InfoNu.nl > Kunst en Cultuur > Biografie > Judith, de freule van Dorth (1847-1799)

Judith, de freule van Dorth (1847-1799)

Judith, de freule van Dorth (1847-1799) In 1793 vielen de Fransen de Republiek der Nederlanden binnen en de patriotten (aanhangers van de Fransen) waren er als eersten bij om hun te helpen. Nederland stond op dat moment onder leiding van de familie van Oranje, maar zij vluchtten de grens over. De orangisten (aanhangers van het huis van Oranje) deden hard hun best om hun Franse overheersers te verslaan en na een aantal gevechten vond een patriot genaamd Reesink, de dood. De persoon die verantwoordelijk wordt gehouden voor zijn dood is Judith, de freule van Dorth. Hoe komt een vrouw in haar tijd in zo'n moeilijke positie terecht en hoe komt het dat deze moord, die ze overigens niet heeft gepleegd, leidt tot haar executie? Neem een kijkje in het bijzondere leven van Judith van Dorth.

Judith van Dorth

Johanna Magdalena Catharina Judith van Dorth, ook wel bekend als de freule van Dorth, werd op 7 mei 1847 geboren in huis 't Velde in Warnsveld, vlakbij Zutphen. Ze was de dochter van Jan Adolf Hendrik Sigismund van Dorth, heer van 't Velde en Holthuysen (1720-1798) en Jacoba Schimmelpenninck van der Oije (1711-1776). Drie jaar na de geboorte van Judith wordt er een jongen geboren, maar helaas wordt het kind maar drie jaar oud. In 1755 wordt er weer een jongetje geboren en hij krijgt de naam Gerrit Jurrien Johan Adriaan Adolf. In de zomermaanden verblijft het gezin in hun buitenhuis Huis 't Velde, maar in de wintermaanden is het daar niet comfortabel genoeg en verhuizen ze naar hun winterhuis in Zutphen. Het gezin hoorde bij de adellijke families in die tijd, maar helaas wel één van de verarmde tak.

Opleiding

In 1759 gaat Judith aan de slag als stiftsjuffer aan het Freiweltliche Hochadeliche Damenstift Gevelsberg, gelegen in het Graafschap Mark. Vaak verblijft ze hier niet en ze is ook weinig actief als stiftsjuffer, maar deze betrekking zorgt in ieder geval voor een kleine toelage voor Judith. Op haar dertiende is Judith vermoedelijk naar de Franse kostschool gegaan in Zutphen. Hier zijn geen bewijzen van, maar vrijwel alle dochters van de verarmde adel volgden deze route qua opleiding. In de omgeving van Zutphen was het bekend dat het gezin met geldproblemen kampte, maar dit was niet het enige waar het gezin bekend om stond. De familie was ook berucht om hun gewelddadige uitbarstingen, de moeder van Judith, Jacoba, had de deur van Judith ‘s slaapkamer al een keer bewerkt met een bijl. En de heren van de familie vonden het leuk om hun geweren ook voor andere dingen dan de jacht te gebruiken.

