InfoNu.nl > Kunst en Cultuur > Geschiedenis > De zorg voor ouderen in de Middeleeuwen

De zorg voor ouderen in de Middeleeuwen

Voor ouderen in de Middeleeuwen die niet meer konden te werken, bestonden er diverse vormen van zorg. Ze konden een beroep doen op hun kinderen, zich inkopen in een gasthuis of aankloppen bij het armbestuur van de kerk. In het uiterste geval kon men door bedelen proberen in zijn levensonderhoud te voorzien.

Lijfrentes

Om te voorkomen dat zij afhankelijk werden van hun kinderen of de plaatselijke armenzorg, probeerden mensen in de Middeleeuwen geld te sparen voor hun oude dag. Dat gebeurde door geld opzij te leggen of door het investeren in lijfrentes, die vanaf de dertiende eeuw door de stadsbesturen werden verstrekt. Lijfrentes werden elk jaar uitbetaald en gaven een rendement van tien procent.

Wie geen lijfrente had maar wel spaargeld, kon zich inkopen in een gasthuis. Gasthuizen waren in eerste instantie verbonden aan kloosters. Het waren gratis hotels die onderdak boden aan arme reizigers: mensen die op zoek waren naar werk, pelgrims, muzikanten en bedelaars. Vanaf het midden van de dertiende eeuw werden er ook in de steden gasthuizen geopend door kerken of stadsbesturen. Rijke inwoners bekostigden de gasthuizen die door stadsbesturen opgericht waren. Het gaf hun aanzien en zij hoopten op een beloning in het hiernamaals. Uiteraard waren zij ook bewogen door de nood van de naaste.

Zorg inkopen

De meeste gasthuizen namen in de loop van de tijd zorgtaken op zich, zoals de zorg voor zieken, gehandicapten, ouderen en wezen. Ouderen konden zich inkopen door hun geld of bezit af te staan. Zij waren dan voor de rest van hun leven verzekerd van voedsel en onderdak. Amsterdamse ouderen moesten voor hun inkoop 300 daglonen van een geschoolde arbeider neerleggen. Zij werden opgenomen als commensaal en dat hield in dat zij, net als de zieken, een bed op de zaal kregen en daar hun tijd moesten doorbrengen.

Wie meer geld bezat, kon als provenier toegelaten worden. In het Sint Pietersgasthuis in Amsterdam moest daarvoor een bedrag op tafel gelegd worden dat gelijk was aan 600 daglonen van een geschoolde arbeider. Vooral alleenstaande ouderen die niet meer voor zichzelf konden zorgen, kochten zich in als provenier. Zij kregen een eigen kamer of huisje.

Werken in ruil voor onderdak

Voor ouderen die geen geld of bezit hadden, maar nog wel konden werken, was opname in een gasthuis eveneens mogelijk. Zij verrichtten werk in ruil voor onderdak. Zo was Merten Roelofsz priester in het Amsterdamse Sint Pietersgasthuis en werkte Griet Claes in de brouwerij. Ouderen konden ook opgenomen worden in ruil voor hun rentebrieven. De gasthuizen ontvingen dan het bedrag dat jaarlijks uitgekeerd werd.

Vaak werd de inkoopsom op verschillende manieren voldaan. Zo betaalde Beatris oude Jacobs aan het Sint Pietersgasthuis in Amsterdam 48 gulden contant, bracht zij voor 6 gulden aan goederen mee en een rentebrief ter waarde van 10 gulden.

Onroerend goed

Door het afstaan van bezit, vaak een huis of een stuk grond, verwierven de gasthuizen heel wat onroerend goed. Het gasthuis van Rhenen bijvoorbeeld bezat in 1384 ‘twee stucken roglants buijten die stadt’ en een stuk land met de naam Blankenstuk. De hoeveelheid grond nam alleen maar toe. Uit een kaartenboek dat rond 1600 werd uitgegeven, bleek dat het gasthuis aanzienlijke bezittingen had.

