InfoNu.nl > Kunst en Cultuur > Geschiedenis > Tsaren van Rusland - van Ivan IV naar Paul I (1547-1801)

Tsaren van Rusland - van Ivan IV naar Paul I (1547-1801)

Tsaren van Rusland - van Ivan IV naar Paul I (1547-1801) De eerste Russische monarch die zich “tsaar” noemde was Ivan IV, beter bekend als Ivan de Verschrikkelijke - zijn bewind begon in 1547. De eerste tsaar uit het Huis Romanov was Michaël, die in 1613 aan de macht kwam. Een van zijn nakomelingen was de ook in Nederland alom bekende Peter de Grote (1696-1725). De dynastie der Romanovs wordt onder meer gekenmerkt door het forse aantal tsaren dat op gewelddadige wijze om het leven kwam. Peter de Grote stierf een natuurlijke dood, maar van de acht tsaren/tsarina's die na hem regeerden kwamen er alleen al in de periode 1762-1801, een tijdsbestek van 39 jaar, maar liefst drie op gewelddadige wijze om het leven: Peter III (1762), Ivan VI (1764) en Paul I (1801).

Inhoud


Russische tsaren uit het huis Romanov van 1547 -1725

Gewoonlijk wordt de geschiedenis van Rusland begonnen met het Kievse Rijk (globaal het gebied van de huidige Oekraïne, Wit-Rusland en het westelijk deel van Europees Rusland). Het ooit zo machtige middeleeuwse rijk begon aan het begin van de 12e eeuw uiteen te vallen in grootvorstendommen, waaronder Moskovië (de regio rond Moskou). De eerste Grootvorst van dat gebied, Ivan III (hij regeerde van 1462-1505) wist er een onafhankelijke staat met centraal gezag van te maken. Hij breidde het territorium uit – zijn ideaal was de herleving van het oude Kievse Rijk. Ivan IV (beter bekend als Ivan de Verschrikkelijke) was de eerste grootvorst die bij zijn troonbestijging in 1547 de titel “tsaar” aannam. Zijn gebied werd ook wel Rossijskoe Tsarstvo letterlijk: Tsaardom Rus genoemd. Dat bleef de naam tot Peter de Grote in 1721 het Keizerrijk Rusland stichtte. In 1613 verkoos de Zemski Sobor (een assemblee van vertegenwoordigers uit de verschillende regio’s die door de monarch geraadpleegd werd, een soort parlement dus) Michaël Fjodorovitsj Romanov (Michaël I) tot tsaar. Deze regeerde tot 1645; hij was de eerste tsaar uit het huis Romanov. Tsaar Peter I (“de Grote”) regeerde van 1696 tot zijn dood in 1725. Hij werd met name door zijn reizen naar Holland, waarbij hij in Zaandam verbleef, ook voor Nederlanders een bekende tsaar.

De titel “tsaar”; de familie Romanov

Ivan IV (hij regeerde van 1547-1584) noemde zich dus als eerste "tsaar” - het Slavische woord voor caesar, keizer. In 1721 verving Peter de Grote de titel door Imperator (kan ook vertaald worden als keizer - vgl. het Engelse emperor, maar in de westerse talen wordt de titel tsaar nog tot 1917 gebruikt voor de Russische monarch.
Peter de Grote was na Michaël I de vijfde tsaar uit het huis Romanov. De Romanovs stamden uit een oude Bojarenfamilie genaamd Zacharin. (De bojaren waren leden van de feodale aristocratie). Roman Zacharin veranderde de familienaam in Romanov. De eerste Romanov die tsaar werd was dus Michaël I en de laatste was Nicolaas II, die regeerde van 1894 tot februari 1917 - na ruim 300 jaar kwam toen een einde aan het bewind van de Romanov-dynastie. In totaal regeerden 20 vorsten in die periode. Na de Oktoberrevolutie van dat jaar moest Nicolaas II vertrekken uit de hoofdstad van het rijk en in juli 1918 werd hij, samen met vrouw en kinderen, vermoord.

