Edvard Munch: een schreeuw die niet verstomt

Edvard Munch: een schreeuw die niet verstomt

De creativiteit van Edvard Munch (1863 – 1944) is een weerspiegeling van de gebeurtenissen in zijn leven en dient aanvankelijk als uitlaatklep voor depressieve en angstige gevoelens. Dat verklaart mede de geheimzinnige, angstaanjagende sfeer die van zijn vroege werk uitgaat. De kunstschilder plaveide het pad voor de Duitse expressionisten; zijn invloed op de Duitse schilderkunst is onmiskenbaar. Munch werd vooral bekend met De Schreeuw; de belangstelling voor zijn kunst is nooit meer verstomd.

Jeugd temidden van ziekte

Ziekte, waanzin en dood hielden als zwarte engelen aan mijn wieg de wacht en hebben mij mijn levenlang vergezeld’, zei Edvard Munch in zijn latere leven. Al bij zijn geboorte op 12 december 1863 in het Noorse Løten leed zijn moeder aan tuberculose. Munch’s vader was een zwaarmoedig en ziekelijk vroom, maar ook rechtschapen en sociaal bewogen man, die zeker om zijn kinderen gaf. Het gezin Munch werd door de ene na de andere rampspoed getroffen. Toen Edvard nog maar vijf jaar oud was, overleed zijn zieke moeder. Een van zijn zussen zou een paar jaar later ook aan de gevolgen van tbc sterven. Een andere zus was geestesziek en overleed eveneens op jonge leeftijd.

Ontwikkeling tot kunstenaar: afkeur van het publiek

Zelfportret
Zelfportret
In 1880 verliet Munch, na één jaar ingenieursstudie, de technische school. In 1881 zette hij zijn al eerder begonnen tekenlessen voort aan de Koninklijke Tekenschool in de hoofdstad Kristiania (tot 1925 de naam van Oslo). In de loop van dat jaar schildert hij zijn eerste zelfportret. Munch wordt geïnspireerd en begeleid door de naturalistische kunstschilder Christiaan Krogh en is serieus van plan kunstenaar te worden.

Op 22-jarige leeftijd brengt Munch een bezoek van drie weken aan Parijs, waardoor zijn werk impressionistische kenmerken gaat vertonen. Vlak erna schildert hij Het zieke kind (1885 – ‘86), waarover Munch verklaart dat hij er de doorbraak naar zichzelf mee maakt. Het werk kan gezien worden als een document, waarin de ziekte en het overlijden van zijn zuster Sophie, die op vijftienjarige leeftijd aan tuberculose overleed, zijn vastgelegd. De kunstenaar gebruikte een doorwerkte techniek: hele delen werden weggekrast en opnieuw overgeschilderd. Thematiek en techniek komen samen in dit werk, de beschadigde verflaag verleent het werk de extra dimensie van de dood. De werkwijze en het beeld zijn een vroege verwijzing naar het expressionisme. Het motief van Het Zieke kind zou nog vijf maal terugkeren in het werk van Munch. Ook de combinatie van experiment en expressie zou hij nog vaker toepassen.

Het publiek in de Noorse hoofdstad kon er geen enthousiasme voor opbrengen en kraakte het werk af; veel liever zag men het gebruikelijke, naar een model geschilderde werk. Dat bijval uitbleef, valt te vergoelijken; het grote publiek was eenvoudig niet aan een dergelijke weergave gewend. Men kende, naast de gebruikelijke portretten, enkel historiestukken, stillevens en liefelijke landschappen. Munch en zijn kunstvrienden, verenigd in de Kristiania-Bohème, waaronder ook veel schrijvers, zetten zich in Oslo af tegen deze burgerlijkheid. Ook in de liefde zit het Munch tegen: het meisje waarop hij hevig verliefd is, is hem ontrouw.

Op weg naar succes: Frankrijk en Duitsland

In 1889 heeft Munch zijn eerste solo-expositie in de Noorse hoofdstad met honderdtien werken, die deels enthousiast ontvangen worden. Hij wint een staatsbeurs (uiteindelijk zelfs tot drie maal toe) en vertrekt naar Parijs, waar hij in datzelfde jaar nog kennismaakt met werken van de symbolisten en van Toulouse-Lautrec, Gauguin en Van Gogh. Ook nu weer bestudeert hij de tentoongestelde schilderijen van de impressionisten, die inmiddels bij het grote publiek in de smaak beginnen te vallen. Vooral hun behandeling van het licht heeft zijn interesse.

