InfoNu.nl > Kunst en Cultuur > Mythologie > Odysseus en zijn terugreis naar Ithaka

Odysseus en zijn terugreis naar Ithaka

Op zijn terugreis van Troje naar zijn thuisland Ithaka had koning Odysseus het zwaar te voorduren, maar dankzij zijn listigheid, doorzettingsvermogen en de steun van de godin Athena, die een zwak voor hem had, overwon hij de tegenslagen waarmee hij te kampen kreeg. De gevaren die hij tegenkwam bevonden zich zowel op land als op zee. Odysseus was koning van het eiland Ithaka en was de enige zoon van Laërtes en Anticlea. Hij was een goede strijder, maar zijn grootste talent lag niet bij het hanteren van wapens. Odysseus stond bekend om zijn intelligentie en de manier waarop hij zich uit moeilijke situaties kon redden door gebruik te maken van zijn sluwheid. Dankzij Odysseus wonnen de Grieken de Trojaanse oorlog. Hij was de bedenker van het houten paard waarmee ze de stad binnen konden komen.

Circe

Circe was een dochter van de zonnegod Helios en de zeenimf Perse, en was dus zelf ook een nimf. Ze woonde op het eiland Aeäea, dat niet ver lag van het huidige Napels aan de Italiaanse kust. Circe was een beruchte tovenares die in een groot paleis woonde en mensen en dieren omtoverde in wolven en leeuwen. Toen Odysseus en zijn mannen op hun terugreis vanuit Troje bij het eiland aankwamen, nam Circe hen ook te grazen. Odysseus’ mannen veranderden in varkens en alleen Odysseus, die een speciaal kruid had gekregen van de god Hermes, was ongevoelig voor haar toverkracht. Odysseus bedreigde de tovenares met zijn zwaard, en Circe toverde de mannen weer terug in hun menselijke vorm, jonger en knapper dan ze waren. Odysseus en de mannen bleven een jaar lang bij de tovenares op het eiland wonen, waar ze genoten van luxe en overvloed. Odysseus was zelfs een affaire begonnen met de aantrekkelijke Circe. Hij wist echter dat hij weer verder moest gaan, en was gedwongen afscheid te nemen van de tovenares en het luxueuze leven op het eiland. Circe was niet blij dat Odysseus wegging en had hem liever bij zich gehouden, maar ze vertelde hem wel hoe hij zijn volgende missie, een bezoek aan het dodenrijk, moest uitvoeren.

Polyphemos

De cycloop Polyphemus was een zoon van de zeegod Poseidon en woonde op het eiland Sicilië. Hij was een herder en hield schapen vlak bij de grot waar hij leefde. Polyphemos was een onbehouwen wezen, maar besloot zich goed te gaan gedragen om de liefde van de zeenimf Galatea voor zich te winnen. Zij was echter niet gecharmeerd van de pogingen van Polyphemos om haar het hof te maken en was al verliefd op Acis, een zoon van de natuurgod Pan. Toen Galatea Polyphemos afwees nadat hij een serenade voor haar had gehouden, vergat de cycloop al zijn goede voornemens om zich beschaafd te gedragen en veranderde weer in de woesteling die hij vroeger geweest was. Hij vermoordde zelfs Acis, die daarna in een rivier veranderde. Polyphemus was dan ook niet erg gastvrij toen hij Odysseus en diens mannen op een dag bij zijn grot aantrof. Hij vroeg Odysseus om zijn naam, en Odysseus antwoordde met: ‘Ik ben Niemand.’ Vervolgens sloot Polyphemos hem en zijn mannen op in de grot, door er een grote rots voor te rollen. Elke dag besloot Polyphemos om een paar van Odysseus’ mannen op te eten. Odysseus beraamde echter een slim plannetje om hem en het aantal mannen die nog over waren te redden van het gruwelijke monster: hij bood de cycloop de zakken wijn aan die hij bij zich had. De naïeve Polyphemos nam de wijn dankbaar aan en dronk alles in één keer op, waardoor hij dronken werd en in een diepe slaap viel. Odysseus en zijn mannen hadden een paal in de grot gevonden en slepen hier een scherpe punt aan. Deze punt staken ze vervolgens hard in het oog van de slapende cycloop, die schreeuwend wakker werd. Woedend en blind riep Polyphemos de hulp van zijn familie in, maar toen zij vroegen wat er met hem aan de hand was, schreeuwde hij woedend: ‘Niemand heeft me verblindt!’ Geen van de cyclopen wist wat Polyphemos bedoelde met zijn woorden, dus vertrokken ze weer.

Odysseus zette hierna het tweede gedeelte van zijn plan in, want omdat de rots voor de ingang van het hol lag, konden ze nog niet weg. Oddyseus en de resterende mannen gingen onder de buiken van de schapen hangen en klampten zich vast aan de wol. Toen Polyphemos de volgende ochtend zijn schapen naar buiten liet om ze te hoeden, voelde hij nog even met zijn handen aan de schapen, maar hij ontdekte niets. Eenmaal op zijn schip kon Oddyseus het niet nalaten om naar de cycloop te roepen dat ze ontsnapt waren. Als reactie daarop gooide de razende Polyphemos een rotsblok, wat het schip op een haar na miste. De cycloop, gefrustreerd en gekwetst, vroeg zijn vader Poseidon of hij de terugreis voor Odysseus lastiger wilde maken.