Reputatie

Het gezin van Dorth is niet bepaald een gewoon gezin te noemen. Judith benadrukt dit nog eens door op jonge leeftijd een zeer bedenkelijke reputatie op te bouwen. Uit bewaard gebleven brieven van Judith is op te maken dat ze in 1766 een geheime verhouding is begonnen met de advocaat Engelbert Croceus. Deze man is niet alleen een stuk ouder dan Judith, maar ook nog eens een goede vriend van haar ouders. Het duurde niet lang tot de relatie tussen de twee aan het licht kwam. Het drama was helemaal compleet toen bleek dat Judith (toen negentien jaar oud) haar geliefde Engelbert ook nog 's nachts op haar slaapkamer had toegelaten. De bom ontplofte in huizen van Dorth en de relatie tussen Judith en haar moeder, die toch al niet best was, verslechterde nog verder. Judith kreeg als straf huisarrest opgelegd, maar Judith gaf de moed niet op en wist al kort na de ruzie met haar ouders weer contact te leggen met Engelbert. Door middel van een bediende die boodschappen tussen hen overbracht, bedachten ze het plan om samen weg te gaan. In alle stilte brachten ze stiekem de spullen die ze nodig hadden voor hun vertrek over naar een geheime plek. Hun plan kwam al snel uit en voor de ouders van Judith was de maat vol. Ze wisten niet meer wat ze met hun dochter aan moesten en vroegen de magistraat (overheid) van Zutphen toestemming om Judith uit huis te plaatsen. Deze toestemming kregen ze en Judith werd opgesloten in het particuliere Vrouwenbeterhuis Duynkerken in Delft. Haar ouders vroegen naast de uit huis plaatsing ook nog toestemming aan de Staten Generaal om Judith te onterven. Ook dit werd toegestaan.

Onafhankelijkheid

Het is niet duidelijk waarom, maar enkelen jaren later wordt Judith weer door haar ouders naar huis gehaald. Enige tijd later komt haar moeder te overlijden en Judith neemt de taak op zich om leiding te geven aan het huishouden van de familie van Dorth. De periode dat de familie met zijn drieën bij elkaar woont verloopt zonder verdere noemenswaardige incidenten. In 1788 komt een zus van hun moeder te overlijden, tante Schimmelpenninck, zij laat Judith en Gerrit een flinke erfenis na. Judith en haar broer Gerrit zijn nogal dik met elkaar en besluiten van hun erfenis een landgoed te belenen (een vorm van huren). Ze laten hun oog vallen op de heerlijkheid (bestuursvorm) Holthuysen. Door dit bezit worden ze ook toegelaten tot het ridderschap van Zutphen en zo hadden ze beiden weer een middel van inkomsten. Een jaar later besloten ze een heerlijkheid te kopen en verhuisden naar de heerlijkheid Harreveld, vlak bij Lichtenvoorde. De nieuwe landheer en -vrouw van Harreveld waren niet erg geliefd bij hun pachters, ze stonden te boek als verre van vriendelijk en over Gerrit gaan zelfs verhalen dat hij gewelddadig zou zijn. De pachters hadden ook genoeg verhalen te vertellen over de enorme ruzies tussen broer en zus die weer afgewisseld werden met verhalen dat ze een intieme relatie met elkaar zouden hebben. Ook het beheren van hun financiën was niet de sterkste kant van zowel Judith als Gerrit en ze gingen heel nonchalant om met hun schulden en schuldeisers.

Franse overheersing

De Fransen vielen in 1793 de Republiek der Nederlanden binnen. Zij begonnen met het nemen van maatregelen om de adelstand in hun mogelijkheden te beperken en werden daarbij geholpen door de patriotten (aanhangers van de Fransen). Er werd de adelstand veel van hun voorrechten ontnomen en ook de familie van Dorth had hier last van. Daarnaast werden ze ook nog geconfronteerd met het feit dat een hoop van hun bezit werd afgenomen en dit leverde de familie grote financiële problemen op. Gelukkig was er wel een sprankje hoop. De familie was van huis uit sterk Oranjegezind en Judith was in de loop der jaren goed bevriend geraakt met de Oranjegezinde August Robert van Heeckeren. De familie van Oranje was nauw verbonden met de Pruisen en deze hadden besloten de Republiek der Nederlanden te komen helpen bij het verjagen van de Fransen. Dit bracht mooie banen voor de trouwe orangisten (aanhangers van het Huis van Oranje) met zich mee. De familie van Dorth kon absoluut tot deze groep worden gerekend, maar greep helaas naast alle aangeboden banen, omdat hun reputatie zo omstreden was.