Tijdens zijn verblijf in Parijs overlijdt Munch’s vader, iets wat hem diept raakt. Eenmaal terug in Noorwegen beklijft van de Parijse indrukken vooral het werk van de symbolisten, die de nadruk op hun lijnenspel leggen en daarbij dieptewerking achterwege laten. Met zijn stipendia reist Munch nog diverse malen naar Parijs en Frankrijk. Het is in Frankrijk dat de kunstenaar zijn idee voor een Levensfries ontwikkelt.

In 1892 gaat Munch in op een uitnodiging voor een expositie in Berlijn. De Berlijnse schilderkunst ligt dan nog mijlenver achter op die van het moderne Parijse moderne. Het werk van Munch roept dan ook veel weerstand op, en na een paar dagen wordt de tentoonstelling gesloten. Toch pikt de jonge generatie Berlijnse kunstenaars de boodschap ervan op. Munch blijft in Berlijn, hij waardeert het levendige karakter van de stad en het internationale gezelschap van kunstenaars en schrijvers. Hij zoekt aansluiting bij de kring rondom de Zweedse schrijver en schilder August Strindberg, in wie hij een zielsverwant herkent.

Grafisch werk, Noorse zomers

Vanaf 1893 volgen verschillende exposities in Scandinavië en grote Duitse steden, waaronder opnieuw Berlijn. In 1894 begint Munch in de Duitse hoofdstad met het maken van etsen en nog wat later met litho’s. In zijn grafische werk is Munch vernieuwend. Hij ziet in grafiek een manier om zijn werk – als reproductie – in grotere kring bekend te maken. Hij experimenteert veel met nieuwe technieken en combinaties van technieken en materialen, waarbij hij zijn vaste thema’s steeds een andere bewerking laat ondergaan. Zo kleurt hij zijn gedrukte grafisch werk met de hand in.

Vanaf 1896 komt daar in Parijs de houtsnede bij; als geen ander laat Munch de eigenschappen van het hout deel uitmaken van het ontwerp. Hij gebruikt bijvoorbeeld het minder gangbare dennenhout en laat de houtnerf en de zaagsnede het oppervlak verlevendigen. De kunstenaars van de kunstenaarsgroep ‘Die Brücke’ lieten zich hierdoor graag inspireren.
Ook maakt hij kleurenlitho’s en exposeert zijn werk in de Salon des Indépendants. Munch verzorgt illustraties bij het werk van de auteurs Ibsen en Baudelaire.

In 1896 – ‘97 koopt Munch een huis in Åsgårdstrand, een klein vissersdorpje bij de Oslofjord. De omgeving, waar hij al eerder de zomer doorbracht en waar hij tot rust komt, keert in verscheidene schilderijen terug. Het werk dat hij hier zomers schildert is veel vrolijker van kleur; het doet denken aan het werk van de Franse Fauvisten Matisse en Derain. Ondanks het lichtere kleurgebruik houdt zijn werk toch macabere trekjes. Wel wordt het alom gewaardeerd en dikwijls tentoongesteld, zowel in de Noorse hoofdstad als in Europese hoofdsteden.

Levensfries

De Schreeuw
De Schreeuw
Het idee van een Levensfries krijgt inmiddels steeds meer vorm; Munch schildert beelden die het totale leven weergeven. Spontaan, met losse penseelstreken en met een vereenvoudiging van het motief, geschilderd in grote vlakken, doen zijn schilderijen aan fresco’s denken.

Zeer eigen is ook Munch’s aanpak van het landschap, dat eigenlijk ook uitdrukking aan een innerlijke gemoedstoestand geeft. Het bekendste voorbeeld hiervan is De schreeuw (1893), dat hij vanuit zijn herinnering aan een Noorse zonsondergang schilderde. De kleuren van de zonsondergang schreeuwden, of zoals de kunstenaar zei ‘Ik voelde die grote schreeuw door de natuur’. Het lijnenspel in De schreeuw kan gezien worden als een voorloper van de Jugendstil. Het werk is expressief-symbolistisch, een geestelijke beleving die aansluit bij de stemming van het fin de siècle: angst en vertwijfeling, knellende seksualiteit en morbide stemmingen. Het is tevens een schreeuw uit onmacht, van een generatie die te maken heeft met een steeds complexer wordende realiteit.