Sirenen

Verwant aan de vreselijke Harpijen, waren ook de Sirenen half vrouw half vogel. Ze waren dochters van Phorcys en een muze, hoewel anderen beweren dat de Sirenen dochters waren van de riviergod Acheloüs. De Sirenen waren ooit vriendinnen van Persephone, de dochter van landbouwgodin Demeter. Toen zij samen bloemen plukten werd Persephone ontvoerd door Hades, de god van de Onderwereld. De meisjes wilden graag vleugels hebben om naar hun vriendin te kunnen zoeken, en zo geschiedde. Ze behielden echter hun buitengewone zangtalenten. De Sirenen leefden op een eiland, vlak bij het eiland waar Circe woonde. Ze konden zo bovenmenselijk mooi zingen dat elke zeeman die het eiland passeerde, zijn hoofd verloor en voor eeuwig wilde blijven luisteren naar de prachtige liederen. Het gevolg was dat het schip te pletter sloeg op de rotsachtige kust van het eiland. Dit gebeurde met veel schepen, en de kust was dan ook bezaaid met botten van arme zeemannen die slachtoffers van de Sirenen waren geworden. Odysseus wist dankzij Circe al van het gevaar van deze wezens af, en stopte op haar advies de oren van zijn mannen dicht met was, zodat de verleidelijke stemmen van de Sirenen niet te horen waren. Zelf wilde Odysseus wel graag horen hoe de Sirenen zongen, maar hij liet zichzelf uit voorzorg vastbinden aan de mast van zijn schip. Als hij zich zou proberen los te maken, moesten de mannen hem nog strakker vastbinden. Het schip passeerde het eiland van de Sirenen op deze manier moeiteloos, al raakte Odysseus volledig in de ban van de zang van de wonderbaarlijke wezens.

Scylla en Charybdis

Twee wezens die een groot gevaar vormden voor Odysseus tijdens zijn reis, waren de zeemonsters Scylla en Charybdis. Deze twee wezens bevonden zich in een nauwe zeestraat, volgens velen de Straat van Messina, die tussen Italië en Sicilië lag. Wetenschappers denken echter dat volgens de Grieken beide zeemonsters zich bij Kaap Skilla bevonden, in het Noord-westen van Griekenland.

Scylla was niet altijd een gevaarlijk monster; ooit was ze een liefelijke nimf die vele mannen het hoofd op hol heeft doen slaan en ook velen een blauwtje heeft laten lopen. De zeegod Glaucus was ook door haar afgewezen. Daarom zocht hij de tovenares Circe op en vroeg haar om toverkruiden waarmee hij het hart van Scylla kon veroveren. Circe wilde echter niet aan dit plan meewerken en bekende dat ze zelf wel wat in Glaucus zag. Maar Glaucus wees haar af, en de tovenares was zo woedend dat ze een giftig tovermiddel brouwde en dat in de baai gooide waar Scylla vaak ging zwemmen. Hierdoor transformeerde Scylla in een afschrikwekkend monster met twaalf poten en kreeg ze zes lange halzen en afschuwelijke koppen.

Ook Charybdis was vroeger een nimf geweest. Ze was een zeenimf, en om het rijk van haar vader te vergroten stortte ze keer op keer water op het land. De oppergod Zeus, kwaad omdat de nimf zijn land van hem afpikte, zorgde er toen voor dat Charybdis drie keer per dag zo’n dorst kreeg dat ze al het water naar binnen zoog. Tegenover het zeemonster Scylla kwam Charybdis te liggen, die drie keer op een dag een gigantische draaikolk veroorzaakte. Vanaf dat moment was het erg moeilijk voor zeevaarders om levend door deze zeestraat te komen. Ze moesten precies in het midden blijven varen, want als ze dat niet deden vielen ze ten prooi aan één van de twee zeemonsters.

Odysseus vreesde het meest voor Charybdis en week te veel voor haar uit, waardoor hij dicht bij Scylla kwam. De zes koppen van het zeemonster verslonden elk één van Odysseus’ zijn mannen. Vervolgens kwam het schip in de draaikolk terecht. Odysseus wist als enige aan de gapende mond van Charybdis te ontsnappen door enkele balken als vlot te gebruiken. Zeven dagen later spoelde hij aan op het eiland Ogygia.
© 2008 - 2019 Claire, het auteursrecht (tenzij anders vermeld) van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
De reis van OdysseusOdysseus, de man die Troje zijn ondergang bezorgde. De listige, de sluwe, de man die de waarheid vervlocht met verzinsel…
KCV: Homerus' Odyssee, een verslagKCV: Homerus' Odyssee, een verslagDe Odyssee van Homerus is het bekendste dichtwerk uit de Griekse oudheid. Veel gymnasiasten lezen dit werk bij grieks of…
De Odyssee van HomerusDe Odyssee van HomerusTwintig jaar duurde het voordat de trouwe hond, die Odysseus bij zijn vertrek naar Troje achterliet, zijn baas terug zou…
Griekenland, vakantie op IthakaWaarschijnlijk is dit het enige eiland van alle Griekse waar de mythologische geschiedenis het wetenschappers doet twijf…
Fictie en FregeIn 'Über Sinn und Bedeutung' introduceert Frege de begrippen Sinn en Bedeutung. De Sinn (de betekenisinhoud) is de 'Art…
Bronnen en referenties
  • www.wikipedia.nl
  • Geïllustreerde Griekse mythologie encyclopedie – Guus Houtzager

Reageer op het artikel "Odysseus en zijn terugreis naar Ithaka"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Ik ga akkoord met de privacyverklaring en ben bekend met de inhoud hiervan
Infoteur: Claire
Laatste update: 03-01-2014
Rubriek: Kunst en Cultuur
Subrubriek: Mythologie
Bronnen en referenties: 2
Schrijf mee!