Peter de Grote (1696-1725)

Ivan IV, de ‘Verschrikkelijke’, was niet alleen de eerste tsaar, hij was ook de eerste van de Russische monarchen die zijn rijksgebied geweldig uitbreidde – tot de Kaspische Zee toe en hij maakte een begin met de kolonisatie van Siberië (Tobolsk, in West-Siberië, werd in 1587 gesticht). Bovendien was hij de eerste Russische monarch die nauwe contacten aanknoopte met de Westerse wereld. Ook het bewind van Peter de Grote werd gekenmerkt door gebiedsuitbreiding, met name naar het westen en noorden (Oostzeegebied). Aan de Finse Golf begon hij in 1703 met de bouw van een nieuwe Russische hoofdstad die hij Sint-Petersburg noemde, niet naar zichzelf maar naar de apostel Petrus. Moskou kwam daarmee op de tweede plaats te staan in de rangorde van belangrijkste Russische steden. Na hem liet Tsarina Elisabeth I (1741-´62) in Sint-Petersburg het zogenaamde Winterpaleis (zie foto bij de inleiding) bouwen aan de rivier de Neva, nu een onderdeel van museum de Hermitage.

Ook wat betreft nauwe contacten met de Westerse wereld zat Peter I in het spoor van Ivan IV. En hij ging daarin veel verder. In 1697-’98 maakte hij een reis over Duitsland naar Holland, Engeland en Wenen en maakte er kennis met de scheepsbouw, de handel en de nijverheid. Ook wierf hij er vaklieden om in Rusland met hun kennis en kunde aan de slag te gaan. In 1716-’17 ging hij nog een keer, nu naar Holland en Frankrijk. Terug in zijn vaderland voerde hij ‘het westen’ in door middel van een keizerlijke oekaze, met bijbehorende strenge straffen bij ongehoorzaamheid. Hij had inderdaad succes; zo steeg de welvaart. Maar in wezen was het ’niet meer dan een Westerse façade aan een oosters gebouw’ in dit enorm uitgestrekte land met een agrarische bevolking van analfabeten. Het voornaamste kenmerk van het Westen ontbrak er: de individuele vrijheid. En Peter zelf bleef in en aantal opzichten een barbaar. Maar de basis van een nieuw Rusland was wel gelegd (Wereldgeschiedenis deel 6, p. 112).

Anna I (1730-‘40), Ivan VI (1740-‘41 / ’64) en Elisabeth I (1741-’61))

Peter de Grote werd in 1725 opgevolgd door zijn tweede echtgenote Jekaterina (Catharina) I. Zij regeerde slechts twee jaar, toen overleed ze. Haar opvolger Peter II regeerde ook maar kort; hij stierf in 1728 aan de pokken. Omdat er nog geen opvolger was benoemd kwam de macht tijdelijk in handen van de zogenaamde Opperste Geheime Raad. Die zorgde ervoor dat na enige jaren, in 1730, een kleindochter van Peters halfbroer en tijdelijk mede-tsaar Ivan, Anna Ivanova, als tsarina op de troon kwam.

Anna I

Anna was van 1711-’30 hertogin van Koerland (in het huidige Letland). Een groep machtige adellijken in Rusland wenste dat Anna het land autocratisch zou besturen met behulp van een adviesraad, een Senaat bestaande uit leden van meerdere adellijke families. Anna stemde toe, maar in de praktijk kwam er niet veel van terecht. S.S. Montefiore, wiens omvangrijke boek over de Romanovs hier voornamelijk als bron dient, beschrijft haar als een wreed, kwaadaardig mens. Ze liet het regeren op den duur over aan haar minnaar Ernst Biron, een charmante maar onbehouwen, brute, voormalige staljongen. (Ze had hem eerst tot kamerheer bevorderd en later tot graaf). “Hij had haar volledig in zijn macht.“ (p. 196).

Anna had besloten dat Anna Leopoldovna, dochter van haar overleden zuster Jekaterina, haar als tsarina moest opvolgen. In verband met de gewenste voortzetting van het nageslacht ‘leverde’ ze er meteen een echtgenoot bij: de Duitse Prins Anton van Brunswijk-Wolfenbüttel-Bevern. Anna Leopoldovna had een hekel aan hem, maar had geen keus. Er werd in augustus 1740 een kind geboren: Ivan (genoemd naar haar vader); hij zou dan te zijner tijd tsaar Ivan VI worden. Twee maand later overleed Anna I en was dus, officieel, baby Ivan de nieuwe tsaar. De werkelijke macht kwam in handen van de man die Anna I als regent had aangewezen: Biron. Zo werd de voormalige stalknecht, die ondertussen van graaf bevorderd was tot hertog, heerser over Rusland. Maar niet voor lang. De moeder van de baby-tsaar spande tegen hem samen met een paar van zijn rivalen. Die namen Biron gevangen. Hij werd veroordeeld tot levenslange verbanning naar Siberië (1741); niet lang na het aantreden van Elisabeths opvolger Peter III mocht hij weer terugkeren.

