Geschiedenis en Julius Caesar

Oorsprong van onze beschaving: Het Romeinse keizerrijk

Oorsprong van onze beschaving: Het Romeinse keizerrijk

Toen het Romeinse rijk in de eerste eeuw v. Chr. uitgebreid was met de gebieden in het oostelijk Middellandse Zeegebied en Julius Caesar Gallië in West-Europa had veroverd, bleek het republikeins stelsel niet meer te handhaven. Uiteindelijk trok Augustus de macht naar zich toe en werd de eerste keizer van een reeks in de eerste twee eeuwen van onze jaartelling, die als Pax Romana bekend staat: een politiek-maatschappelijk rustige en economisch bloeiende periode van het Romeinse rijk.


De overgang van republiek naar keizerrijk

Tegen 45 v. Chr. was Julius Caesar evenzeer dictator zoals Sulla daarvóór was geweest. Caesar werd door zijn tijdgenoten beschreven als een 'bewonderaar van Alexander de Grote'. Evenals Alexander werd hij verantwoordelijk voor het bestuur van enorme gebieden. En, evenals Alexander, leefde hij niet lang genoeg om zich aan deze taak te kunnen wijden. Hij begon aan landbouwkundige hervormingen, liet Carthago (Noord-Afrika) en Korinte (Griekenland) weer opbouwen, en stelde een kalender in gebaseerd op de berekeningen van Egyptische astronomen. Hij was echter nog bezig andere programma's te ontwikkelen, toen zijn vijanden hem in het senaatsgebouw neerstaken op 15 maart van het jaar 44 v. Chr. In de verwarring die op zijn dood volgde, wist één van zijn officieren, Marcus Antonius, de steun van het volk te krijgen. Daarentegen probeerde Octavianus, Caesars achterneef, geadopteerde zoon en erfgenaam, consul te worden met hulp van de Senaat. Toen werd in 43 v. Chr. het tweede driemanschap (triumviraat) gevormd door Antonius, Octavianus en Lepides (gouverneur van o.a. Spanje).

Augustus legt grondslag voor keizerrijk

Het driemanschap werkte enige tijd samen. Deze samenwerking bleek echter niet bestand tegen ernstige provocaties, zoals
Octavianus of Augustus ('de verhevene')
Octavianus of Augustus ('de verhevene')
toen Marcus Antonius zich het recht toeëigende Romeinse provincies te schenken aan Cleopatra, de koningin van Egypte, met wie hij een verhouding had. Dit liep uit op een oorlog die de dood van zowel Antonius als Cleopatra tot gevolg had. Omstreeks 27 v. Chr. had Octavianus zich gevestigd als imperator (opperbevelhebber van het leger). De meeste Romeinen verwelkomden de stabiliteit van zijn autocratisch bewind, na jaren van burgeroorlog en intriges. Octavianus verkondigde zijn plan 'de republiek te herstellen', zodra de toestand dit mogelijk zou maken. Inmiddels noemde hij zich princeps ('voornaamste burger'). Octavianus, door de Senaat van de titel Augustus ('verhevene') voorzien, kwam zijn belofte nooit na. De Senaat benoemde nog altijd gouverneurs voor sommige provincies, maar niet voor die provincies waar de legioenen nodig waren om de vrede te bewaren. Als opperbevelhebber van het leger had Augustus deze gebieden onder zijn beheer, en in feite had hij de Senaat eveneens in zijn macht. Met deze onbeperkte macht kon hij heel wat tot stand brengen. Feitelijk was Augustus de eerste keizer. Zijn bekwaamheid als bestuurder was opgewassen tegen de reusachtige taak om Rome, dat jarenlang door burgeroorlogen was geteisterd, weer respect voor de wet bij te brengen en het provinciale bestuur te organiseren. Hij nam het wijze besluit om de Rijn en de Donau als grenzen aan te geven voor zijn rijk in Europa en op de Balkan. Toen hij in 14 na Chr. stierf liet hij zijn opvolgers een gecompliceerd regeringsstelsel na, maar wel één waarmee gewerkt kon worden.

Pax Romana

Om burgeroorlogen en opstanden in vreemde gebieden te voorkomen, stond de Senaat de stiefzoon van Augustus, Tiberius toe de titels van zijn stiefvader te erven, waarmee de basis voor het erfelijk keizerschap in de komende
Het Romeinse rijk ± 60 na Chr.
Het Romeinse rijk ± 60 na Chr.
jaren gelegd was. (De titel 'caesar' werd door de Romeinen uitgesproken als 'kaisar', waarvan later 'keizer' en 'tsaar' zijn afgeleid). Van de caesars of keizers waren Tiberius en Claudius bekwame leiders. Berucht waren Caligula en Nero. Na het wrede, nalatige en gevaarlijke bewind van Nero (als laatste erfelijk familielid van Julius Caesar) en de moord op de impopulaire Domitianus, was Rome rond het jaar 100 klaar voor wat het 'de goede keizers' noemde. Deze volgden elkaar niet als erfgenamen op, maar werden vóór een keizer stierf, gekozen als opvolger. In 161 na Chr. kwam één van de laatste 'goede keizers', Marcus Aurelius op de troon. Toen hij stierf tijdens een veldtocht tegen Boheemse stammen, bij het huidige Wenen, werd hij opgevolgd door zijn zoon Commodus. Het recht tot erfopvolging werd dus weer hersteld. Een periode van twee eeuwen politieke en maatschappelijke stabiliteit, de zogenaamde Pax Romana ('Romeinse Vrede') was hiermee voorbij. Het waren betrekkelijk vredige jaren met een krachtig bestuur. Nadat de volstrekt onbekwame Commodus vermoord was, probeerden de legioenen hun eigen kandidaten als keizer te installeren. Later, toen het Romeinse rijk een wespennest van intriges op internationale schaal was geworden, zouden de Romeinen naar deze periode van voorspoed terug verlangen.