Financiële nood

Toen de rust weer wat was terug gekeerd brak er een periode onder Franse heerschappij aan. Dit bracht in 1795 de Bataafse Revolutie met zich mee. De Bataafse Revolutie was eigenlijk niet meer dan het opnieuw indelen van het staatsbestel van de Republiek der Nederlanden. Maar deze "herindeling" had wel grote gevolgen voor de broer en vader van Judith, zij raakten allebei hun baan en de daarbij behorende inkomsten kwijt. De schuldeisers waren hier al snel van op de hoogte en vlogen als aasgieren op huis 't Velde af. Ze wilden het huis in beslag nemen om zo de schulden te vereffenen. In deze strijd bevestigde de familie hun slechte reputatie en verdedigde hun huis met hand en tand. Een van de schuldeisers schreef later dat Judith vanaf de ophaalbrug naar hem had staan schreeuwen: "Goddomy, gij komt er niet op"

Op de vlucht

Het familiewapen van de familie van Dorth / Bron: Historiek.netHet familiewapen van de familie van Dorth / Bron: Historiek.net
Het getouwtrek met de schuldeisers bleef enige tijd duren maar uiteindelijk gooide Gerrit als eerste de handdoek in de ring. Hij sloeg op de vlucht en verdween over de Duitse grens. Judith besloot niet lang daarna om haar broer te volgen, maar nam daarbij allerlei spullen uit huis 't Veld mee. Op 23 november 1797 werd Judith hiervoor gearresteerd, er was immers beslag gelegd op het huis, dus ook op de spullen die Judith bij haar had. Ze werd overgebracht naar het stadhuis van Zutphen en hier opgesloten in afwachting van haar proces. Na vijf maanden vast gezeten te hebben vond Judith het wel mooi geweest. Ze kocht de dienstmeid van één van haar gevangenbewaarders om en samen met haar én de hulp van een bevriende arts, ontsnapte ze. Niet veel later voegde ze zich bij haar broer die inmiddels was neergestreken in de Duitse plaats Munsterland. In februari 1799 kwam het proces tegen Judith‘s diefstal te vervallen. De reden waarom is volstrekt onduidelijk, maar het betekende wel dat Judith en haar broer Gerrit weer terug konden keren naar Nederland. In augustus 1799 waren broer en zus weer terug op hun heerlijkheid Harreveld.

Gele donderdag

Al die tijd was het de familie van Oranje nog niet gelukt om hun macht terug te krijgen. Op 27 augustus 1799 kwam er een groot Engels/Russisch invasieleger aan op de Noord Hollandse kust om vandaar uit te proberen de Fransen te verdrijven. Dit is ook het moment dat Judith ‘s vriend Augustus Robert van Heeckeren weer om de hoek komt kijken. Hij was op de hoogte van de invasie en wilde, tegelijk met de invasie, een Oranjerevolutie op gang brengen om zo de macht terug te krijgen. Hij wilde hiermee zijn steun betuigen aan de familie van Oranje en in het bijzonder aan de erfprins; Willem V van Oranje-Nassau. Augustus viel vanuit Pruisen de Achterhoek binnen. Hij kwam als eerste in de plaats Bredevoort en probeerde de bevolking in opstand te brengen tegen de Fransen, maar veel meer dan het hijsen van de Oranjevlag deden zij niet. Het Franse gezag had de opstand al weer snel de kop ingedrukt en kondigde een staat van beleg (noodtoestand) af over de stad, als straf. Dit beleg duurde gelukkig maar tot het eind van 1799. Deze korte opstand in de stad Bredevoort kende uiteindelijk maar twee doden, één overleed tijdens de opstand, de andere zou later ter dood veroordeeld worden. De eerste persoon was de patriot Reesink, de tweede persoon is Judith van Dorth...