Elisabeth I (1741-1761)

Toen haar zoontje tsaar was geworden achtte Anna Leopoldova zich regentes voor hem. Echter, Elisabeth Petrovna (dochter van Peter I en Catharina) had zich indertijd ernstig gepasseerd gevoeld toen haar halfzus Anna Ivanova (Anna I dus) tot tsarina was gekozen. Nu, in deze tumultueuze situatie greep Elisabeth haar kans. Zij was een schoonheid en populair onder meer bij de gardisten die het Winterpaleis bewaakten. In november 1741 organiseerde ze een staatsgreep, daarbij uit machtspolitieke overwegingen geholpen door de Franse ambassadeur Markies de La Chétardie. Anna Leopoldovna en haar echtgenoot werden gevangen gezet. De baby-tsaar bleef achter bij Elisabeth. Op 28 november mochten vader, moeder en baby Ivan vertrekken naar Riga, mogelijk zouden ze vervolgens naar Brunswijk gaan (in feite werden ze dus verbannen). Maar een dag later liet ze het drietal opsluiten in een Baltische vesting. Toen er geruchten gingen over een staatsgreep ten bate van de toekomstige Ivan VI werden ze overgebracht naar een plek in het hoge noorden in de buurt van Archangelsk; baby en ouders werden daar gescheiden ondergebracht. In 1746 overleed moeder Anna; vader werd aanmerkelijk ouder: hij stierf in 1774.

Ondertussen had Elisabeth haar neefje Peter (de latere Peter III), zoon van Anna Petrovna en dus een kleinzoon van Peter de Grote, als haar troonopvolger aangewezen. Uit machtspolitieke overwegingen schoof Koning Frederik de Grote van Pruisen Prinses Sophie van Anhalt-Zerbst (de latere Catharina de Grote) naar voren als echtgenoot van neefje Peter. Het bleek dat de twee elkaar eigenlijk niet verdroegen. Hij begon haar op den duur te haten, en zij minachtte hem.

De laatste periode van Elisabeths regering

Elisabeth was mooi maar kon ook hard en meedogenloos optreden, vooral toen ze ouder werd. Ze versleet vele minnaars. Toen de beoogde toekomstige tsarina Catharina geen opvolger ‘produceerde’ was ze woedend. In 1754 werd er toch een zoon geboren: Paul (de latere tsaar Paul I) – over het vaderschap waren vader en moeder het niet eens ...
In 1756 vermoedde Elisabeth een staatsgreep om Ivan VI op de troon te krijgen. Daarop werd deze, toen 15 jaar oud, overgeplaatst naar fort Sjlisselburg (plm. 45 kilometer ten Oosten van Sint-Petersburg, aan het Ladogameer). In 1761 werd Elisabeth ziek, in december kreeg ze een beroerte; met kerst overleed ze. Op 3 februari ’62 werd ze bijgezet in de Sint Petrus en Pauluskathedraal in Sint-Petersburg.

De dood van Ivan VI

In 1762 kwam troonopvolger Peter III aan het bewind. Hij gedroeg zich niet naar behoren – Elisabeth had spoedig na zijn verschijnen aan het hof in Sint-Petersburg een afkeer van hem gekregen. Ze had overwogen om hem te passeren ten gunste van Catharina’s zoon Paul. Ook echtgenote Catharina mocht hem bepaald niet lijden. En Peter op zijn beurt overwoog om zijn vrouw uit de weg te (laten) ruimen. Uiteindelijk was het Peter die aan het kortste eind trok: al in juli 1762 kwam hij onder verdachte omstandigheden om het leven. Catharina werd nu wel tsarina, maar ze wist maar al te goed dat er volop geïntrigeerd werd en complotten werden gesmeed aan het hof; ze was haar leven niet echt zeker. Ze had vele vijanden. Toen ze in 1763 een pelgrimstocht naar Rostoc maakte werd er een kamerjonker gearresteerd die van plan zou zijn haar minnaar graaf Orlov te vermoorden en haar vervolgens te laten trouwen met Ivan VI. Hoe het zij, in juli 1764 probeerde Vasili Mirovitsj – Montefiore noemt hem “een losgeslagen officier” (p. 260) – Ivan uit de kerkers van fort Sjlisselburg te bevrijden om hem tsaar te maken. Hij wist echter niet dat zowel Elisabeth als Peter en Catharina hadden bevolen dat Ivan moest worden gedood als iemand probeerde toegang tot hem te krijgen. Dus toen Vasili en zijn helpers na een vuurgevecht de cel van Ivan VI binnendrongen, bleek deze al te zijn neergestoken. De beoogde tsaar overleed ter plekke. Hij was de eerste van de serie Romanov-tsaren die op gewelddadige wijze om het leven werden gebracht. Catharina kreeg nu alle kans zich te ontplooien en dat lukte haar uitstekend; ze is de geschiedenis ingegaan als Catharina de Grote. Hoewel, er was nóg een obstakel dat haar in de weg stond: haar echtgenoot.