Armenzorg

Armlastige ouderen die geen mogelijkheden hadden om zich in te kopen in een gasthuis konden een beroep doen op hun kinderen. Die waren vaak wel bereid hun ouders in huis te nemen, zeker als ze na hun dood hun huis of bedrijf zouden erven. Wie geen kinderen had of familie die voor hem zorgde, moest een beroep doen op de armenzorg. Armenzorg was in eerste instantie een taak van de kerk. De kerk coördineerde de zorg; de parochianen werden aangespoord de kerk van voldoende middelen te voorzien. Ouderen die niet door kerkelijke armbesturen geholpen werden, konden zich richten tot de stedelijk armbesturen of gebruik maken van de goedgeefsheid van de rijken.

Godskamers

De kerken voorzagen de armen van voedsel en kleding, betaalden de huishuur of regelden onderdak, bijvoorbeeld door armlastige ouderen op hun kosten op te laten nemen in een gasthuis. Ook particulieren waren actief op dit gebied. Zo mochten bejaarde vrouwen in Rhenen gratis wonen in de zogenaamde ‘Godskamers’ die rond de kapel van het gasthuis gebouwd waren. Een rijke inwoner van de stad betaalde de huur. Ook in andere plaatsen vond men deze woonruimten voor de armen. Tot het Sint Pietersgasthuis in Culemborg behoorden zes ‘huurcameren’ en mochten arme mensen ‘om godswille’ (gratis) wonen in een huis van De Armen Poth, een particuliere instelling. Vanuit dit huis werd ook voedsel, kleding en turf uitgedeeld aan de armen.

Vanaf de 13e eeuw stichtten particulieren ook hofjes in de steden. Die bestonden vaak uit dertien huisjes rond een besloten binnenterrein en waren bestemd voor behoeftige bejaarden. Het getal dertien symboliseerde Christus met zijn twaalf discipelen.

Armlastige ouderen die zich niet aan de regels van een gasthuis hielden of aan door de kerk opgestelde voorschriften restte niets anders dan door te bedelen in hun levensonderhoud te voorzien.
© 2015 - 2019 Mh1903, het auteursrecht (tenzij anders vermeld) van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
Gasthuis en ouderenzorg door de eeuwen heenGasthuis en ouderenzorg door de eeuwen heenEen gasthuis was een soort verpleeghuis voor zieken en gebrekkige bejaarden dat vanaf de middeleeuwen bestond. Gasthuize…
Geschiedenis van de verpleegkundeGeschiedenis van de verpleegkundeVerplegen gebeurde al bij de oudste cultuurvolkeren maar waarschijnlijk werden de verplegingshandelingen verricht door n…
Ouderenzorg, voorzieningen en veranderingenOp dit moment zijn er veel ouderen, maar het worden er alleen maar meer, door de vergrijzing. Waar gaat de ouderenzorg o…
De geschiedenis van SinterklaasDe geschiedenis van SinterklaasRond half november komt sinterklaas weer in Nederland. Maar wie is die sinterklaas en waarom vieren we sinterklaas?
Middeleeuwen in vogelvluchtMiddeleeuwen in vogelvluchtAlgemeen wordt onder de middeleeuwen de periode beschouwd van de achtste tot en met de veertiende eeuw. De vijftiende en…
Bronnen en referenties
  • Het Pietersgasthuis en armenzorg in Culemborg, 18-09-2015, http://www.mijngelderland.nl/files/verhalen_pdf/Het_Pietersgasthuis_en_armenzorg_in_Culemborg.pdf
  • Gezondheidszorg in Leiden in de late Middeleeuwen, 17-09-2015, https://books.google.nl/books?id=4gYUAgAAQBAJ&pg=PA72&lpg=PA72&dq=gasthuizen+middeleeuwen&source=bl&ots=TL1Tl1djmy&sig=0Setz-ZlQ-
  • Zuijderduijn, J. en G. Dekkers, Verzorgde oude dag. In: Historisch Nieuwsblad juli/augustus 2015, p. 72-79
  • Vredenberg, J. (eindred.), Geschiedenis van Rhenen, Utrecht, 2008

Reageer op het artikel "De zorg voor ouderen in de Middeleeuwen"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Ik ga akkoord met de privacyverklaring en ben bekend met de inhoud hiervan
Infoteur: Mh1903
Laatste update: 26-01-2017
Rubriek: Kunst en Cultuur
Subrubriek: Geschiedenis
Bronnen en referenties: 4
Schrijf mee!