Judith ‘s daden

Judith en haar broer waren als vrienden van Augustus op de hoogte van zijn plannen. Op de dag dat hij binnenviel in de Achterhoek, hing Judith al vroeg de Oranjevlag in de toren van hun huis te Harreveld. Judith was er van overtuigd dat Augustus zou slagen in zijn plan en dat de Fransen zich zouden terug trekken. Gekleed in het oranje reden broer en zus naar Lichtenvoorde om meer mee te krijgen van de berichtgeving over de inval. Daar aangekomen woonden ze de toespraak bij van Hendrik Huinink, hij was de belastinginner van Lichtenvoorde. Hij verkondigde dat Augustus en de erfprins Willem V in hoogst eigen persoon, later die dag Groenlo zouden passeren. Judith en haar broer twijfelden geen moment en vertrokken meteen, met een groot aantal andere orangisten, richting Groenlo om hun helden te zien. De Nederlandse patriotten hadden het nieuws over de komst van de orangisten ook al gehoord en verzamelden zich om hun gasten een "warm" onthaal te geven. Toen de twee partijen elkaar troffen liepen de gemoederen hoog op en hier en daar volgde zelfs een vechtpartij. Aan het einde van de dag werd duidelijk dat de poging van Augustus was mislukt en dat hij en zijn mannen alweer veilig over de grens vertrokken waren. Het verhaal dat de erfprins zou komen bleek een leugen. Teleurgesteld dropen Judith en Gerrit af.

De moord op de patriot Reesink

Toen Judith en Gerrit Lichtenvoorde kwamen binnen rijden kregen ze al snel het nieuws te horen dat er een patriot, Frederik Reesink, was vermoord. Hij was doodgestoken tijdens een vechtpartij. Voor de Oranjegezinde Judith was dit goed nieuws en ze becommentarieerde dan ook luidkeels de moord op Reesink. Ze zou tegen haar broer gezegd hebben: "broer daar is er nog maar één kapot, daar moeten er meer aan, het is maar één patriot". Aangezien Judith haar mening luidkeels verkondigd had was er een patriot die dit hoorde, hierop riep hij naar Judith: "Vive de Republiek". Dit schoot bij Judith in het verkeerde keelgat en ze beet de man toe: "wacht manneken, wij zullen u wel krijgen!". Als Judith had geweten wat de gevolgen van haar uitspraken waren geweest had ze het waarschijnlijk wel gelaten om deze uitspraken te doen.

Het Engels/Russische invasieleger was inmiddels verslagen en het laatste restje hoop van de orangisten om onder de Franse overheersing uit te komen was de bodem in geslagen. Gerrit was niet zo dapper aangelegd en vluchtte weer naar het buitenland.

Arrestatie

Huis Harreveld op een oude tekening / Bron: Jacob Stellingwerf, Wikimedia Commons (Publiek domein)Huis Harreveld op een oude tekening / Bron: Jacob Stellingwerf, Wikimedia Commons (Publiek domein)
De Schout (hoofd van de politie) van Lichtenvoorde stelde een onderzoek in naar de dood van Reesink, wat ook in die tijd gebruikelijk was bij een moord. In het onderzoek kwam Judith op de één of andere manier naar voren en op 18 september 1799 wordt zij gearresteerd. De verdenking luidt: Oproerstokerij en betrokkenheid bij de moord op Frederik Reesink. Judith wordt overgebracht naar het tuchthuis in Arnhem en daar opgesloten in afwachting van haar proces. Waar de verdenkingen over de betrokkenheid op de moord precies op gebaseerd zijn is onbekend, maar het feit dat Judith een fanatiek orangist was én haar uitspraken na de dood van Reesink werkten flink in haar nadeel.