Peter III (1762) en Catharina de Grote (1762-‘96

Hiervoor verscheen de echtgenoot van Catharina (de Grote), Peter III al ten tonele. Hij werd geboren in 1728 en trad in 1745 in het huwelijk, met de Duitse Prinses Sophie dus (de naam Catharina kreeg zij na haar overgang naar de Russisch-orthodoxe Kerk). Peter kwam al naar voren als iemand die zich niet naar behoren gedroeg en een afkeer opriep bij zowel zijn tante Elisabeth die hem op de troon had gezet als bij zijn echtgenote Catharina. Hij vertoonde vreemd, vaak puberaal gedrag. Daarbij had de jongeman zijn uiterlijk ook niet mee: zijn gezicht was getekend door de pokken. Catharina wilde het liefst van hem af. Zeker toen de gewenste troonopvolger niet geboren werd. Peter werd ervan verdacht impotent te zijn. Dat is echter zeer discutabel; hij had in ieder geval een affaire met een hofdame (georganiseerd door tsarina Elisabeth). In september 1754 baarde Catharina een zoon, waarbij veel vraagtekens over het vaderschap werden en worden gezet. Sowieso was Peter door zijn huwelijk in een net van intriges en complotten terechtgekomen, waarvan hij al in hetzelfde jaar dat hij aantrad als tsaar het slachtoffer werd.

Peter III - ongewenst gedrag en Pruisische gezindheid

Zijn huwelijk was dus gearrangeerd en uiterst ongelukkig. Bovendien, zoals gezegd, hij gedroeg zich vreemd en onbehoorlijk, als een nukkige tiener – wat heel slecht kan uitpakken bij iemand met zoveel macht – en was bepaald geen aantrekkelijke verschijning. Een ander minpunt voor hem – misschien wel het belangrijkste – was zijn grote bewondering voor de Pruisische koning Frederik de Grote. Toen Rusland in 1754, in oorlog met Pruisen, aan de winnende hand was, bestond hij het om zich in te zetten voor een vrede die zeer onvoordelig was voor Rusland. Dat leverde hem naast de afkeer die Elisabeth, zijn vrouw en hovelingen al van hem hadden, ook vijandschap op van de kant van de legerleiding en de Russische machthebbers in het algemeen. Het leek wel, zo schrijft Montefiore (p. 243), of Frederik van Pruisen in Sint-Petersburg de baas was. Catharina werd er nog ongelukkiger van dan ze al was (met Peter). “Diep verdriet staat op het gezicht van tsarina Catharina gegrift,” schreef de Franse ambassadeur. (Montefiore, p. 243). Peter had alle reden om een complot van zijn vrouw en haar aanhang te vrezen en in juni 1762 gaf hij bevel haar te arresteren. Maar Catharina had veel vrienden aan het hof – onder andere de gebroeders Orlov (waaronder haar minnaar) – die dat gewaar werden. Toen Peter daarvan op de hoogte werd gesteld trok hij zijn bevel in.