Tot in 1900 werkt de kunstenaar verder aan zijn Levensfries, die uiteindelijk uit tweeëntwintig delen zal bestaan, waaronder naast De schreeuw ook Kus, Madonna en De dans des levens. Alle belangrijke levensthema’s zijn inmiddels uitgebeeld en zijn kunstcollega’s van de Berliner Sezession vragen hem zijn werk te exposeren. In 1902 vindt niet alleen de eerste expositie van de Levensfries plaats, maar doet Munch ook een dramatische poging zich los te maken van de vrouw in zijn leven. Het betreft de Noorse Tulla Larson, die hij in 1898 ontmoet heeft.

Een gevierd kunstenaar met bindingsangst

Belangrijkste thema’s in de Levensfries zijn de vrouw en de relatie tussen de seksen. Daarom neemt het schilderij De Dans des levens (1899 – 1900) ook een belangrijke, centrale plek in de cyclus in. In het midden een danspaar, waarbij de man eigenlijk Munch zelf is. Voor zijn danspartner in het rood en de vrouw links in het wit, de vrouw rechts in het zwart, stond slechts één vrouw model: de Noorse Tulla Larson. Behalve de relatie met Larson speelt ook een Engelse violiste, Eva Mudocci een rol in het leven van Munch.

Munch beschouwt vrouwen als een niet te nemen hindernis, als een belemmering in de uitoefening van zijn kunst. De rampspoed in zijn eigen familie is mede de oorzaak van zijn bindingsangst, waardoor hij vrouwen op afstand houdt. Hij doorgrondt hen nooit volledig en beeldt hen maar al te vaak af als vampier of ander ongrijpbaar, verraderlijk wezen. Het erotische element daarbij is een belangrijke tegenhanger van de dood: erotiek symboliseert levenskracht. De bewerkte litho Madonna uit 1896 is hier een duidelijk voorbeeld van. We zien een bijna onwerkelijk vrouwenportret, vergezeld van een embryo met doodshoofd en omlijst door spermatozoïden. Erotiek, levenskracht en dood komen komen in dit werk samen.

Munch is inmiddels een gevierd kunstenaar met een omvangrijk oeuvre van schilderijen en grafiek. Zijn talent wordt erkend door collega-kunstschilders uit diverse Europese landen, waarmee hij bevriend is en exposeert. In de jaren 1906-1907 maakt hij decorontwerpen voor theaterstukken van Ibsen in het Berlijnse Reinhardttheater en ook de Reinhardtfries in een zaal van dat theater. Nu wordt hij ook door kunstbeschermers- en liefhebbers gevraagd om portretten te schilderen, iets waar hij meer zelfvertrouwen aan ontleent. Daarnaast schildert hij ook zelfportretten.

Ondanks de kunstzinnige voorspoed gaat het geestelijk en lichamelijk minder goed; Munch is onder meer alcoholverslaafd, een workaholic en depressief. Lange tijd weet hij een noodlot als dat van Van Gogh te ontlopen, totdat de situatie in 1908 uiteindelijk ontspoort en Munch een klein jaar in een psychiatrische kliniek in Kopenhagen moet doorbrengen.

Vernieuwing en Noorwegen

De periode in de kliniek werkt – hoe vreemd het ook lijkt – bevrijdend. Munch schildert gewoon door, bevrijd van de demonen die hem eeuwig kwelden. Dan beseft hij ook dat hij, na de jarenlange omzwervingen door Europa, wil terugkeren naar zijn vaderland. Als hij daar in 1909 de opdracht wint om een wandschildering voor de hoofdstedelijke universiteit te maken is zijn besluit snel genomen. Zijn rol op het Europese kunsttoneel is daarmee allerminst uitgespeeld; Munch blijft internationaal met de grote namen uit zijn tijd exposeren.

In 1913 wordt zijn vijftigste verjaardag groots gevierd. In 1916 koopt de kunstenaar, na diverse Noorse omzwervingen, het in de nabijheid van de hoofdstad gelegen landgoed Ekely. Vanaf 1929 werkt Munch hier in een zelfgebouwd openluchtatelier, waar hij ook ’s winters doorschildert. Hij werkt bijna altijd in de openlucht en stelt zijn schilderijen bloot aan de elementen en de inwerking van het weer; ze moeten doorleefd zijn en net zo sterk als het leven. Hij noemt zijn methode de paardenkuur.
Hij schildert in zijn hernieuwde Noorse jaren zijn omgeving, de arbeiders die er wonen en werken en maakt veel nieuw werk, met fellere en lichtere kleuren. De afsnedes in zijn composities verraden de invloed van de fotografie, iets waarmee Munch experimenteert.