Proces

Toen het proces begon werd Judith overgebracht naar Winterswijk. Dit dorp viel ook onder de verantwoordelijkheid van Bredevoort en hier zat het speciale gerechtshof waarvoor Judith moest verschijnen. Het bijzondere aan Judith ‘s proces was dat ze moest verschijnen voor een militaire rechtbank. De moord was weliswaar een politieke moord geweest maar dat is nog geen verklaring om Judith voor een militaire rechtbank voor te brengen. Haar gerechtshof bestond uit vijf officieren en onderofficieren van de Franse nationale garde. Zij werden ondersteund en geholpen door de drost (bestuurder) van Bredevoort, de eigenaar van de plaatselijke herberg; Willem Passchen en de advocaat, Mr. Bom. Mr. Bom was afkomstig uit Lichtenvoorde. Omdat advocaat Bom ook de enige jurist in de hele groep was, moest hij optreden als openbaar aanklager. Het hele proces was een rommeltje en er was zowel tijdens het proces als later een hoop gedoe over de motivatie van de rechters om hun vonnis uit te spreken.

Uitspraak

Op 21 november krijgt Judith te horen dat ze schuldig wordt bevonden aan verraad aan het vaderland (hoogverraad) en ter dood wordt veroordeel door middel van een vuurpeloton. Waar dit vonnis en de uiteindelijke uitspraak op gebaseerd zijn, blijkt niet uit de stukken van de rechtbank. Zoals dit voorgeschreven stond moest de ter dood veroordeling binnen 24 uur worden uitgevoerd. Op 22 november 1799 werd Judith opgehaald uit haar cel en achter op een kar gezet. Ze werd naar een drassig weiland gereden aan de rand van Winterswijk. Vlak bij het Joodse kerkhof staat het vuurpeloton en hier wordt Judith ter dood gebracht. Nadat de laatste schoten hebben geklonken wordt het levenloze lichaam van Judith in haar kist gelegd. Het verhaal gaat dat ze plotseling nog bewoog en een soldaat haar met een laatste schot in haar kist om het leven heeft gebracht. Het verhaald van het bewegen van Judith in haar kist wordt in de loop der jaren flink uitvergroot en in de laatste versie van het verhaal zou zelfs haar hele arm hebben opgetild uit de kist om zo haar woede over het onrecht van haar dood te uitten.

Dapper

Uit de ooggetuigen verslagen die bewaard zijn gebleven bleek Judith haar dood dapper tegemoet te zijn gegaan. Ook de brief die Judith, zeven uur voor haar executie, aan haar goede vriend burgemeester Christiaan Casper Stumph van Aalten schrijft, is bewaard gebleven:
"Mijn waarde vriend, ik bedank u zeer voor alle Vriendelijkheid aan mijn bewezen in dit leven. Ik schrijf deeze om 4 uren, dus 7 uren voordat mij het leven H.M.-T door een kogel zal benomen worden. De reijs van naar Groenlo etc. is de oorzaak van mijn Dood. Ik vind in dezelfde een verzoend God, troost mijn Ongelukkige Broeder, die mij tot in den dood benauwd. Weest zo goed en zegt een Eeuwig Vaarwel aan alle mijn bekenden. J.M.C.J. van Dorth"

Opvallend is dat de executie van Judith het enige doodvonnis is wat ook daadwerkelijk is voltrokken in Gelderland. Johanna Magdalena Catharina Judith van Dorth tot Holthuysen is in haar leven nooit getrouwd geweest. Ze heeft al die tijd samen gewoond met haar broer en ze liet geen kinderen na. Ze is ter plaatse op het veld begraven. Later hebben haar nabestaanden haar stoffelijk overschot laten bijzetten in de Hervormde Kerk van Lichtenvoorde.

Algehele reputatie

Het is vooral de ter dood veroordeling van Judith wat haar in de geschiedenisboeken heeft doen belanden. Voor zover bekend is Judith van Dorth namelijk de enige vrouw in Nederland die ter dood veroordeeld is door een militaire rechtbank. De reden waarom Judith terecht werd gesteld voor een militaire rechtbank is tot op de dag van vandaag onduidelijk. Ook is Judith, samen met de in 1947 ter dood gebrachte "jodenjaagster" Ans van Dijk, de enige vrouw in de geschiedenis van Nederland die om een politieke reden terecht is gesteld.