Catharina zet Peter III aan de kant

Catharina was toen al bezig een complot tegen hem te smeden, en nu haar getrouwen ervan overtuigd waren dat hij het op haar gemunt had, hadden de samenzweerders haast. Belangrijke samenzweerders waren Grigori Potjomkin (de latere minister, opperbevelhebber en vooral vertrouweling en adviseur van Catharina) en de gebroeders Orlov. Op 28 juni ’76 trok Catharina in gezelschap van meerdere garderegimenten en de Bereden Grenadiers onder leiding van Potjomkin vanuit haar eigen verblijf, Mon Plaisir, op naar het Winterpaleis in Sint-Petersburg, waar ze als keizerin Catharina II werd verwelkomd. Peter was ondertussen, onwetend van dit alles, vanuit Oranienbaum (een tsarenpaleis aan de Finse Golf ten westen van Sint-Petersburg) naar Mon Plaisir getogen om met Catharina het Hoogfeest van de Heilige Petrus en Paulus te vieren. Zijn echtgenote was daar dus niet meer aanwezig en Peter vermoedde al wat er aan de hand was. Hij raakte in paniek, bedronk zich en ging scheep naar de vesting-haven Kronstad (in de Finse Golf, niet ver van Sint-Petersburg). Toen hij daar aankwam werd hij begroet met de mededeling dat hij geen tsaar meer was; de matrozen riepen “vivat Catharina II”. Hij begreep blijkbaar dat er geen redden meer aan was, want hij bood aan met zijn vrouw te willen onderhandelen over zijn aftreden. Maar er viel niets meer te onderhandelen, hij werd, samen met zijn maîtresse, afgevoerd naar het landgoed Ropsja. Catharina zou Peter nooit weer terugzien

De dood van Peter III

Peter werd bewaakt door onder anderen Potjomkin en Alexej Orlov en meerdere gardisten. Er werd door die bewakers flink gezopen. S.S. Montefiore noemt de situatie een dans macabre (p. 249). “Ons wangedrocht,” schreef Orlov op 2 juli aan Catharina, “is ernstig onwel van een koliek. Ik ben bang dat hij vannacht wel eens dood kon gaan, maar ik ben nog banger dat hij het overleeft (…) [want] hij is werkelijk een gevaar voor ons allemaal.” Op 6 juli berichtte Orlov aan de tsarina dat ‘de stervende man’ tegen de avond miraculeus hersteld was en zich had aangesloten bij een drinkgelag. Daarbij zou een vechtpartij zijn uitgebroken waarbij Peter het leven had gelaten. (p. 250) In werkelijkheid werd Peter III gewurgd, door wie precies is niet duidelijk, waarschijnlijk was het A. Orlov. Catharina werd nu in zijn plaats tsaar/tsarina van Rusland, dat zou ze blijven tot 1796. De periode van haar bewind wordt door Montefiore veelzeggend “De Gouden Eeuw van Rusland” genoemd.

Tsaar Paul I / Bron: Vladimir Borovikovsky / Wikimedia CommonsTsaar Paul I / Bron: Vladimir Borovikovsky / Wikimedia Commons

Paul I (tsaar van 1796-1801)

Het is goed te bedenken dat in dat cruciale jaar 1762, toen Peter III op de troon kwam, maar al spoedig vermoord en vervolgens opgevolgd werd door zijn vrouw Catharina, Ivan VI ook nog een rol als mogelijke troonopvolger (sinds 1741) in dat drama speelde – zij het verborgen en ver weg. Tot hij in 1764 dus ook uit de weggeruimd werd. Vooruitlopend op de geschiedenis moet geconstateerd worden dat ook Catharina’s zoon door een gewelddadige dood om het leven kwam. Met andere woorden, in de periode 1740-1801 bestegen maar liefst vijf tsaren de Russische troon waarvan er drie vermoord werden …
Na de dood van Peter III reed Catharina in september 1762 Moskou binnen, in gezelschap van onder meer haar toen achtjarige zoon Paul (1754-1801), de tsarevitsj dat is “de zoon van de tsaar”. Op de 22e van die maand kroonde zij zichzelf tot tsarina in de kathedraal van Maria-Tenhemelopneming. Na afloop benoemde ze Grigori Orlov tot haar adjudant-generaal. Alle Orlov-broers – het waren er vijf – werden tot graaf verheven. Het zoonschap van Paul was toen nog niet omstreden. Maar dat veranderde toen zijn moeder later bekend maakte dat haar toenmalige minnaar Sergej Saltykover de werkelijke vader was. Mogelijk hing dat samen met het feit dat ze niet overweg kon met haar zoon en daarom, door twijfel over zijn recht op het keizerschap te zaaien probeerde zijn positie te ondermijnen.

