziet hun leven er op diezelfde dag een jaar later uit, en weer een jaar later, enzovoort?” vroeg David Nicholls zich af en schreef De eerste dag.

Nieuwe ideen, een probleem?

Niet alle ideeën zijn echter direct goed bruikbaar. Teresa R. Funke, schrijfster van historische jeugdboeken, vindt het bedenken van ideeën waar ze echt iets mee kan, een van de moeilijkste dingen van het schrijven. “Soms komen de ideeën helemaal niet,” zegt ze, “Andere keren begin ik te werken aan een verhaal of artikel en kom ik erachter dat mijn idee niet krachtig genoeg is om het geheel te dragen. Dat vind ik erg frustrerend. Zelfs na al die jaren denk ik nog dat het krijgen van goede ideeën makkelijk zou moeten zijn, maar dat is het niet. Dus zoek ik inspiratie buiten mijn hoofd. Ik krijg ideeën vanuit kranten of boeken die ik lees of verhalen die iemand me verteld heeft over bepaalde gebeurtenissen in de geschiedenis en dan probeer ik er een idee van te maken dat helemaal van mij is.” Sommige schrijvers zijn zelfs bang om helemaal zonder ideeën te komen zitten. In een interview gaf gerenommeerd schrijfster Renate Dorresteijn toe: “Het is elke keer weer afwachten of zich een nieuw idee aandient. Ik ben zo gewend met iets groots rond te lopen dat het heel angstig en leeg voelt als er niets meer voor in de plaats komt. Als ik met een boek bezig ben, kan ik alleen maar daarmee bezig zijn. Ik sta dan niet open voor andere input. Pas als het boek klaar is, gaat de radar weer aan en vang ik weer iets nieuws op. Een krantenberichtje van acht regels kan mij inspireren tot een boek van driehonderd bladzijden. Ooit heb ik een jaar drooggestaan, toen viel mijn innerlijk oog niets op waar ik iets mee kon. Ik hoop dat nooit mee te maken.” Daarin staat ze niet alleen. Peg Bracken verwoordt het als volgt: “Ieder idee is mijn laatste. Ik ben er zeker van. Dus probeer ik altijd het beste te maken van het idee dat ik krijg en daar houdt mijn verantwoordelijkheid op. Maar ik blijf niet wachten tot een idee zich aandient. Ik ga ernaar op zoek. Voortdurend. En als ik de ideeën die ik vind niet gebruik, zullen ze niet meer komen.” Picasso zou het waarschijnlijk met haar eens zijn. Een citaat dat aan hem wordt toegeschreven is: “Inspiratie bestaat, maar ze moet wel merken dat je werkt.” Andy Rooney kijkt er veel zakelijker tegenaan, want hij stelt zonder omhaal: “Mijn advies is om niet te gaan zitten wachten tot een idee toeslaat. Als je een schrijver bent, ga je zitten en besluit je om verdorie een idee te hebben. Dat is de manier om een idee te krijgen.”

Je leven als inspiratiebron

Voor Michael Morpurgo is het een voorwaarde dat hij een vol en gevarieerd leven leidt en dat hij zijn ‘antenne’ voortdurend aan heeft staan.

Nathalie Goldberg, schrijfster van onder andere Schrijven vanuit je hart (vertaling van Writing Down The Bones) zegt: “Als schrijvers leven we ons leven twee keer, als een koe die zijn voedsel eet en het dan herkauwt om het opnieuw te verteren. We hebben een tweede kans om ons vast te bijten in onze ervaringen en ze te bestuderen (…). Dit is ons leven en het duurt niet eeuwig. Er is geen tijd om te blijven praten over dat je ooit dat verhaal of gedicht of die roman gaat schrijven. Neem nu gas terug, laat je raken door je omgeving en zet, vanuit liefde en empathie voor ieder moment en detail, de pen op het papier en begin te schrijven." Ook Frank McCourt haalt zijn ideeën uit zijn leven. “Ga zitten en wees stil. Geef toe aan een herinnering en dan komen de details vanzelf boven. Laat de beelden stromen. Je zult verbaasd staan wat er op papier verschijnt. Ik ben nog steeds aan het leren wat het is dat ik over het verleden wil schrijven. Ik maak me er geen zorgen over. Het zal vanzelf tevoorschijn komen. Het zal aandringen om opgeschreven te worden.” Louise Doughty die een jaar lang een column in een Engelse krant schreef met de titel A Novel in a Year vindt dat het geen kwaad kan om autobiografische verhalen te schrijven als je maar beseft dat je ze intensief moet herschrijven. Je moet accepteren dat, als je je eigen geheimen en verhalen ‘opgraaft’ om verhalen te schrijven, deze slechts een beginpunt kunnen zijn. Je eigen leven is het erts dat je uit de mijn wint en smelt om ijzer van te maken.”

Het schrijven kan beginnen

Voor de beginnende en worstelende schrijver is de boodschap duidelijk. Het kan geen kwaad om te horen en te lezen wat andere schrijvers doen. Iedere schrijver heeft echter zijn eigen gewoontes en methodes. Je kunt alleen doen wat het beste bij jou en jouw leven past. En de ideeën? Ze zijn overal te vinden. Sta ervoor open. Of het nu is tijdens een gemakkelijk klusje, tijdens een wandeling of achter een bureau met een blanco vel papier of leeg beeldscherm. Maak ruimte in je leven en geef je geest rust en tijd om te ‘spelen’ om de ideeën te laten binnenstromen. Denk aan wat schrijfster Justine Larbalestier zei: “Ideeën zijn niet het moeilijkste onderdeel, maar jezelf ertoe zetten om te gaan zitten en schrijven wel.” Ideeën vormen pas het begin.
© 2011 - 2019 Valicia, het auteursrecht (tenzij anders vermeld) van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
recensieSchrijfboek: Stephen King – Over leven en schrijven`Over leven en schrijven' is het schrijfboek van Stephen King. In dit boek geeft hij tips voor mensen die ook graag boek…
recensieDe zeven zonden van Poema Pocket (Gemakzucht)De zeven zonden is een unieke serie van uitgeverij Luithing Sijthof. De hoofdzonden zijn bekend uit de Katholieke kerk,…
recensieBoekrecensie: De vervloeking - Stephen KingDe vervloeking is een roman van Stephen King uit 1985 over de wraak van een zigeuner. Oorspronkelijk werd de roman uitge…
De horror van Stephen KingDe horror van Stephen KingHorror, je vindt het prachtig of helemaal niets. Zo gaat het meestal en dus ook met schrijver Stephen King. Wie is die m…
De Donkere Toren door Stephen KingDe reis naar de Donkere Toren De donkere toren wordt beschreven in zeven boeken. Stephen King neemt u mee op reis met Ro…
Bronnen en referenties
  • www.writersdigest.com
  • www.nl.bol.com

Reageer op het artikel "De meest gestelde vraag aan schrijvers"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Ik ga akkoord met de privacyverklaring en ben bekend met de inhoud hiervan
Infoteur: Valicia
Gepubliceerd: 20-06-2011
Rubriek: Kunst en Cultuur
Subrubriek: Taal
Bronnen en referenties: 2
Schrijf mee!