Ondanks alle daden die ze deed als fanatiek orangist is hier maar weinig van terug te vinden. Deze daden van haar zijn eigenlijk overschaduwd door de bijzondere omstandigheden van haar dood. Ook de felheid waarmee Judith andere mensen benaderde werkte niet in haar voordeel. Door haar houding en daden wordt ze vaak omschreven als een ongemanierde en excentrieke freule die ten onder is gegaan aan haar eigen gedrag.

Verslagen(heid)

In de vriendenkring rond de familie van Dorth werd geschokt gereageerd op Judith‘s dood. De Franse overheersers hebben met de ter dood veroordeling van Judith ongetwijfeld een statement willen maken en dat is ze goed gelukt. Er zijn na Judith ‘s dood geen andere executies of veroordelingen op orangisten meer uitgevoerd. Ook de orangisten reageerden met grote verslagenheid op het bericht van Judith‘s dood. Hun aanval op de Franse machthebbers, die zo hoopvol begon, was geëindigd in een drama met een dode freule als gevolg. Een dag na haar overlijden verschenen er pamfletten in de straten waarin de onrechtvaardigheid over haar dood in dichtvorm werd beschreven. Wel deden ze nog een laatste poging om duidelijkheid te krijgen over de reden van Judith‘s dood. Helaas hebben de orangisten nooit een duidelijk antwoord gekregen. Broer Gerrit bleef alleen achter en ontving veel rouwbetuigingen na de dood van zijn zus. Onder andere Wilhelmina, de vrouw van Willem V, stuurde hem een bericht. Waar Gerrit uiteindelijk is gebleven is onbekend. Hij is vertrokken naar een onbekende bestemming.

Lees verder

© 2014 - 2019 Marjolijnr, het auteursrecht (tenzij anders vermeld) van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
Moord op Nicole Simpson. Kan bloed de misdaad oplossen?Was de verdachte op het tijdstip van de moord bij het slachtoffer aanwezig? Kan dit uit het bloed op de plaats van de mo…
De bijbelse JudithDe bijbelse JudithDe naam Judith betekent ‘de vrouw van Judea’ of ‘de geprezene’. Ze was een weduwe van adellijke bloede en leefde in de s…
Pyromaan en seriemoordenaar: Ottis TooleOttis Toole was een Amerikaanse pyromaan en zelfverklaard seriemoordenaar. Samen met Henry Lee Lucas bekende hij meer da…
NCIS: Aflevering beschrijvingen van seizoen 2NCIS is de één van de meest populaire series op de Amerikaanse en Nederlandse tv. Het gaat over een team van speciaal ag…
Pim Fortuyn: de vermoorde politicusPim fortuyn is op 6 mei 2002 vermoord. Hij was een politicus die net nieuw was in de politiek. Toen hij werd vermoord do…
Bronnen en referenties
  • http://www.biografischwoordenboekgelderland.nl/bio/1_Johanna_Magdalena_Catharina_Judith_van_Dorth
  • http://www.panoramio.com/photo/41928357
  • http://historiek.net/1001-vrouwen-freule-van-dorth/22296/
  • www.isgeschiedenis.nl
  • http://nl.wikipedia.org/wiki/Freule_van_Dorth
  • http://resources.huygens.knaw.nl/vrouwenlexicon/lemmata/data/Dorth,%20Judith%20van
  • Afbeelding bron 1: Historiek.net (http://historiek.net/wp-content/uploads-phistor1/2013/05/freule-van-dorth-familiewapen.jpg)
  • Afbeelding bron 2: Jacob Stellingwerf, Wikimedia Commons (Publiek domein)

Reageer op het artikel "Judith, de freule van Dorth (1847-1799)"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Ik ga akkoord met de privacyverklaring en ben bekend met de inhoud hiervan
Infoteur: Marjolijnr
Laatste update: 30-03-2018
Rubriek: Kunst en Cultuur
Subrubriek: Biografie
Special: Historische vrouwen
Bronnen en referenties: 8
Schrijf mee!