Pauls leven tot 1796

Paul werd op 20 september 1772 achttien jaar. Het werd tijd dat hij trouwde en een eigen hof zou hebben en ook een politieke rol zou spelen – vonden hij en zijn gouverneur en adviseur Nikita Panin. Catharina ging op zoek naar een geschikte echtgenote voor Paul en vond die in de persoon van Prinses Wilhelmina van Hessen-Darmstadt. In 1773 trouwde het paar. Wilhelmina kreeg als nieuwe naam Natalia (Natalie) Aleksejevna. In 1776 overleed ze bij een miskraam. Catharina arrangeerde snel een nieuw huwelijk: nog datzelfde jaar hertrouwde hij met Sophia van Württemberg die sindsdien Maria Fjodorovna heette. Paul en zijn tweede echtgenote kregen tien kinderen. De eerste, een zoon, werd in 1777 geboren – de latere Alexander. Een van de andere kinderen was Anna Paulowna, de latere echtgenote van Koning Willem II der Nederlanden.

Slechte verstandhouding moeder – zoon

Net als Peter III, was Paul een bewonderaar van Pruisen. Dat baarde Catharina zorgen en zo ook haar onafscheidelijke adviseur, vertrouweling en opperbevelhebber van het leger Prins Potjomkin. Eigenlijk was Potjomkin en niet Paul de tweede man van het rijk – een situatie die niet overeenkwam met de ambities van de tsarevitsj. Mede ingefluisterd door Panin vreesde hij ooit helemaal uitgeschakeld te zullen worden. In 1780 maakten Paul en Natalia, daartoe gedwongen door Catharina, een Grand Tour naar Oostenrijk – daar was toen Jozef II keizer, voor wiens verlicht-absolutisme de tsarina bewondering koesterde. Paul was zo onverstandig aan de keizer te laten weten dat hij Potjomkin vanwege diens buitenlandpolitiek wel in de gevangenis wilde. Catharina kwam dat ter ore. Ze nam haar zoon diens uitlatingen natuurlijk zeer kwalijk en ze wist ook dat haar zoon haar niet vertrouwde, maar toch probeerde ze in contact te blijven staan met hem. Ze schonk hem als blijk van goede wil het landgoed dat aan Grigori Orlov had behoord (die was in 1783 krankzinnig overleden). Toen Catharina er later achter kwam dat haar zoon een verhouding met een hofdame van zijn vrouw was begonnen, keurde ze dat af; ze nam dat (ook) Paul zeer kwalijk. Ze raakte er in die tijd steeds meer van overtuigd dat de toekomst van het Russische rijk bij haar kleinzoon Alexander lag, die ze steeds meer onder haar hoede nam.

Een revolutionaire tijd en machtsstrijd

In 1789 was in Frankrijk de revolutie uitgebroken, wat veel invloed had op de verdere ontwikkeling van vele andere landen. In januari 1790 overleed Catharina’s bondgenoot Keizer Josef II waardoor de positie van Pruisen versterkt werd. Te meer daar dat koninkrijk een bondgenootschap sloot met de Turken en het revolutionaire Polen. Wat Catharina betreft was het een crisissituatie, niet in de laatste plaats omdat tegelijk “het Franse gif”, zoals ze de revolutie van 1789 noemde, zich naar Rusland verspreidde. En toen in 1793 Lodewijk XVI werd onthoofd in Parijs, deprimeerde dat de tsarina hevig.

Voor Catharina gingen de jaren tellen. Als ze Paul wilde passeren bij de troonopvolging moest ze een vrouw vinden voor haar kleinzoon Alexander. Ze arrangeerde een huwelijk van Alexander met een Duitse prinses die vanwege het huwelijk (en bekering tot de orthodoxie) de naam Elisabeth Aleksejevna kreeg. Spoedig “verloren de jongelieden hun onschuld door de seksuele en politieke intriges aan het hof en werden vermalen in de machtsstrijd tussen Catharina en Paul,“ (Montefiore, p. 294). Paul verbleef in die tijd op zijn landgoed Gattsjina, 45 km. ten zuiden van Sint-Petersburg. Tot ongenoegen van de tsarina verbleef Alexander, samen met zijn broer Constantijn, vaak bij zijn vader, die op zijn landgoed een, vergeleken met het hofleven in de hoofdstad, eenvoudig leven leidde. Dat was met name een militair leven want vader had op Gattsjina een privéleger van 130 officieren en 2000 soldaten verzameld. Hij was er berucht vanwege zijn “krankzinnige militaire drilpraktijken” – waar trouwens ook zijn zoons wel vaak slachtoffer van werden. (Montefiore, p. 297). Catharina verafschuwde het militarisme van haar zoon en werd er meer dan ooit op gebrand dat Alexander tsaar moest worden (hoewel zij zelf geen problemen had met de verovering van een deel van Polen waarbij op 18 oktober 1794 bij Warschau 7000 mensen vermoord werden).