Ook zijn houding ten opzichte van vrouwen is veranderd, al wil hij nog altijd zijn leven niet met een vrouwelijke partner delen. Die verandering wordt zichtbaar in de afbeeldingen die hij van modellen maakt; zij worden niet langer als gevaarlijke vrouwen neergezet, maar eerder in intieme verstilling geschilderd.

Rondom te Tweede Wereldoorlog

Zelfportret tussen staande klok en bed
Zelfportret tussen staande klok en bed
Munch wordt in Duitsland als kunstenaar zeer gewaardeerd en geëerd. Ook vanuit zijn Noorse woonplaats blijft hij nauw betrokken bij het Duitse kunstleven. Zo koopt hij, om zijn Duitse collega’s tijdens de crisis te steunen, drieënzeventig grafische werken aan. In 1923 wordt hij benoemd tot lid van de Duitse Akademie der Künste, twee jaar later volgt zijn benoeming aan die van Beieren. In 1927 volgt een grote overzichtstentoonstelling in zowel Berlijn als in Oslo.

In de jaren ’30 krijgt Munch een grote opdracht voor het nieuwe Raadhuis van Oslo, maar vanwege oogproblemen moet hij het werken hieraan staken. Zijn zeventigste verjaardag wordt in 1933 door zijn landgenoten in triomf gevierd. In 1937 wordt zijn werk in Duitsland als entartet – ontaard – beschouwd en worden er 82 van zijn werken uit de Duitse musea verwijderd. Dan vallen de Duitsers in 1940 ook Noorwegen binnen; vanaf dat moment wil Munch niets van de Duitsers weten.

Onvermoeibaar blijft hij schilderen. Zijn laatste schilderij, een zelfportret, toont de kunstenaar als oude grijsaard, tussen de staande klok en zijn bed (1940 – '42). Enkele weken na zijn tachtigste verjaardag overlijdt Munch, op 23 januari 1944. Volgens zijn testament laat hij meer dan 1.000 schilderijen, 4.400 tekeningen en 15.000 bladen met gedrukt grafisch werk na aan de stad Oslo. Die stad bouwt daarom een Munch-museum dat in 1963, ter ere van Munch’s honderdste geboortedag, geopend wordt.

Munch in Nederland

Van 18 september 2010 t/m 20 februari 2011 presenteerde de Kunsthal Rotterdam voor het eerst in Nederland een overzichtstentoonstelling van Munch’s werk. Meer dan honderdvijftig schilderijen en werken op papier uit particuliere collecties boden een chronologisch overzicht van het oeuvre van deze Noorse schilder.
© 2010 - 2012 Sierkunst, gepubliceerd in Kunst (Kunst en Cultuur) op . Het auteursrecht van dit artikel en antwoorden op reacties ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.

Gerelateerde artikelen
De Schreeuw - Edvard Munch De Schreeuw is een schilderij dat eigenlijk iedereen wel kent. Maar wat is nu eigenlijk het ve…
Edvard Munch: het expressionisme Edvard Munch wordt veelal bewonderd vanwege zijn zeer intense en aangrijpende schilderij…
Een analyse van: De Schreeuw Het is altijd al een veelbesproken schilderij geweest: De Schreeuw van Edvard Munch. Op scho…
Entartete Kunst Tegenwoordig vinden wij het normaal dat je je in de kunst kunt uitdrukken zoals je zelf wilt. Of je nu ee…
Expressionisme 1905 - 1940 Het expressionisme is een stroming in vooral kunst en literatuur in Europa, vanaf 1905 tot 194…

Bronnen en referenties
  • Walter Urbanek: Der Tanz des Lebens, Seehamer Verlag 1998
  • Ulrich Bischoff: Munch, Taschen 2001

Reageer op het artikel "Edvard Munch: een schreeuw die niet verstomt"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Naam: E-mailadres: Meld mij aan voor de wekelijkse InfoNu nieuwsbrief. Reactie:
Infoteur: Sierkunst
Rubriek: Kunst en Cultuur
Subrubriek: Kunst
Bronnen en referenties: 2
Schrijf mee!