Het dagelijks leven in het Romeinse rijk

Huizenbouw naar Grieks voorbeeld
Door de opgravingen van Pompeji, een stad die in 79 na Chr. na een uitbarsting van de Vesuvius onder de as begraven werd, hebben wij een beeld gekregen van het dagelijks leven in het Romeinse rijk. Onder de verstikkende aslaag bleef alles intact, zodat zelfs muurschilderingen nog fris lijken. Pompeji was ook een populair buitenverblijf van rijke Romeinen die er grote, comfortabele villa's hadden. Ze werden gebouwd volgens de Griekse tradities met een atrium of binnenhof. Veel schilderingen op de muren waren illustraties van oude Griekse verhalen. De vloeren waren bijna altijd met kleurige mozaïeken ingelegd. De muren waren vaak versierd met voorstellingen in pleisterwerk. De huizen van de welgestelden hadden meestal marmeren vloeren.

Antieke bouwwerken in Rome
Het beeld van een georganiseerde maatschappij dat Pompeji oproept wordt ook bevestigd door de ruïnes van het Forum
Pantheon - Piazza della Rotonda, Rome
Pantheon - Piazza della Rotonda, Rome
, het Colosseum, het Pantheon en ander antieke bouwwerken in Rome. In het Colosseum, een amfitheater dat in 80 na Chr. gebouwd werd, vermaakte het publiek zich met het kijken naar de gevechten op leven en dood tussen gladiatoren of tussen mensen en dieren. De keizers verhoogden hun populariteit door voor veel vermaak te zorgen, zoals de Romeinse leiders altijd al hadden gedaan. Het Circus Maximus bijvoorbeeld, dat naar schatting plaats aan 250.000 personen zou hebben geboden, moet gebouwd zijn omstreeks 600 v. Chr., maar het eigenlijke bouwwerk dateert van veel later. Romes best bewaarde bouwwerk uit de oudheid is het Pantheon. Deze aan alle goden gewijde tempel, gebouwd ± 125 na Chr., heeft een prachtige, halfronde koepel. Deze tempel combineert op artistieke wijze de machtige koepel, in het bouwen waarvan de Romeinse architecten zo geniaal waren, met de Griekse zuilen.

Dagelijks leven in Rome
Onder de keizers werd Rome een stad met ongeveer een miljoen inwoners, die bruiste van het drukke leven van een volk dat door de machthebbers beveiligd werd. De aquaducten, met een totale lengte van 420 km., voerden dagelijks 36.000.000 liter water naar de stad. (Foto inleiding: de vrij ongeschonden Pont du Gard bij Nîmes). De armen en werkelozen woonden soms in afschuwelijke sloppenwijken en kregen van tijd tot tijd gratis graan om ze ervan te weerhouden in opstand te komen. De oude patricische families leidden een luxe leven, zolang zij tenminste bij de keizer in de gunst stonden. Temidden van dit alles waren ambachts- en kooplieden druk bezig.

Bloeiende internationale handel
Het vervoer van goederen was veiliger dan ooit. Van Rome uit ging noord- en zuidwaarts een netwerk van wegen door heel West-Europa, dat de steden van het immense Romeinse rijk verbond met de drukke havensteden. De kooplieden, beschermd door de Romeinse legioenen en marine, hadden weinig te vrezen van piraten of rovers en maakten grote winsten met hun goederentransport. Ze brachten olie, wijn en wol van Italië naar Afrika en het Oosten, en namen specerijen uit Arabië, goud uit West-Afrika, graan uit Egypte en Noord-Afrika en zelfs zijde uit China mee terug. Het imperium werd rijk omdat er geen ruilhandel meer bedreven werd, maar handel tegen geld als betaalmiddel. De veilige manier van reizen in het Romeinse rijk maakte ook de tochten mogelijk van degenen die de boodschap van een nieuwe godsdienst wilden uitdragen. Er wordt beweerd dat, indien het Romeinse wegennet niet zo uitgebreid was geweest, het christendom zich mogelijk niet zó snel en zó ver verspreid had.
© 2008 - 2009 Staal, gepubliceerd in Geschiedenis (Kunst en Cultuur) op 19-11-2008. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Staal is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen


Reageer op het artikel "Oorsprong van onze beschaving: Het Romeinse keizerrijk"


Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.