Paul op de troon

Op 5 november 1796 kreeg Catharina een zware beroerte. Zoon Paul werd gewaarschuwd, spoedde zich naar het Winterpaleis, trof zijn moeder daar stervende aan, maar keurde haar nauwelijks een blik waardig. Hij haastte zich naar haar privévertrek waar hij zich installeerde en beval hem alle papieren van Catharina te overhandigen. Hij liet het decreet van de tsarina dat hem uitsloot van opvolging verscheuren. ’s Avonds blies Catharina de laatste adem uit en de procurator-generaal riep Paul uit tot nieuwe tsaar. Deze maakte spoedig korte metten met alles wat met zijn moeder te maken had. Hij liet het leger reorganiseren in Pruisische trant. Strenge discipline in het leger, militair vertoon en anti-revolutionaire maatregelen in zijn rijk waren kenmerkend voor het regime van de nieuwe tsaar. Hij genoot van macht en zag zichzelf in de eerste plaats als soldaat. Daarbij was hij buitensporig stipt en prikkelbaar. Hij nam afscheid van het pact tussen monarch en edelen (de aristocratie) dat sinds tsaar Alexej (de vader van Peter de Grote) de machtsbasis van het Russische bestuur was geweest. Een typerende maatregel in dat verband was het afschaffen van de wet die het opleggen van lijfstraffen aan edelen verbood. Hij was dwangmatig en neurotisch, had zo nu en dan enorme woedeaanvallen. Toch probeerde hij, op zijn manier, wel om vroom en rechtvaardig te zijn, zo schreef een tijdgenoot. En een ander merkte op: “Geen enkele soeverein was zo vreselijk in zijn strengheid of zo tolerant als hij in een edelmoedige bui was.”

De politiek van Paul I

Paul was actief op het gebied van de internationale politiek. Hij had een grote aversie tegen alles wat met de revolutie in Frankrijk te maken had en sloot zich aan bij de Europese coalitie tegen Napoleon. Hij leverde gaarne troepen voor de Russisch-Engelse inval in Noord-Holland, om zo uiteindelijk een einde aan de Franse macht in Europa te maken. Die inval mislukte. En, typisch voor zijn manier van optreden, hij gooide in één keer zijn hele beleid om. Napoleon was opeens zijn held geworden en hij overwoog zelfs oorlog tegen Engeland te gaan voeren. “Hij is letterlijk niet bij zinnen,” berichtte de Engelse gezant in Rusland. En er waren er meer die aan zijn geestesgesteldheid gingen twijfelen. Zijn oude gouverneur Panin meende dat hij krankzinnig was en vermoord zou moeten worden. Daarover voerde hij overleg met de (toen nog) relatief ruimdenkende Alexander die een afkeer van zijn vader had. Het plan mislukte. Wel werd Paul wantrouwiger dan ooit, wat een schrikbewind van zijn kant opleverde dat angst veroorzaakte en precies datgene bewerkstelligde waar hij zo bang voor was. (Montefiore p. 319).

De tsaar was ondertussen verder gegaan met expansie van zijn Rijk. Hij bezette gebieden in de Kaukasus en begon met plannen om ook het gebied aan de oostkant van de Beringstraat te bezetten (wat nu Alaska is en dat in 1867 werd verkocht aan Amerika). En hij was ondertussen, in samenwerking met Napoleon, aan zijn oorlog tegen Groot-Brittannië begonnen. In dat kader gaf hij aan een Kozakkenleider opdracht met een leger richting India te trekken.

Paul vermoord

De geruchten over een complot tegen de tsaar bleven aanhouden. Hij liet een nieuw paleis bouwen in het centrum van Sint-Petersburg dat eigenlijk een kasteel was, compleet met slotgrachten en ophaalbrug. Daar leidde hij een min of meer verschanst leven. Ook in verband met zijn angst voor een samenzwering liet hij begin 1801 twintig officieren verbannen. In maart dat jaar werd hem meegedeeld dat zijn zonen van plan waren een coup te plegen. Hij liet hen en hun moeder (Maria) onder huisarrest plaatsen en liet zichzelf bewaken door een groep gardisten. Echter, er werd hem verteld dat die gardisten eigenlijk jacobijnen (dus revolutionairen) waren en hij stuurde ze weg. Toen er verwarring ontstond – het was een nacht in maart 1801 – maakte een groep samenzweerders onder leiding van graaf Nikolaj Zoebov (‘de Kolos’) daar gebruik van om de slaapkamer van Paul binnen te dringen. Deze probeerde zich nog te verbergen, maar tevergeefs. De tsaar werd gegrepen, toegetakeld en gewurgd. De samenzweerders riepen nu Alexander uit tot tsaar. Deze schrok toen hij hoorde wat eraan de hand was. Hij had zijn vader wel willen afzetten, maar niet laten vermoorden. Hij voelde zich schuldig en de moord bleef boven hem zweven “als een gier“ en vaak zag hij Pauls verminkte lichaam voor zich en bleef dan “uren lang alleen zitten, in stilte”, zo schreef later vorst Czartoryski, officier en een vriend van Alexander (en getuige van de gebeurtenis). Ook zijn moeder Maria was ontzet over de moord. Toch moet ook geconstateerd worden dat geen van de moordenaars werd vervolgd. Wel werd een aantal samenzweerders verbannen naar hun landgoederen, die vaak ver van de hoofdstad waren gelegen. En Alexander liet alle maatregelen van zijn vader ongedaan maken. Zo herstelde hij de rechten van de adel – de gang van zaken met zijn vader had hem geleerd dat de edellieden maar beter te vriend gehouden konden worden –, ontbond de geheime politie en verleende amnestie aan degenen die door Paul waren verbannen. En hij riep de kozakken die op weg waren naar India terug en ontwikkelde een hartelijke band met Groot-Brittannië (later zou die relatie drastisch veranderen).

De geschiedenis gaat door

Paul I werd vermoord en na hem nog twee: Alexander II (hij regeerde van 1855-1881) en – waarschijnlijk de bekendste in 1918 Nicolaas II. Van de tien tsaren uit het Huis Romanov die regeerden in de periode van 1762-1918 (een tijdsbestek van 156 jaar) kwamen er vijf op gewelddadige wijze om het leven. Een buitengewoon hoog aantal vergeleken met andere Europese vorstenhuizen.

Lees verder

© 2017 Petervandenburg, het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
De laatste zes Russische tsaren (1796 - 1917)De laatste zes Russische tsaren (1796 - 1917)Om te onthouden wie de laatste zes Russische tsaren waren is een handig ezelsbruggetje bedacht: panaan. Dit staat voor P…
Tijdslijn Russische geschiedenisTijdslijn Russische geschiedenisDit is een handige tijdslijn van de Russische geschiedenis. Deze valt in grofweg zes periodes in te delen. Via het Kievs…
Hermitage: de Amsterdam-St. Petersburg connectieOp 19 juni 2009 werd in Amsterdam de dependance van de beroemde Hermitage in St. Petersburg officieel geopend door konin…
Tsarina Catharina de GroteTsarina Catharina werd beroemd vanwege haar verlichtingsidealen, die ze probeerde door te voeren in het Rusland van de a…
Tsaar Nicolaas IIHij heeft een warme, ongecompliceerde jeugd gehad, wat eigenlijk wel iets heel bijzonders was voor een troonopvolger. Hi…
Bronnen en referenties
  • Inleidingsfoto: Godot13 / Wikimedia Commons
  • S.S. Montefiore, De Romanovs, 1613-1918 (Nieuw Amsterdam, 2016
  • C.D.J. Brandt en H. van Werveke redactie, Wereldgeschiedenis - deel 5 en 6 (uitg. Unieboek, Bussum 1972)
  • Sesam Atlas bij de wereldgeschiedenis – 2, (uit. Bosch en Keuning, Baarn 1967)
  • https://www.genealogieonline.nl/west-europese-adel/I7306.php
  • https://nl.wikipedia.org/wiki (onder meer ‘Lijst_van_heersers_van_Rusland’)
  • Afbeelding bron 1: Vladimir Borovikovsky / Wikimedia Commons

Reageer op het artikel "Tsaren van Rusland - van Ivan IV naar Paul I (1547-1801)"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Infoteur: Petervandenburg
Laatste update: 27-03-2017
Rubriek: Kunst en Cultuur
Subrubriek: Geschiedenis
Bronnen en referenties: 7
Schrijf mee!